Posts Tagged ‘Schotland’

Recensie: Malcolm Middleton – Waxing Gibbous

juni 30, 2009

malcolmmiddleton_waxgbkelmSoms hoef je niet rouwig te zijn als één van je favo bandjes uit elkaar valt, want het kan vaak resulteren in de opstanding van een paar nieuwe, sprankelende acts voor de prijs van één. Uiteraard werkte dat niet zo voor bijvoorbeeld The Libertines, maar uit het as van de Delgados kwamen zowel Emma Pollock als Alun Woodward (als Lord Cut-Glass) sterk naar voren met prima soloplaten. Zo ook bij het Schotse Arab Strap. Toen het Falkirk duo in 2006 gracieus maar een beetje mopperend afscheid van ons nam, was het bijna een gegeven dat tekstschrijver Aidan Moffat in zijn eentje genoeg te zeggen zou hebben. Inmiddels bewandelt hij zijn solopad dan ook succesvol. Maar zijn voormalige sidekick Malcolm Middleton is verworden tot een bitterzoete, eigenaardige songsmit met een cult reputatie gedurende de vier – en met ‘Waxing Gibbous’ vijf – solo albums die hij sindsdien uitbracht.

Maar de man heeft ons inziens een grote gave: om contrasten met gemak aan elkaar te verbinden. Hij pent over ‘the usual shite’ – doodnormale en mindere leuke zaken des levens – echter doet dat met gruwelijk depri teksten vol droog cynisme. Die treffende, weemoedige lyrics zijn dan weer verpakt in een laconiek muzikaal dekentje. Een vaak vrolijke omlijsting houdt zijn melancholieke songs prima behapbaar. Een goed voorbeeld van dat kunstje is zijn kerstsingle (compleet met dakloze kerstman in de videoclip) genaamd ‘We’re All Going to Die (Alone)’ uit 2007. Hij bereikte met dat ‘blije liedje’ per ongeluk bijna de eerste plek in de hitlijst. Maar ook op ‘Waxing Gibbous’ – de titel verwijst naar de maanfase voor volle maan en is optimistisch bedoeld – kan hij er weer wat van.

Vurige en melodieus florerende indiefolk liedjes, die comfortabel tussen het meer uptempo (zoals de aanstekelijke single ‘Red Travellin’ Socks, waarin Malcolm nog nooit eerder zo happy klonk), het tragere introspectieve (‘Carry Me’ bestaat voornamelijk uit een rouwige monoloog met trieste cello en is een mistroostige ode aan een kindertijd toen de toekomst nog veelbelovend leek en in ‘Box & Knife’ met donkere electro en ambient soundscapes klinkt hij nogal suïcidaal) en alles ertussen (‘Kiss The Station’ is een levendige, prettige ballad met een geïnspireerde midden sectie en vocale begeleiding) zweven. De electronische beats die her en der zijn ingezet (‘Zero’) voelen soms wat misplaatst aan.

Alleen in ‘Made Up Your Mind’ horen we Middleton volledig akoestisch met zijn verhalende monotone stem en dat blijft toch zijn beste pak om aan te trekken. Al kreeg Malcolm voor deze plaat levendige bijval van Arab Strap-lid Jenny Reeve en King Creosote (aka Kenny Anderson) voor schitterende backing vocalen, terwijl Barry Burns, één van de postrockgoeroes van Mogwai, hier en daar heel fijn aanvult met zijn sferisch gepluk. ‘Ballad Of Fuck All’ is ondertussen het ultieme nummer waar de singer-songwriter al die jaren naartoe lijkt te hebben gewerkt.

Dat is dan een mooi gegeven, want Middleton heeft laten weten dat hij voorlopig het leven als soloartiest achter zich wil laten en het hoog tijd vindt voor iets anders. Met deze laatste bedachtzame, charmante, somber-vrolijke en grappige plaat sluit hij zijn solo oeuvre dus af. Laten we hopen dat Malcolm iets anders vindt, iets instrumentaals of een nieuwe band met strijkorkest, want we genieten altijd zo van zijn input. Misschien moet hij zijn gediscontinueerde serie girlband covers weer oppakken. Maar laat hem niet stoppen, want we zouden hem schromelijk missen.

‘Waxing Gibbous’ is een soundtrack voor een luie, grijze Schotse dag en er valt toch nog wat te glimlachen. Zoals die wrang lachende, moeilijk kijkende maan op de hoes…

SPINNER SCORE: 79/100

Advertenties

Plaatjes Kijken: Boards Of Canada – Music Has The Right To Children

juni 4, 2009

boc_musicrighttochildrennk

Of je ‘m nou ziet in de vinylbakken, de cd-winkel op ’t station of de iTunes Store, soms is een albumhoes genoeg om een bepaalde plaat te willen hebben. De ene keer een absolute aanwinst, de andere keer een gedrocht dat je nooit meer draait, maar in ieder geval bijzonder genoeg om naar te blijven kijken. Deze week:

Boards Of Canada – Music Has The Right To Children

‘Music Has The Right To Children’ is het debuutalbum van Schots (en dus niet Canadees) electronisch muziekduo Boards Of Canada (BOC) en verscheen op 20 april 1998 via Warp Records in Europa (op 20 augustus in Amerika door Matador). Hoewel BOC’s blauwdruk voor ambient luistermuziek – warme en rake retro klinkende electro-synth instrumentals met midtempo hip hop beats, af en toe wat licht scratchwerk en duistere vocaal samples – niet echt revolutionair was, sloeg ‘Music Has The Right To Children’ in als een bom.

Net als het vroege werk van Aphex Twin of Autechre (beiden op Warp) wist ook BOC hun Amerikaanse voorlopers te evenaren en een krachtige, melancholische bezieling over te brengen met hun anderszins ingewikkelde en machinaal gemaakte, psychedelische muziek. De twee broers – die afgezonderd resideren in de overblijfselen van een commune ergens diep in het bos van Schotlands Pentland Hills – creëerden een breed en gelaagd, rustgevend schilderij met uitwaaiierende, avontuurlijke soundscapes, opgebouwd uit samples die vaak letterlijk uit het leven zijn gegrepen.

Zo hoor je bijv. echte kinderstemmetjes en speeltuingeluiden voorbij komen, werden er opnames gemaakt in de natuur, zijn er subliminale en ‘omgekeerde’ boodschappen te ontwaren en verwijzingen naar religeuze stromingen en mathematische patronen. Het droeg bij aan de mystiek rondom de plaat (ze werden zelfs beschuldigd van brainwashen) die in ’98 werd bestempeld als één van de top- en doorbraakalbums in het electronische genre. De plaat veranderde ‘het gezicht’ en fungeerde als een poort voor diegenen die het genre ontoegankelijk vonden.

Marcus Eoin en Michael Sandison hielden alles in eigen hand: de opnames voor en de productie van het album en ook het artwork voor de dubbel cd en LP release (geperst bij Damont Adio Limited) werd door hen zelf verzonnen. Je krijgt in dit genre standaard vrij koele en cleane hi-tech beelden op je afgestuurd, maar juist daarom valt het artwork van deze plaat zo op. Het album is naast een innovatieve plaat wegens de warme, akoestische instrumentatie tevens een afwijkend album qua artwork. De tegenstrijdigheid in de tracks (electronisch vs. akoestisch, oftewel in de koude winter beluisteren als de zon over de bergen schijnt) wordt perfect weergegeven.

We zien een knus ogend, nostalgisch tafereel. Als je de hoes van een afstandje bekijkt denk je dat je te maken hebt met een vrolijk, nonchalant freakfolkalbum, maar de vale kleuren en zeven gezichtsloze figuren voor een vage achtergrond geven de kijker uiteindelijk toch een vrij ongemakkelijk gevoel mee. ‘Music Has The Right To Children’ is een eerbetoon aan de jeugd. De hoes en de muziek hebben een tijdloze ‘feel’. De onbezonnenheid en onschuld van het opgroeien als kind straalt door, maar dat is ook een beetje eng natuurlijk. Die gevoelens zitten verpakt in de coverfoto (waarvan we de origine helaas niet kennen). Het gekozen lettertype, een verwijzing naar de Bauhaus periode, ondersteunt het ‘lieve’ uiterlijk.

‘Music Has The Right To Children’ verscheen in 2004 opnieuw in één verpakking met het album ‘Twoism’ (de eerste officiële release van BOC uit 1995) bij PIAS. De plaat hield dezelfde albumhoes, alleen de labels waren iets anders gekleurd dan de originele persing. Van Pitchfork kreeg dit pakketje een dikke tien…

Mogwai komt weer: zomerconcerten in Haarlem en Eindhoven

april 13, 2009

We geven meteen toe grote fans te zijn van de Schotse postrockhelden MogwaiWe zijn dan ook heel blij te kunnen melden dat de Glasgowse meesters van de minutieuze opbouw voorafgaand aan hun zomer festivaltournee nog wat kleinere zaaltjes aandoen. Mogwai komt de oren van de kop spelen in Haarlem en Eindhoven!

De zomertournee start in juni (bekijk de volledige tourlijst op hun MySpace site). Op 4 juli staat Mogwai op de planken bij Rock Werchter te blazen. Maar op de woensdag voorafgaand aan het Belgische festival bevolkt de oerendharde woeste band eerst nog de planken van de Effenaar in Eindhoven (1 juli), om de volgende dag – 2 juli – vast en zeker een broekspijpwapperende gig te geven in het Patronaat (Haarlem).

Het meest recente album ‘The Hawk Is Howling’ kwamen ze vorig jaar al voorstellen, maar dat materiaal zal toch het grootste deel uitmaken van de set. Gelukkig komen er ook immer gouwe ouwe klassiekers voorbij, daar hoef je niet bang voor te zijn. Voor 20 euro koop je een ticket voor één van de NL-concerten. Bij het Patronaat kun je al terecht, vanaf 15 april ook bij de kassa van de Effenaar.

Haal je oordoppen maar vast uit de mottenballen! JIHA!

Recensie: De Rosa – Prevention

april 1, 2009

‘Prevention’ is de tweede schijf van deze indierock band uit Bellshill, Schotland en opvolger van het heel aardige ‘Mend’ uit 2006. De liefhebbers die ze met hun debuut aantrokken zullen na een eerste draaibeurt een beetje ontgoocheld zijn, om daarna het album vast en zeker steeds meer te omarmen. Want de ‘veranderingen’ zijn heel even schrikken, maar vallen daarna prima op zijn plek.

De opliftende zang met accent van snarenplukker en songwriter Martin Henry Johnson staat nog steeds centraal in de sterk gearrangeerde, eerlijke gitaargeoriënteerde rocksongs, maar De Rosa heeft er ditmaal electronica doorheen geweven. Dat is echter zo subtiel en vindingrijk gedaan, dat het de nummers kracht bijzet en een verdieping meegeeft. Het zorgt voor een avontuurlijk geluid waarin voor de oplettende luisteraar vanalles te ontdekken valt.

Het tempo is op ‘Prevention’ ook wat naar beneden geschroefd. Het gaat van kalme, rustgevende popliedjes zoals ‘It Helps To See You Hurt’ met een mooi achtergrondkoortje en ‘Pest’ met een tokkelend gitaarriffje tot af en toe een aardige folky rockuitspatting, immer met een theatrale vibe. Soms wordt dat ook samengepakt, als in ‘Love Economy’ (over de huidige economische situatie), dat ingetogen begint en uitmondt in een meeslepend nummer met intrigerende geluidseffecten. Of het melancholieke ‘Under The Stairs’, dat opbouwt naar een spetterend einde.

Maar ook een walsje wordt niet geschuwd (‘Stillness’) en Fleet Foxes waren rond in ‘Swell’. Er hangt over het hele album een soort constante dreiging, die vaak op de achtergrond blijft, maar zich soms naar de voorgrond wringt. Kortom, een gevarieerd plaatje dit (overigens wederom geproduceerd door ‘Mend’-man Andy Miller).

Ondanks de ietwat nieuwe sound houdt De Rosa het toch consistent. Het is alleen jammer dat Johnson ook in elk nummer een boodschap kwijt wil. Dat neem wat van de prettige energie en drive uit de nummers op ‘Prevention’ weg. Voor sommigen, die de diepgang niet opzoeken, zal het overkomen als gezeur. Al met al is het een flinke stap vooruit voor De Rosa, niet teveel experiment, maar goede aanvullingen en uitstapjes. Tis alleen ff wennen.

SPINNER SCORE: 76/100

Vers Bloed uit… Glasgow

maart 21, 2009

In ieder stadje een ander… bandje! Maken ze de hipste tunes in Londen? Of gebeurt het nu allemaal in Almere-Buiten? Soms zie je door de bomen het bos niet meer. Wat moet je nou checken? Wij zoeken in alle gaten, in welke uithoek van de aardkloot dan ook naar het heetste nieuwe muzikale talent. Van Lutjebroek tot The Big Apple, van Tokyo tot aan Stadskanaal: in de rubiek ‘Vers Bloed’ biedt Spinner je de helpende hand!

Nu in ‘Vers Bloed’: Glasgow! Een zeer creatieve bodem. Er komen legio talentvolle bands en artiesten vandaan. Reden om als eerste in deze stad te gaan snuffelen. We hebben er zes voor je opgeduikeld!

* Dananananaykroyd: Rare naam, maar kennelijk zijn deze zes live ontzettend goed, dus dan mag dat. Hun gigs worden nogal eens vergeleken met de spetterende shows van At The Drive In, maar Sonic Youth en Fugazi worden er ook vaak aan de haren bijgesleept. Met twee drummers in de gelederen knallen ze er keiharde beats uit, sturen de twee snarenplukkers aanstekelijke riffs op je af, schrikken ze niet terug van noise en de zanger gilt de longen uit zijn lijf. En het blijft nog melodieus ook, al noemen ze hun songs ‘fight-pop’. Toerde al met Kaiser Chiefs en Foals en het debuut ‘Hey Everyone!’ komt in april uit bij Best Before Records. Check muziek op Dananananaykroyd’s MySpace site.

* Tommy Reilly: Een singer-songwriter en tegelijk one-man band (zang, gitaar, piano, drums, harmonica) die met intieme, vaak akoestische songs en melancholieke stem je hart in tweeën weet te breken. Het vergaat Tommy Reilly voorspoedig sinds hij in 2008 de winnaar werd van Channel 4’s Orange Unsigned Act competitie, waarmee hij een platendeal verdiende. Zijn eerste single ‘Gimme A Call’, 23 februari verschenen, slaat enorm aan. Een geweldige prestatie voor de 19-jarige, die vorig jaar nog tijdens muziek college zat te dromen over dit doorbraak moment. Extreem getalenteerd en een hoge aaibaarheidsfactor. Bob Dylan comes to mind, maar hij heeft duidelijk zijn eigen, intense stijl. In juni moet zijn debuutplaat verschijnen. Check muziek op Tommy Reilly’s MySpace site.

* The Phantom Band: Hun eerste eigen beheer single kreeg vorig jaar veel aandacht. Glasgows indielabel Chemikal Underground pikte ze direct op. Het zestal heeft het debuut ‘Checkmate Savage’ – de reviews bezigen het predikaat ‘meesterlijk’ – nèt uit. Eerst steeds optredend onder een andere naam, verkleed of met zakken over het hoofd spelend, vond de groep haar dwarse stijl. Met een allegaartje aan invloeden maken ze hun eigen muzikale fantasie. Krautrock, folk, pop, country, hypnotiserende postrock zoals Tarwater en To Rococo Rot, snufjes The Fall, The Beta Band, Violent Femmes, Velvet Underground en West-Coast harmonieën. Een soort Captain Beefheart meets Bonnie ‘Prince’ Billy of een botsing tussen Neu en Nick Cave. Moeilijk te categoriseren, zeker beluisteren! Check muziek op The Phantom Band’s MySpace site.

* The Dykeenies: De oorsprong is grappig: iemand daagde de drie (inmiddels nog twee) broers Henderson en twee vrienden uit dat ze geen album op konden nemen en uitbrengen onder een bandnaam die het woord ‘dyke’ (lesbo) bevatte. Dus wel… Met hun eerste gig haalden ze een platencontract binnen van het nieuwe King Tuts Recordings. In 2007 verscheen het debuut ‘Nothing Means Everything’ met lyrische rocksongs vol emogevoel in de lijn van Cribs, Bloc Party and The Futureheads. Pas bij de derde poging met single ‘New Ideas’ scoorden ze een bescheiden hitje. Opvolger ‘Clean Up Your Eyes’ werd nummertje 1 in Schotland. Hun tweede schijf staat gepland voor deze zomer. Check muziek op The Dykeenies’s MySpace site.

* Remember Remember: Melodieuze postrock en meeslepende ambient soundscapes. Zo goed dat het op het label van Mogwai zit. Remember Remember is het soloproject van ex-Multiplies en Royal We lid Graeme J.D. Ronald. Hij bouwt zijn geluid op met loopende gitaarriffs, sound effecten met opwindspeelgoed, een roll ducktape of een bandrecorder en is niet vies van noise crescendo’s. Het gelijknamige debuut verscheen eind vorig jaar. Er wordt met namen gesmeten als Brian Eno, Philip Glass, Animal Collective en zelfs Michel Gondry. Hij geeft unieke, avontuurlijke shows weg. Alles van handclaps tot Irn Bru wordt live gesampled, geloopt en gemengd. Check muziek op Remember Remember’s MySpace site.

* St. Deluxe: Wordt naarstig getipt als the next big thing. BMX Bandits leden Jamie Cameron en Martin Kirwan begonnen de band en zochten er Stuart Kidd en Brian McEwan bij. Samen maken ze broeierige, dromerige en pure popnoise, zo is te horen op hun kersverse debuutalbum ‘St Deluxe’. Uit op het nieuwe label van Joe Foster, ex-Creation, die St. Deluxe liefkozend de Schotse Nirvana van de 21ste eeuw noemt. Denk in de richting van de vuige rock van Dinosaur Jr., de huilende gitaren van Sonic Youth, de wollige shoegaze en lijzige vocalen van My Bloody Valentine, de harmonieën van Teenage Fanclub en de aanstekelijke melodieën van Pavement. Check muziek op St. Deluxe’s MySpace site en lees de ‘St Deluxe’ review op Spinner.

We zouden zo nog een hoop opkomende Glasgowse bands kunnen noemen, als de al voor Eurosonic besproken Hudson Mohawke, Galchen, Brother Louis Collective, Helfesten, Zoey van Goey en Manda Rin. Doen we niet, maar mocht je geinteresseerd geraakt verder willen neuzen dan check je deze nog even. Of beluister nieuwe Glasgowse bands via deze LastFM site.

Naar de volgende stad: Utrecht

Eerste levensteken Camera Obscura’s ‘My Maudlin Career’

februari 12, 2009

Pas met de derde schijf ‘Let’s Get out Of This Country’ (2006) – en daar wordt overigens Schotland mee bedoeld – kregen de meesten pas in de gaten dat Camera Obscura eigenlijk heel mooie en gevoelige indiepop liedjes schrijft. Die doorbraak is naast goede songs mede te danken aan de productionele capaciteiten van Jari Haapalainen (Peter, Bjorn & John, The Concretes). De Glasgowse band schakelde de Zweed wederom in voor de opvolger en hun debuutalbum bij platenlabel 4AD, ‘My Maudlin Career’, dat op 20 april verschijnt.

Zangeres Tracyanne Campbell omschrijft ‘My Maudlin Career’ als ‘vrij donker’ en ‘brutaal’ van toon. Oei, dat klinkt meteen als ‘rigoreus anders’. Nou, dat valt dus wel mee. In het begin is het inderdaad wat duister, maar zodra Campbell’s stem invalt, valt er ook een fijne hook in en krijgen we toch hoop. Een snufje The Concretes van Haapalainen. Dat brutale vinden we niet echt terug in de Phil Spector-achtige, weelderige badkamer piano klanken…iets meer in de ehm, ‘vette’ gitaarsolo…

Dit voorproefje in de vorm van ‘My Maudlin Career’ is van Camera Obscura’s site te downloaden. De eerste officiële single ‘French Navy’ komt pas op 13 april uit.

Belle & Sebastian’s Murdoch komt met film en soundtrack

februari 8, 2009

Wie goed naar de teksten van Belle and Sebastian aanvoerder Stuart Murdoch heeft geluisterd, weet dat hij van verhaaltjes vertellen houdt. Dus zijn we niet erg verbaasd over het feit dat de Schot een muzikale film heeft gemaakt, genaamd ‘God Help The Girl’.

Voor de begeleidende soundtrack schakelde Murdoch al zijn Belle & Sebastiaan collega’s in, en ook nog de Divine Comedy’s Neil Hannon, Asya van Smoosh en een paar online wedstrijdwinnaars. Het soundtrackalbum verschijnt in juni bij Matador Records, zo schrijft hij op zijn MySpace blog.

Alle 12 songs werden afgelopen vijf jaar geschreven en opgenomen in thuishaven Glasgow, en het orkestrale gedeelte in de Angel Studio´s in Londen. Daartussen vinden we bewerkingen van eerdere Belle & Sebastian songs als ‘Act Of The Apostle’ en ‘Funny Little Frog’.

‘Come Monday Night’ wordt de eerste single, een “wiegeliedje voor een overwerkte jongen” aldus het script. Check de MySpace pagina en beluister vast wat nieuw materiaal!

Op zijn blog heeft Murdoch het trouwens ook over een mogelijke samenwerking met Zweedse indiepop groep Those Dancing Days

Bernard Butler produceert nieuwe 1990s

januari 21, 2009

De 1990s uit Glasgow werkt naarstig aan het tweede album, ‘Kicks’ genaamd. De Schotse band heeft ex-Suede gitarist, maar ook de man achter Duffy’s succesvolle debuutplaat ‘Rockferry’, Bernard Butler bereid gevonden te producen.

De opvolger van het eerste – verrekte catchy – album ‘Cookies’ uit 2007 werd opgenomen in de Londense West Heath Yard studio van Edwyn Collins (voorheen Orange Juice) en verschijnt op 23 maart.

Op ‘Kicks’ horen we voor het eerst bassist Dino Bardot. Jamie McCorrow besloot de groep in 2007 te verlaten. Bardot heeft zijn plek ingenomen sinds het laatste deel van hun uitgebreide ‘Cookies’-tournee.

Wat we kunnen verwachten op ‘Kicks’? Kennelijk hebben de Glasgowse mannen iets met Amsterdam, want een van de songs heet ‘Vondelpark’… Een ander nummer gaat over de Duitse terroristische groep Baader-Meinof, die in de jaren zeventig operatief was. Ex-frontvrouw van The Long Blondes Kate Jackson zingt er een deuntje op mee. Nog een paar songtitels: ‘I Don’t Even Know What That Is’ en ‘Everybody Please Relax’.

Of de 1990s gaan toeren, is niet bekend, maar dat lijkt ons wel. Moeten ze toch zeker ff onze hoofdstad aandoen, met ‘Vondelpark’. Lijkt ons gezellig, kunnen we allemaal hard meebrullen.

Video: de nieuwe Franz Ferdinand ‘Ulysses’

januari 10, 2009

De release van de derde plaat ´Tonight´ van Glasgowse indierockers Franz Ferdinand komt aardig dichterbij. Eind januari ligt ie in de winkels.

De stream van de eerste single ‘Ulysses’ hadden we al eerder online gezet en sindsdien bleef dat catchy ‘la la la’ flink in ons hoofd steken. De bijbehorende videoclip is er eindelijk…

De videoclip is op zich eigenlijk niks echt bijzonders of werkelijk spetterends. De bandleden wandelen wat door de slecht verlichte straatjes van Los Angeles, hangen wat rond aan de bar of in een wasserette. En springen dan in een slecht onderhouden hotelkamer op bed rond met gitaren om en drummen op de muren.

De clip wordt weergegeven in grove beelden en is hip snel gemonteerd, maar het plezier van de bandleden spat er aan alle kanten af, al zien ze er wat verfomfaaid uit: stropdassen slecht gestropt en de haren in de war.

‘Ulysses’ blijft een fijn liedje, meer discostijl en toch zooooo Franz Ferdinand! Laat maar komen dat album. We zien ernaar uit! Franz Ferdinand speelt op 13 maart in Paradiso (Amsterdam).