Posts Tagged ‘pop’

Recensie: Blonde Redhead, ‘Penny sparkle’

november 14, 2010

Een wolk van een plaat om op weg te drijven

De nieuwe Blonde Redhead is flink wennen. Het New Yorkse trio Kazu Makino, Simone en Amedeo Pace was al bezig hun getreden pad van experimentele, sfeerrijke en melodieuze indierock met dissonante, uit de bocht vliegende gitaren te verleggen naar meer pop en elektronica. Die weg werd ingeslagen op ‘Misery is a butterfly’ (2004) en verder bewandeld op ’23’ (2007). Het zou geen verrassing moeten zijn dat achtste album ‘Penny Sparkle’ die wandel vervolgt en de grens verder opschuift. Dat was het wél voor veel fans.

Er werd gewerkt met Zweedse producers Van Rivers en The Subliminal Kid (Fever Ray). De incidentele productionele bijval van Drew Brown (Beck, Radiohead) en de eindmix van shoegazegoeroe Alan Moulder zetten de puntjes op de i. Het prachtige deluxe artwork staat voor de inhoud: het oogt sober, maar is oerend efficiënt. De songs zijn zorgvuldig, verfijnd minutieus opgebouwd. Met veel passie en bol staand van gevoel. De zin ‘Your other world (dream) is inside here’ spreekt boekdelen. ‘Penny sparkle’ klinkt alsof een kalmerend valiumpje is genomen alvorens op te nemen om in een diepe droomstaat te geraken. De trippy slowcore sfeer van ’23’ is tot in extreme vormen doorgetrokken: uitgepuurde, transparante chillout. De eerste songs dwarrelen zo voorbij.

Kazu stond nimmer zo op de voorgrond, zong nooit zo ijzig helder (haar nog donkerdere lyrics blijven vaag) en mooi. Net als Amedeo (‘Black guitar’). Ongelooflijk knap om de pracht die het oudere, typerende materiaal kenmerkt in zo’n fraaie, onderzoekende vorm te gieten. Wie de tijd neemt, merkt dat aan alles is vastgehouden. De sprankelende melodieën, het intense breekbare, het gelaagde organische. Alleen vrijwel geen gitaren en nergens een climax. De vertederende zang wordt gedragen door een spaarse, weemoedige of lieflijke, troostgevende elektronische invulling en in echo gedrenkte beats, 80’s synths en samples. Kaler, rustiger, ingetogener. Gaandeweg krijgen ze meer schwung. Vanaf halverwege het album valt het echt perfect in elkaar, die subtiele nuances. Al zijn alle songs van hoog niveau. Het betoverende ‘Love or prison’, de zweverige, trieste, beeldschone titelsong en hartbrekend schitterende ‘Spain’ zijn ware parels.

‘Penny sparkle’ is een wolk om op weg te drijven. Blonde Redhead zal er helaas not too open minded guitar fans mee verliezen. De vorige plaat had daar al last van. Wellicht krijgen ze er nu aanwas bij uit een andere hoek. Innovatie is niet altijd fijn. De manier waarop deze drie zich telkens opnieuw uitvinden valt enorm te waarderen. Dat getuigt van lef en diepgang.

CuttingEdge SCORE: 4 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

Details // CD:

* Band: Blonde Redhead
* Album: Penny sparkle
* Record company: 4AD
* Jaar: 2010
* Track list: Here sometimes / Not getting there / Will there be stars / My plants are dead / Love or prison / Oslo / Penny sparkle / Everything is wrong / Black guitar / Spain

© Cutting Edge — 14 Nov 2010
images © 4AD

Link: CD review Blonde Redhead, ‘Penny sparkle’ (2010) bij CuttingEdge

Recensie: Department Of Eagles, ‘Archive 2003-2006’

juli 21, 2010

Fascinerende beginsels van een glorievolle toekomst

Het New Yorkse duo Daniel Rossen en Fred Nicolaus heeft voornamelijk door Rossens andere band Grizzly Bear, met magnus opus ‘Veckatimest’ vorig jaar, muzikaal een groter belang gekregen. Maar als Department of Eagles werden de twee inmiddels ook genoeg veren in de kont gestoken. De twee albums ‘The cold nose’ in 2003 en ‘In ear park’ in 2008 bij 4AD met prachtige, elektronische homerecording indiepopliedjes werden lovend ontvangen.

‘Archive 2003-2006’ bevat sessies bedoeld om het tweede album van Department of Eagles te vormen. Er waren schijnbaar al genoeg opnames voor een schijf voorafgaand aan dat opnameproces. Op de compilatie staan zes volledige songs. Tegen het einde van hun studietijd aan de universiteit legde Rossen in de oefenruimte van de school een reeks korte pianostukken vast. Daar zijn er ook vijf van op dit album terechtgekomen onder de naamgeving ‘Practise room sketch’.

Vooral in de verfijnde, warme vocale harmonieën en de rijke, uitgebreide arrangementen horen we waar ‘Veckatimest’ zijn oorsprong heeft. ‘Sketch 1’ is zelfs een soort vingeroefening voor ‘Easier’. Rossen en Nicolaus flirten duidelijk met vintage Americana en folk evenals de ambitieuze composities van Van Dyke Parks’ ‘Song cycle’. Ze bewegen zich op een ander sonisch territorium en er is veel minder gedaan met elektronica. Opgenomen met brakke lo-fi apparatuur (door Grizzly’s Chris Taylor) is het knap dat het paar het mooi open en niet te geknutseld laat klinken.

In ‘Grand army plaza’ horen we een wankele Arcade Fire en de Beatles en Beach Boys hebben hun vocale sporen nagelaten in ‘Sketch 2’. De sketches zijn vaak schattige, sferische en bijna dwarrelende fragmenten, die het geheel luchtig en sprookjesachtig maken. ‘Flip’ met zijn staccato akoestische gitaarspel en dreigende akkoorden zet het nekvel overeind en ‘While we’re young’ barst verfrissend uit in gruizige energie en melodie en is een opvallend mooie popsong.

Misschien dat deze release wat te vroeg komt in hun korte carrière. Naar verluidt was het ook meer een beslissing van het management dan van de heren zelf deze schijf de wereld in te schoppen. ‘Archive 2003-2006’ blijkt het missende stukje van de Department of Eagles-puzzel. Het vervolledigt de collectie en het laat de muzikale levenswandel en fascinerende beginsels horen van de glorievolle toekomst. Een wondere en onaffe wereld, vol ideeën die hun ultieme creatieve vorm nog moesten krijgen maar al een ferme bak talent tentoonspreiden. Heel interessant en fijn voor obsessief diepgravend uitzoekwerk voor fans van Department of Eagles en Grizzly Bear!

CuttingEdge SCORE: 3 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

Details // CD:

* Band: Department Of Eagles
* Album: Archive 2003-2006
* Record company: Bella Union / V2
* Jaar: 2010
* Track list: Practise room sketch 1 / Deadly Disclosure / While we’re young / Grand army plaza / Practise room sketch 2 / Brightest minds / Practise room sketch 3 / Flip / Practise room sketch 4 (tired hands) / Golden apple / Practise room sketch 5

© Cutting Edge — 21 Jul 2010
images © Bella Union/V2

Link: CD review Department Of Eagles, ‘Archive 2003-2006’ (2010) bij CuttingEdge

Recensie: Broken social scene, ‘Forgiveness rock record’

mei 16, 2010

Een logisch en interessant vervolg

Voor de creatie van ‘Forgiveness rock record’ (hierna ‘Frr’), de vierde schijf van het Canadese indiecollectief rond Brendan Canning en Kevin Drew, is natuurlijk weer een reeks gasten ingeschakeld om een handje te helpen: Feist, Metric-zangeres Emily Haines, Stars’ Amy Millan en peeps van Do Make Say Think, The Sea & Cake en Spiral Stairs. Al vormen de zes van de BSS-tour-ine-up de kern.

Geluidsarchitect David Newfeld werd ingewisseld voor bandheld John McEntire (Tortoise/The Sea & Cake-drummer). Dat heeft ervoor gezorgd dat het album minder chaotisch en ruimtelijker overkomt en samenhangend en gefocust klinkt. Bij ‘Broken social scene’ (2005) waren er te veel koks in de keuken hun eigen speciale gerechtje aan het bereiden. Op ‘Frr’ is het recept vantevoren besproken en een taakverdeling gemaakt, zodat iedereen uit kan blinken zonder dat het uit elkaar valt. Ondersteund door een mooie heldere productie en het feit dat McEntire de nadruk op andere details heeft gelegd: meer pop-feel en de electronica is wat naar voren geschoven.

De harmonieën, de gelaagdheid en uitbundige instrumentatie mogen ondertussen een Broken Social Scene-kenmerk heten, net als het enthousiasme waarmee het wordt gebracht. Ook de stijl van afwisselend groots uitpakkende nummers, zoekende jams en schattige, ingetogen songs is vastgehouden. En toch was het behoorlijk wennen aan die eigenlijk kleine maar ingrijpende veranderingen. Drieënzestig minuten en veertien songs lang word je herinnerd aan waarom je ze ook alweer zo goed vond. Het blijkt gewoon anders verpakt en beter in elkaar gestoken.

Een nummer klinkt als Pavement, een ander als Talking Heads (‘Forced to love’) of Flaming Lips (‘Texaco bitches’). In de immense instrumental ‘Meet me in the basement’ wordt op zijn Motorpsycho’s opstuwend naar een climax gewerkt, synthpopkanjer ‘All to all’ dwingt af dat de voetjes van de vloer gaan, in het pulserende ‘Sentimental x’s’ komen de vrouwelijke vocalen prachtig samen, ‘Highway slipper jam’ kabbelt akoestisch en sferisch als Yo La Tengo, ‘Sweetest kill’ en ‘Romance to the grave’ ademen luchtige melancholie en de afsluitende gewichtloze ballad is een grappige ode aan masturbatie (‘Me and my hand’).

‘Frr’ is dus een logisch, interessant vervolg. Een voortborduren op een gevonden geluid en uitkristalliseren van wat Broken Social Scene al was. Een bijzonder gezelschap met avontuurlijke muziek. Alleen laat de eerste helft horen dat ze ook sterke popmelodieën en echte liedjes in huis hebben en tonen de laatste songs hun bekende fragmentarische, eigenwijze smoel.

CuttingEdge SCORE: 4 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

* Band: Broken social scene
* Album: Forgiveness rock record
* Record company: CitySlang / V2 Music
* Jaar: 2010
* Track list: World sick / Chase scene / Texaco bitches / Forced to love / All to all / Art house director / Highway slipper jam / Ungrateful little father / Meet me in the basement / Sentimental x’s / Sweetest kill / Romance to the grave / Water in hell / Me and my hand
* Info: Broken Social Scene speelt op dinsdag 18 mei in de Amsterdamse Melkweg.
* Concert: Broken Social Scene presents Kevin Drew

© Cutting Edge — 16 May 2010
images © City Slang/V2

Link: CD review Broken social scene, ‘Forgiveness rock record’ (2010) bij CuttingEdge.nl

Recensie: Josh Ritter, ‘So runs the world away’

mei 12, 2010

Grote klasse

De uit Idaho afkomstige songbard had moeite met songs schrijven voor zijn vijfde studioalbum en opvolger van ‘The historical conquests of Josh Ritter’. Hij zat in een dipje. Ritter had bereikt waar hij altijd naar had gestreefd: veel optreden en als schrijver eindelijk op handen gedragen. Het voelde alleen niet goed, hij verloor het vertrouwen in zijn eigen kunnen en originaliteit. Josh heeft dus hard gezocht naar inspiratie en die ontdekkingstocht is ‘So runs the world away’ geworden. Er staat niet voor niets een negentiende-eeuwse stoomboot op de hoes. Maar ontdekken is hier ook een metafoor voor het eenzame leven, aldus Josh.

Het blijven melancholieke, folky en altcountry singer-songwriterliedjes natuurlijk. Toch zit er behoorlijk wat variatie in binnen de grenzen van het genre. Ritters wonderschone, hemelse stem krijgt gelukkig overal voorrang op de ontzettend rijke orkestratie. Van blazers tot loops tot belletjes tot piano en orgel. Hij schuurt soms tegen overorkestratie aan en het zijn ook vrij lange songs, waardoor het wel moeite vergt alles te behappen. Af en toe vinden wij: minder is meer.

Hoewel het een echte groeiplaat is en deze zich pas na meerdere keren luisteren werkelijk aan je openbaart en je ook moet wennen aan de ingeslagen weg van Ritter – al moet je dat eigenlijk met elk album omdat hij zichzelf nooit herhaalt – staan er ook direct goed in de oorschelp vallende liedjes op. Zoals het poppy ‘Change of time’ dat je meteen meezingt en het zwierig walsende ‘The curse’.

Zijn muzikale voorbeelden klinken nog steeds door: Bob Dylan in ‘Long shadows’, ‘Lark’ is qua zanglijn en omlijsting erg Paul Simon, in het rockende ‘Lantern’ horen we Bruce Springsteen terug en in ‘Rattling locks’ Nick Cave of Leonard Cohen. Ritter wordt altijd met deze (folk)beroemdheden vergeleken en hij maakt er ook dankbaar en humoristisch gebruik van, zoals in ‘Folk bloodbath’, waarin hij refereert aan Delia, Stagger Lee, Louis Colins en in het refrein met ‘the angels laid him away’ aan Mississippi John Hurt.

Het is onbetwistbaar Ritter die machtig mooie songs brengt op zijn manier. Vol emotie, puurheid, verhalend en literair, daarmee een eigen plek verdienend in de rij der groten. De ultieme albumparel is het bij de keel grijpende ‘Another new world’. De waterlanders springen spontaan in de ogen. Ritter onderstreept alleen al met dat nummer zijn enorme klasse en toont wederom aan dat hij één van de meest getalenteerde singer-songwriters van het moment is. Eentje die we grondig moeten koesteren. Prachtplaat!

CuttingEdge SCORE: 4 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

Details // CD:

* Band: Josh Ritter
* Album: So runs the world away
* Record company: V2
* Jaar: 2010
* Track list: Curtains / Change of time / The curse / Southern pacifica / Rattling locks / Folk bloodbath / Lock / Lantern / The remnant / See how man was made / Another new world / Orbital / Long shadows

© Cutting Edge — 12 May 2010
images © Pytheas/V2

Link: CD review Josh Ritter, ‘So runs the world away’ (2010) bij CuttingEdge.nl

Recensie: Caribou, ‘Swim’

april 14, 2010

Een vloeiende injectie zomerse vrolijkheid

Het brein achter Caribou, Dan Snaith, wilde ‘Swim’ al creëren sinds hij zo’n tien jaar geleden muziek is gaan maken. De multi-instrumentalist en componist kreeg veelal lovende reacties op voorganger ‘Andorra’ (2007) en verdiende er Canada’s prestigieuze Polaris Music Prize mee. Maar de whizzkid zoekt telkens het experiment op, blijft spelen met geluiden en vindt zichzelf op elk album opnieuw uit. ‘Swim’ zou dan de optelsom moeten zijn van de eerder onderzochte stijlen.

Het is inderdaad een rijk georkestreerd, gelaagd album. Sonisch luxueus en elegant uitgevoerd. Vergeleken met ‘Andorra’ zijn de songs complexer opgebouwd. Met uiterste precisie, maar ze blijven toegankelijk. Je kunt stoned wegdromen. Alles glijdt zo aan de oren voorbij. Toch is het merendeels trancy materiaal ook zeer geschikt voor de dansvloer door de variërende ritmes. Snaith omhelst de zomerse pop stevig zonder zijn liefde voor elektronische patronen los te laten.

In opener ‘Odessa’ krijg je een injectie vrolijkheid toegediend die pas is uitgewerkt als de laatste toon wegsterft. Hoewel er een licht dramatische, ritmische basis wordt gelegd met disco en house zit in elke track een zonnestraaltje via belletjes, tamboerijn of een vreugdevol sampletje. Klanken worden samengesmolten tot er een regenboog aan de horizon verschijnt.

Een aai harp transformeert naar een resonerend dekentje van Tibetaanse belletjes (‘Bowls’), de synth golft als eb en vloed in ‘Kaili’ en een zweem sax en luchtige trompet meanderen over een eigenwijze, diepe bas en housebeats in ‘Hannibal’. De zangmelodieën, gebracht met een hoge, in echo gelardeerde, zweverige stem, nemen een prominente plek in en verleiden de luisteraar. Er is vocaal een mooie, kwetsbare glansrol weggelegd voor Born Ruffians’ Luke Lalonde in de op snijdende strijkers leunende track ‘Jamelia’.

Snaith zou zeshonderd ideeën hebben uitgeprobeerd voordat hij tot deze negen gloedvolle tracks kwam. Het voelt ook alsof ze er allemaal in zijn verwerkt tot er een vloeiend, trippy en levendig geheel ontstond. Het zit technisch en creatief verdomd ingenieus in elkaar, alsof hij het met het grootste gemak aan elkaar heeft gemixt. Als je de vorige schijf al leipe shit vond, ga je vast helemaal uit je dak van ‘Swim’.

CuttingEdge SCORE: 4 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

Details // CD:

* Band: Caribou
* Album: Swim
* Record company: Merge Records
* Jaar: 2010
* Track list: Odessa / Sun / Kaili / Found out / Bowls / Leave house / Hannibal / Lalibela / Jamelia
* Info: 21 april Paradiso (Amsterdam) / 22 april Beursschouwburg (Brussel)

© Cutting Edge — 14 Apr 2010
images © Merge Records

Link: CD review Caribou, ‘Swim’ (2010) bij CuttingEdge.nl

Concert: Motel Mozaïque 2010, zaterdag

april 11, 2010

Minder ontdekkingen, toch zeer vermakelijk

Band of Horses, copyright Dirk Sloos

De Motel Mozaïque-festivalganger kon zich zaterdagmiddag verkneukelen aan sessies in de kerk, op het Schouwburgplein hangen en kijken naar het gemêleerde publiek, een gidsentocht ondernemen of zich onderdompelen in kunst. Dat hoort allemaal tot de unieke opzet. Trok je pas ’s avonds weer naar Rotterdam dan begon je vast met Everything Everything (grote zaal Watt), want er hangt een dikke buzz om de vier jochies uit Manchester.

In hun complexe, ritmisch afwisselende popsongs staan de meerstemmige dromerige harmonieën centraal. Ze grijpen ontzettend hoge noten. Het geheel herinnert aan Bloc Party en Foals. Het was een rare keuze om vrij vroeg in de set al de catchy singles ‘Suffragette Suffragette’ en ‘MY KZ, UR BF’ te spelen. Er bleef daarna weinig over om mee te vlammen. De songs vertraagden, bombast stapelde zich op. Juist de uptempoliedjes zijn fris en aanstekelijk. Het is intelligente popmuziek voor jonge enthousiastelingen, want vooraan ontstond een kleine moshpit. Toch staan de Mancunians (***) er nog niet. Het debuut komt half augustus, dus er is tijd om naar een solidere set toe te werken.

LoneLady komt uit dezelfde stad. In haar liedjes klinkt de postpunk van grote eighties-voorbeelden als The Sound door. Nerveuze gitaarriffs, fragmentarische teksten gezongen met onderkoelde stem, leunend op krachtig strak drumwerk. Een in zwarte, hoog opgetrokken leren broek gestoken dude weefde er synth- of andere retrogeluiden doorheen. Door de afstandelijke presentatie en eenvoudig opgebouwde nummers gingen de songs live op elkaar lijken. Dat het gehuurde equipment het even begaf, haalde alle intensiteit weg. LoneLady (**) verliet het Watt-kelderpodium dan ook vroeger dan gepland.

Geeft niks. De Watt-zaal barstte al uit de voegen voor Band of Horses (****). Vanaf het moment dat charismatische frontman Ben Bridwell (tegenwoordig slank, bebaard en getatoeëerd) achter de lapsteel ging zitten en er twee grote hits doorknalden, werden de Amerikanen als helden onthaald. Ook publiekslieveling ‘The funeral’ en pareltje ‘No one’s gonna love you’ werden met verve gebracht en luidkeels meegezongen. Met het open rijke geluid, hecht behendige spel en de schitterende vocalen van Bridwell pakten de heren de zaal overtuigend in. Van volgende plaat ‘Infinite arms’ kwamen halverwege een paar nummers langs. Single ‘Compliments’ rockte behoorlijk, ‘Factory’ was poppy slepend. In de grootse toegift mochten de gitaren nog even gieren, onder meer voor een cover van Yo La Tengo’s ‘Sugarcube’.

Iedereen wilde tegelijk naar Moss in Rotown, dus pikten wij de laatste show van Benni Hemm Hemm (***) mee. IJslander Benedikt H. Hermannsson stond er met vijftien man sterk (vooral koperblazers en een traditionele bandopstelling) en even later komt daar nog eens een uitgebreid gemengd koor bij. Benni zong lyrisch bevreemdend in zijn eigen taal. In het Engels klinkt hij soms als Adam Green. Zijn gebrekkige gebabbel over ‘verdwalen in Milaan’ is innemend. Het beste was om de ogen te sluiten. Ondanks al die mensen was het muzikaal interessanter dan voor het oog. Vrij onnavolgbare sferische composities, een soort fanfare met sprookjesachtige folkinvloeden. Met een feestelijke climax van aanzwellende koorzang, blazers en ‘Lalalalaaa’ stierf het weg.

The Gaslamp Killer (****) sloot het festival ècht af met een dampende set en compleet uit de bol gaand publiek. De organisatie mag zich trots op de borst kloppen. Er werd voor de tweede keer in tien jaar uitverkocht. Een succesvolle editie met genoeg ontdekkingen. Op naar MM11!

Monique van den Boogaard

© Cutting Edge — 12 Apr 2010
images © Dirk Sloos

Link naar verslag & live foto’s Everything Everything, Lonelady, Band of Horses, Benni Hemm Hemm: Concert review ‘Motel Mozaïque 2010, zaterdag’ bij CuttingEdge.nl

Concert: Motel Mozaïque 2010, vrijdag

april 11, 2010

Overweldigende verrassingen

O

Fuck Buttons / copyright Dirk Sloos

Motel Mozaïque viert zijn tienjarig bestaan! Het Rotterdamse festival biedt elk jaar weer een overload aan muzikale verrassingen, maar heeft zich ook ontpopt tot voorloper op het gebied van kunst en performance en het betrekt de stedelijke entourage ook nog eens op bijzondere wijze in het goedlopende concept. Het centrale Schouwburgplein werd speciaal voor het lustrum omgetoverd tot Plaza Mozaïque: transparante tenten voor exhibitionistische overblijvers, intrigerende installaties en een intieme 3voor12-sessiekerk. MM10-thema ‘de zachte stad’ werd onder meer uitgedragen door stapels fatboys, een grasveld met schaapjes en slapers die letterlijk in de watten werden gelegd.

Het tweedaagse avontuur begon met het soloproject van de bebaarde TV on the Radio-zanger Kyp Malone. Rain Machine (**), met vijf vrienden, wist alleen de voorste rij van Watt te bekoren met een spanningsloze set. Omdat Kelpe werd vervangen door de lokale The New Earth Group in de kelderzaal gingen we naar Withered Hand in de Schouwburg. Hoewel Dan Wilson normaal gezelschap krijgt van Benni Hemm Hemm-leden moest de singer-songwriter het dit keer in zijn uppie klaren, want de IJslanders gaven meerdere MM-shows. Withered Hand (***) verhaalt met fragiele hoge stem, gitaargetokkel of mondharmonica over cornflakes en het verlangen om te seksen met een meisje. De pure poppy folkliedjes werden gebracht met een dosis rake humor. Zenuwachtig met overslaande stem, dat wel. Wilson heeft die grollen nodig om de aandacht vast te houden. Dat lukte nèt.

De megarij ruim voor aanvang van Mumford & Sons hielp bij de keuze voor het meedogenloze geluidsgeweld van electronoise-duo Fuck Buttons (****) in Watt. Tracks van het agressieve debuut en melodieuzere tweede ‘Tarot sport’ werden soepel met onberispelijke timing aan elkaar gesmolten. Vanaf het uitgerekte, vettige ‘Surf solar’ bleven de noisedrones intens broeierig maar beheerst naar een climax werken. Elke schokkende beweging of aanraking van de berg apparatuur door de twee werd vertaald in een donkere bevreemdende dansbare sound. De felle beats van de sterk improviserende Andrew Hung knepen de keel dicht en de microfoon werd ver in de mond gestopt door Benjamin John Power voor angstaanjagend vocaal gefreak. Overdonderend.

Overweldigend was ook Three Trapped Tigers (****). De Britten serveerden een ontoegankelijke, opzwepende mathrock-cocktail in de Watt-kelder. Aphex Twin meets Battles, daar tussenin. Eigenwijze dromerige of snerende keyboardlijnen vielen samen met stuiterende drumritmes en scheurende, noisy gitaarriffs. Bovenop het noise-bad geschreeuw van jewelste. Waar Fuck Buttons het binnen de perken hield, traden de tijgers erbuiten met een extatische set. Een groot verschil met de warme jazzy Ethiopische sound van multi-instrumentalist/componist Mulatu Astatke en de zeven funky virtuoze begeleiders The Heliocentrics (***). Als een vriendelijke opa kondigde hij de ‘Broken flowers’-soundtracksongs en andere veelal lome, op percussie en blazers drijvende nummers aan. De ambiance was zomers, maar het was toch meer chillen dan uitbundig swingen.

Het publiek in de Schouwburg ging uitgebreid zitten voor De Veenfabriek en Eckhardt (**). Alsof we met zijn allen in een minimaal verlichte huiskamer werden vermaakt door het theatrale, in 19de-eeuwse kleding uitgedoste gezelschap. Hun ingetogen, voorzichtige folkliedjes kwamen te bedacht over. Als een afstandelijk slaapmutsje. De oproep tot dansen vond dan ook weinig gehoor. Daarna was het pitten en opladen voor dag 2 of toch nog even de billen schudden bij dj-acts in Watt.

Monique van den Boogaard

© Cutting Edge — 11 Apr 2010
images © Dirk Sloos

Link naar verslag & live foto’s Withered Hand, Fuck Buttons, Three Trapped Tigers, Mulatu Astatke & The Heliocentrics en De Veenfabriek – Eckhardt: Concert review ‘Motel Mozaïque 2010, vrijdag’ bij CuttingEdge.nl

Telex: Totaalavond rondom genie Daniel Johnston: kunst, film & live muziek

maart 27, 2010

Wie ken hem niet, tekenaar en singer-songwriter en muzikant Daniel Johnston. Een underground legende uit West-Virginia die zijn cultstatus allang ontgroeid is. Geroemd door critici als een ware Amerikaanse original die in de voetsporen trad van Robert Johnson en Hank Williams. Gewaardeerd door collega’s als wijlen Kurt Cobain, die hem the greatest songwriter on earth noemde en altijd een T-shirtje van de man aan had. Ook Tom Waits en Sonic Youth kun je onder zijn eeuwige fans scharen.

Donderdagavond 1 april staat Paradiso (Amsterdam) geheel in het teken van Daniel Johnston. Dan wordt de aftrap gegeven van ‘BEAM me UP Daniel’, een programma rondom de Amerikaanse excentriekeling, waarmee Johnston en The BEAM (Brabants Ensemble Avontuurlijke Muziek) Orchestra in 18 dagen langs 14 Europese podia trekken.

De bezoeker kan deze totaalavond genieten van de bejubelde documentaire over zijn roerige, door manische depressiviteit geteisterde leven, ‘The Devil and Daniel Johnston’. In de kelder wordt Johnston’s kunst tentoongesteld, waaronder een selectie tekeningen. En tijdens een live show zal Johnston zowel solo als samen met het 11-koppige, Nederlandse BEAM orkest nummers uit zijn rijke oeuvre ten gehore brengen.

The BEAM Orchestra hercomponeerde en verzorgde alle arrangementen voor de collectie lo-fi, rauw omrande en vaak ontwapenende popliedjes van Johnston. ‘BEAM me Up Daniel’ ging vorig jaar succesvol in première tijdens November Music in W2, Den Bosch.

Om 19.00 uur gaan de deuren van Paradiso open. Om 19.30 uur mag het Belgische Tommigun de boel opwarmen met hun sfeervolle en vaak melancholieke indierock songs, door hen zelf omschreven als ‘heartbreakhangovertunes’. De film start om 20.00 uur en Johnston & co spelen vanaf 21.00 uur. Voor 22,50 euro exclusief lidmaatschap (3,50 per maand) ben je er bij!

Dit is de enige NL-show. Op 13 april kun je naar hetzelfde program in Ancienne Belgique (Brussel). De andere Europese tourdata vind je hier. Optredens van Daniel Johnston worden steeds spaarzamer, dus dit is een mooie kans om hem nog eens live te ervaren!

Uit deze samenwerking is de cd ‘BEAM me up’ voort gekomen, uitgebracht op Hazelwood Vinyl Plastics. De schijf is te koop tijdens de tournee en te bestellen bij Muzieklab (www.muzieklab.com).

Neem een voorproefje, bekijk de ‘BEAM me UP Daniel’ trailer.

Meer informatie en een berg YouTube filmpjes check je hier!

Gepost op 27 Mar 2010 door Monique van den Boogaard © Cutting Edge

Link: Telex bericht ‘Totaalavond rondom genie Daniel Johnston: kunst, film & live muziek’ bij CuttingEdge.nl

Subspecial: Nederlandse acts op SXSW 2010

maart 17, 2010

Nederland levert een reeks muzikale afgevaardigden die het he-le-maal willen gaan maken in Amerika. Naast Elle Bandita, The Black Atlantic, La Melodia, Venus Flytrap, Lucky Fonz III, Laura Jansen, Drive Like Maria en Nobody Beats The Drum, reizen ook zes acts via Crossing Border en de Gemeente Den Haag af naar Austin: John Dear Mowing Club, NiCad, The Deaf, ReBelle, So What en Woot. We pikken er vijf uit.

De 23-jarige Elle Bandita is – naast Anouk – onze enige échte rockbitch. Na deel uit te hebben gemaakt van de meidenrockbands Bad Candy en The Riplets verkoos de Rotterdamse het solopad. In 2005 verscheen haar eerste ep ‘Love juice’. Gewapend met slechts een 4-track cassetterecorder, Flying V-gitaar, drumcomputer en een ruige strot, waarmee ze trashy electropunk uitstootte in een ranzige liveshow zoals we die alleen gewend waren van Peaches, wist deze wervelwind direct te imponeren. Tot ver over de grenzen. Ze tourde drie jaar lang door Nederland en Europa en passeerde langs de grote festivals.

Elle wilde echter een stapje verder. Ze besloot nieuwe songs op te nemen met producers Reyn Ouwehand, Billinger & Marsman en stelde een begeleidingsband samen. Het resultaat: haar debuutalbum ‘Queen of fools’ dat bij PIAS verscheen in 2009. Een album vol uptempo, overrompelende electropop/punkrock dat seks, glamour en een no-nonsense houding ademt. En op de planken dendert ze rebels rond in een überstrak, zeer laag uitgesneden pakje, ondertussen de sterren van de hemel solerend en de longen uit haar dunne lijf schreeuwend, kundig bijgestaan door haar stoere mannenband. Dat moet toch succes gaan hebben daar in Austin, niet?

Woot kun je met gemak onze jongste telgen noemen. De drie getalenteerde tieners die samen de Haagse band vormen wonnen vorig jaar als Concrete de tweede prijs in de nationale schoolbandcompetitie en ze mogen nu al naar SXSW. En dat allemaal terwijl de oudste van de drie bandleden pas achttien jaar is. Concrete is echter ook een succesvolle rapper dus switchten ze over op de naam Woot, naar een overwinningsschreeuw in een populaire videogame, wat zoveel als ‘We own other teams’ betekent. Qua muziek maken ze een fris mengsel van indiepop en rock, waarin je zowel invloeden van Radiohead, The Beatles als Joy Division en Patrick Watson hoort weerklinken. Tegenwoordig leunen ze meer tegen de folk van Fleet Foxes en Grizzly Bear aan. Hun debuut-ep ‘#1’ is inmiddels een feit. Een label is er nog niet, maar wie weet is dat er na hun optredens in Texas wel …

Venus Flytrap loopt al wat langer rond. De vijf heren kwamen elkaar tegen tijdens hun studie aan de kunstacademie en vormen sinds 1996 een band. Sindsdien genieten ze een cultstatus wegens hun spetterende gigs. De Haagse indierockers gaven in 2004 ook al een showcase tijdens SXSW en mogen dit jaar terugkomen. Dat hebben ze te danken aan hun derde album en bescheiden meesterwerk ‘Come with us’ (2007, My First Sonny Weissmuller Recordings), een comebackplaat van jewelste. Venus Flytrap maakt geen makkelijke muziek, maar een hypnotiserende, soms angstaanjagende geluidstrip door een dissonante, caleidoscopische kosmos. Gillende gitaren, noisy muren, strakke baslijnen en pompende drums aangevuld met elektronische soundscapes zonder de melodie te vergeten. Hun grootste muzikale helden zijn dan ook Sonic Youth, Motorpsycho, Steve Reich, Radiohead en de Liars. Niet voor iedereen weggelegd, maar imponeren zullen ze zeker.

De Amsterdamse singer-songwriter Lucky Fonz III, oftewel Otto Fons Wichers, weet altijd iedereen om zijn charmante pink te winden met zijn ontroerende, traditionele blues- en folkliedjes en delicate kamerpop in de lijn van Johnny Cash, Bright Eyes en Badly Drawn Boy. Van straatmuzikant tot één van onze bekendste singer-songwriters, na een Essent Award, gigs tijdens Noorderslag en Lowlands en als muzikale gast in ‘De wereld draait door’. Ook het buitenland is veroverd dankzij intensief touren door Europa, Australië, Zuid-Afrika, Canada en de VS. In Amerika wordt Lucky’s muziek vaker op de radio gedraaid dan in ons land. Na de eerste twee albums ‘Lucky Fonz III’ en ‘Life is short’ kwam in 2009 zijn derde schijf ‘A family like yours’ uit, waarop hij zijn spaarzame benadering inruilt voor een bredere. Een samensmelting van jaren zestig pop, rock-‘n-roll, new wave en flarden house. Een Lucky Fonz III-show schiet heen en weer tussen hartverscheurende melancholie en regelrechte stand-upcomedy. Lucky gaat in Austin vast en zeker nog meer fans vergaren.

La Melodia bestaat uit frontvrouw en MC Melodee en producer en DJ I.N.T. Samen staan ze garant voor warme, soulvolle en old school, edgy hiphop. Denk MC Lyte of Bahamadia meets Madlib en Jay Dilla. De twee ontmoeten elkaar tijdens een party in Eindhoven, waar ze allebei hun ding deden. MC Melodee trok de stoute schoenen aan en greep tijdens I.N.T.’s optreden de microfoon. Hoewel I.N.T er niet bepaald mee opgetogen was, was hij wel onder de indruk van haar skills en de uitbundige reactie van het publiek, dus vroeg hij haar naar zijn studio te komen om wat beats van rhymes te voorzien. En zo begon het avontuur. Nadat hun album ‘Vibing high’ in 2008 in Japan uitkwam op Handcuts/Universal en in de Benelux bij PIAS, tourden ze de aardbol plat. De twee maakten een stevige indruk met hun optreden tijdens het North Sea Jazz Festival in 2009 en na nog een promotour in New York werden ze gevraagd om een showcase te geven tijdens SXSW bij een internationale hiphopavond in Club 115. Het nieuwe album ‘Electronic love’ is er in de lente, de labels zijn aangeschreven en de tour door onder meer Japan, Zuid-Afrika en de VS staat gepland. Hier gaan we meer van horen!

Link: Subspecial Nederlandse acts op SXSW 2010

Link: Special SXSW 2010 bij CuttingEdge

Recensie: Broken Bells – ‘Broken bells’

maart 15, 2010

Filmische, zomerse poppy trip

Broken Bells is het nieuwe muzikale vehikel van gitarist/zanger James Mercer van indie pop band The Shins en productioneel genie Brian Joseph Burton a.k.a. Danger Mouse. Deze fameuze Amerikanen besloten tot een samenwerking nadat ze elkaar in 2004 tegen het lijf liepen bij het Deense Roskilde festival. Er werden zo’n 20 tracks geschreven en in 2008 opgenomen (Mercer vocalen, gitaar, bas en Burton op toetsen, drums, bas), waarvan de tien best bij elkaar passende op het debuutalbum ‘Broken bells’ zijn beland.

Het oogt altijd zo mooi, een indie supergroep. Burton die vanaf zijn briljante mashup ‘The grey album’, als producer van albums van Damon Albarn’s Gorillaz en The Good, The Bad & The Queen, Beck en Black Keys plus als multi-instrumentalist als de ene helft van Gnarls Barkley en Dangerdoom opzien baarde. En Mercer, The Shins-frontman en singer-songwriter wiens prachtplaten bolstaand van schitterende melodieën en hemelse zanglijnen ons niet onberoerd hebben gelaten. Als je die individuele krachten bundelt moet dat toch wel iets bijzonders opleveren.

Het album klinkt zoals je vooraf zou denken, als een glorieuze samensmelting van de sterke kanten van beide heren. Gooi Gnarls Barkley en The Shins in de blender en hoppa, dan krijg je de cocktail ‘Broken bells’. Burton legt veelal een swingende basis met fraaie samples en beats, (jaren ’60) orgeltjes, fijne pianoriedeltjes, luchtige trompetten, aanvullende gitaarakkoorden, zweverige strijkers (van de Italiaanse componist Daniele Luppi), handclaps, een (lalala-)koortje terwijl Mercer er zijn kenmerkende emotievolle, intense stem en melodieuze lijn overheen drapeert. Hoewel Burton toch een beetje de overhand heeft – in ‘The ghost inside’ met een falset vocaal van Mercer horen we wel erg veel Gnarls en Gorillaz terug – is er merendeels sprake van een goede balans tussen beiden.

Er waart een hele relaxte, warme vibe rond. Zonder opdringerig te worden dwarrelen de tien filmische, poppy songs voorbij. Dat tot in de puntjes perfect producen kun je natuurlijk aan Burton overlaten. Overigens heb je meerdere draaibeurten nodig om alle subtiele, verrassende invullingen volledig op je in te laten werken. Het album is een tamelijk veelzijdige, prettige popplaat die je laat wegdromen in een zomers zonnetje. Het is geen ultiem hoogtepunt in hun beider nalatenschap, maar wel een erg tof en welkom uitstapje. Broken Bells hoeft zich zeker niet te schamen, mocht het bij dit album blijven.

CuttingEdge SCORE: 4 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

DETAILS // CD:

* Band: Broken Bells
* Album: ‘Broken bells’
* Record company: Sony Music
* Jaar: 2010
* Track list: The high road / Vaporize / Your head is on fire / The ghost inside / Sailing to nowhere / Trap doors / Citizen / October / Mongrel heart / The mall and misery

© Cutting Edge — 14 Mar 2010
images © Columbia/Sony Music

Link: CD review Broken Bells, ‘Broken Bells’ (2010) bij CuttingEdge.nl

Real Ones, ‘Every Dog Has His Day’ — Gratis MP3 van de Dag

augustus 24, 2009

real-ones1Artiest: Real Ones
Nummer: ‘Every Dog Has His Day’
Album: ‘All For the Neighbourhood’
Klinkt als: Super Furry Animals, Talking Heads

Download: ‘Every Dog Has His Day’  (MP3)

[Download Help]

Plaatjes Kijken: Neko Case – Middle Cyclone

juni 30, 2009

nekocase_middlecyclonehsk

Of je ‘m nou ziet in de vinylbakken, de cd-winkel op ’t station of de iTunes Store, soms is een albumhoes genoeg om een bepaalde plaat te willen hebben. De ene keer een absolute aanwinst, de andere keer een gedrocht dat je nooit meer draait, maar in ieder geval bijzonder genoeg om naar te blijven kijken. Deze week:

Neko Case – Middle Cyclone

‘Middle Cyclone’, het vijfde solo album en opvolger van de doorbraakplaat ‘Fox Confessor Brings The Flood’ (2006) van Amerikaanse zangeres en parttime-bandlid van Canadese supergroep The New Pornographers, Neko Case, verscheen in maart 2009. Met deze band wist ze een aardig poppubliek te bereiken, in haar eentje richt ze zich liever op de liefhebbers van alternatieve country. ‘Middle Cyclone’ doet zijn titel eer aan, want het album is een wervelende orkaan van 15 vlotte nummers. Ondanks haar relatieve onbekendheid bij de massa bereikte de plaat in de USA vlak na de release de derde plaats in de Billboard Album Hitlijst.

Case is niet zo’n doorgaanse, typische gitaarknuffelende countryzangeres. Muzikaal gaat de eigenwijze dame van muziekdoosjes tot grungy gitaarpartijen, ze betovert met emotievolle maar krachtige stem en ook uiterlijk ziet ze er niet uit als zo’n vroome, schattige vrouw. Case is uitgeroepen tot één van de sexiest babes in de indie. Neko Case zoekt immer het contrast op. Ook al is ze lief voor dieren en promoot ze de natuur, aaibaar en mak is ze zeer zeker niet. Neko geeft bijna in elk interview te kennen wat voor een serieuze controlefreak ze is.

Dus is Neko op de albumhoes van ‘Middle Cyclone’ te zien in een stoere, strijdbare houding. Als een gestoorde speerwerpster, blootvoets met lekkere benen en in zwarte strakke kleding geknield voor op een roestbruine oldie, d’r rode haar wapperend in de wind (van de orkaan) en een bijna angstaanjagende, vastberaden blik gericht op haar ‘prooi’. Buiten dat Case ongetwijfeld mede het concept voor het artwork heeft verzonnen, is er niet zoveel bekend. Al denken wij dat de Canadese het sensationele ‘werk’ van Tawny Kitaen in Whitesnake’s ‘Here I Go Again’ in gedachte had bij het bedenken van de hoes.

De cover heeft nogal wat aandacht gekregen en het ligt voor de hand waarom. Je ziet niet elke dag een opvallende, mooie roodharige op een gespierde autoeen Amerikaanse bak van het type Mercury Cougar uit 1968, een icoon in zijn tijd (zie deze reclamespot uit ’75 met actrice Farrah Fawcett, die overigens net overleden is) – met een hardcore zwaard in haar hand. Maar net als seks, drugs en rock ‘n’ roll zijn sexy vrouwen en auto’s ook altijd onlosmakelijk aan elkaar verbonden. Want dat verkoopt gegarandeerd.

Neko’s pittige karakter schijnt niet alleen in de hoes door, ook in de songs. Zo hangt ze in het nummer ‘People Got A Lotta Nerve’ bijvoorbeeld de diva uit en zingt dat ze een ‘mannenverslindster’ is. Ze gaat achter jongemannen aan. In dat opzicht klopt het precies dat Neko Case op een Mercury Cougar zit met een zwaard in de aanslag. Het type auto lijkt nadrukkelijk gekozen. Cougar vertaald zich namelijk naar poema. Snap je? Jagen, speer, prooi, poema? Ergens anders is ze een olifant, een killer walvis en even later zingt ze ‘ik ben een dier, jij bent ook een dier’.

Persoonlijk vinden we de typografie – die er slordig lijkt opgezet met een paar stiften – behoorlijk lelijk. Maar ach, wie let daar nou nog op als er een onverslaanbare drieëenheid van een macho slee, middeleeuws wapen en een pikante roodharige te zien is? De hoes van ‘Middle Cyclone’ is afgezien daarvan een behoorlijk sterk beeld.

Ex-Pavement gitarist releast solodebuut als Spiral Stairs

juni 28, 2009

spiralstairshskSinds ons favo indierock bandje Pavement in 1999 uit elkaar ging, trok frontman Stephen Malkmus altijd het meeste aandacht als solo artiest. Maar de release van ‘The Real Feel’, het solo debuut onder de naam Spiral Stairs van Pavement gitarist (en oprichter/zanger van Preston School Of Industry) Scott Kannberg, zou daar nog wel eens flink verandering in kunnen brengen. Oordeel zelf en check de albumtrack en zeer prettige eerste single ‘Maltese Terrier’.

Spiral Stairs nummer doet nogal denken aan Pavements song ‘Cut Your Hair’ met die ‘bah bah bahs’ en lijkt wel voort te komen uit de jaren zeventig. Een vrolijk ritme, een psychedelische gitaarriff en een banjo onderbreking doen echter ook een beetje denken aan Modest Mouse ‘Bukowski’. Het is nogal een verschil vergeleken met de slaperige rock die Kannberg maakte met zijn eerste post-Pavement band Preston School Of Industry.

Download: Spiral Stairs ‘Maltese Terrier’ (MP3)

Het is een grappig liedje, catchy en vol gepropt met dezelfde humoristische teksten die Pavement zo verdomde goed maakte. En check die bizarre albumhoes! ‘The Real Feel’ verschijnt op 20 oktober bij Matador en bevat bijdrages van Broken Social Scene’s Kevin Drew, leden van de Posies en zijn Preston School Of Industry. Posies’ Jon Auer tekende voor de productie.

Kannberg werkte overigens al onder het pseudoniem Spiral Stairs vanaf het begin van Pavement en trad later ook als zodanig op. Alleen verschenen er onder die naam nooit albums van hem. Nu wel! Recentelijk gingen er ook geruchten over een mogelijke Pavement hereniging, hoewel Malkmus dat vooralsnog afhield met de legendarische woorden: “Misschien dat we over een jaar iets bescheidens doen, net als Led Zeppelin.”

Download een gloednieuw Fleet Foxes nummer

juni 28, 2009

fleetfoxes_pecknoldkyklAfgezien van een paar tracks onder de naam White Antelope, is het stil rondom lead zanger Robin Pecknold en de rest van de Fleet Foxes sinds ze de playlists en eindejaarslijstjes van 2008 overheersten met hun schitterende gelijknamige album. Pecknold is gestopt met zijn eens zo productieve geTwitter, maar voordat hij zijn archief delete, suggereerde hij nog net dat het hoog tijd was om serieus aan de slag te gaan met het pennen van nieuwe songs voor Fleet Foxes. Nou, je kunt er nu eentje voor nop downloaden!

Pecknold speelde afgelopen vrijdag namelijk een solo akoestische versie van een nieuw nummer tijdens een live sessie voor BBC 6 Music ten bate van een programma over het Glastonbury festival (waar de band dit weekeind speelt). Het is een klagerig en existentiëel, spookachtig finger-picked folkliedje in de geest van Neil Young, met de werktitel ‘Blue Spotted Tail’. Met dank aan Stereogum:

Download Fleet Foxes: ‘Blue Spotted Tail’ (MP3, Live bij BBC 6 Music)

Pecknold zingt het solo, dus die hemelse harmonieën van de andere Fleet Foxes moet je er maar even bij denken. Maar het geeft wellicht al een ideetje waar het heen gaat, op de nieuwe plaat. Komende dinsdag 30 juni staat de Americana groep overigens in Paradiso. Misschien dat het liedje daar ook ten gehore gebracht wordt… Kun jij alvast keihard meezingen, lol.

Verrassings EP ‘Got Nuffin’ van Spoon

juni 28, 2009

spoongotnuffinhskVerrassing! Merge heeft komende dinsdag iets tofs in petto voor de fans van Spoon! Namelijk een gloednieuwe EP met de eerste nieuwe opnames van de Amerikaanse indierockband sinds het verschijnen van het goed ontvangen album ‘Ga Ga Ga Ga Ga’ uit 2007. Het schijfje heet ‘Not Nuffin’ en is er op 30 juni. Maar er komt ook nog een speciale 12 inch versie van uit, ergens in juli. Het gekke is, dat het allemaal een beetje stiekem wordt uitgebracht…

Hoe aardig van ze, drie nieuwe songs van één van de coolste bandjes. Een beetje té misschien wel, want Merge had de songs al online staan op een speciale Amazon webpagina, waar de EP voor te bestellen was. Een dag nadat Stereogum over de release berichtte, is die pagina echter weer offline gehaald. Dat had kunnen betekenen dat de EP er niet kwam, maar het is bevestigd door Merge dat de EP dinsdag uitkomt. Dat dan weer wel. Het zal verkoop schelen misschien?

Anyhow, de EP verschijnt als cd en als download en bevat de drie nummers ‘Got Nuffin’, ‘Tweakers’ en ‘Stroke Their Brains’. Voordat die pagina down ging, hebben wij de songs nog nèt gehoord… De titeltrack klinkt als een schemerige rocker met veel percussie elementen over duisternis en schaduwen, ‘Tweakers’ als een lo-fi demo met een kast of emmer drumgeluid en ‘Stroke Their Brains’ alsof het nummer afkomstig is uit het brein van The Strokes.

De titeltrack werd vastgelegd door Nicolas Vernhes in de Rare Book Room. De twee andere b-kanten door Spoon zelf. De EP-cover zie je hierboven. Al is ‘Not Nuffin’ nu niet meer te bestellen via Amazon, je kunt ‘em inmiddels bij Merge Records in de webshop bestellen.

Recensie: Graham Coxon – The Spinning Top

juni 27, 2009

grahamcoxon_spinningtophskTerwijl Blur de Britse podia voor het eerst in vele jaren weer afschuimt, komt gitarist/multi-instrumentalist Graham Coxon met zijn nieuwe solo album ‘The Spinning Top’. Zijn inmiddels zevende schijf is naast een echt conceptalbum – 15 songs over het leven van een man vanaf de geboorte tot aan zijn dood – ook een merendeels erg ingetogen plaatje geworden. Veel meer met een folk inslag dan we van hem gewend zijn, want op eerdere werkjes als ‘Happiness In Magazines’ en ‘Love Travels At Illegal Speeds’ was het toch vooral rock wat de klok sloeg.

Weg zijn die schreeuwerige, schokkerige gitaar en punkriffs. Coxon ging op zoek naar zijn tedere kant. En toch is het een rijk plaatje. Dat komt niet zozeer door een uitbundige of uitgebreide instrumentatie, want de basis is eenvoudig weg akoestische gitaar en Coxons speelse, wat nasale en wankele zanglijnen met wat wiegende piano of andere gevoelige invullingen, maar eigenlijk alleen maar door Grahams fenomenale speel technieken. Vooral dat ingewikkelde ‘fingerpicking’ – check vooral het charmante ‘In The Morning’ – geeft de songs wat bijzonders. Daarmee herinnert hij aan de legendarische Bert Jansch.

Neem bijvoorbeeld ‘Feel Alright’, compleet met zijn ‘ba ba ba’ refrein en piano, dat is folk op zijn catchiest. Op ‘Look Into The Light’ lijkt Coxon de wedergeboorte van de fragiele Nick Drake. In ‘Sorrow’s Army’ komt dezelfde spaghetti western vibe terug als bij The Coral en The Zutons en Coxon eindigt op dramatische toon met ‘November’, met sfeervolle, minimale accordeon en gitaarklanken en een prachtig staaltje samenzang.

Slechts vijf tracks vallen buiten de folkboot: zoals het overwegend subtiele, vroege Super Furry Animals-eske popliedje ‘If You Want Me’ waarin plots wat ruiger, fuzzy gerockt wordt, het lekkere swamprockerige, broeierige nummer ‘Dead Bees’ of met calypso percussie gelardeerde ‘Perfect Love’ in de lijn van jaren zestig held Arthur Lee’s ‘Love’.

De eerdere kritiek op zijn wat simplistische teksten, heeft Coxon zich kennelijk aangetrokken. Hij verhaalt hier wel haast literair verantwoord over de liefde, het leven en het overlijden van een mannelijk hoofdpersoon. Al lukt het nog lang niet overal om tot introspectieve zielenroersels te komen zoals Bob Dylan of Drake kunnen (in ‘Perfect Love’ dweilt hij “I met you and you met me/ We sang in perfect harmony”). Zou Coxon misschien last hebben van een midlife crisis?

Onverwachts is een passend woord om ‘The Spinning Top’ mee aan te duiden. Zo verschillend van zijn andere platen en ook op de schijf zelf gaat het best veel kanten op binnen zijn gelegde folky muzikale kader. Het zal niet het ‘kopje thee’ zijn voor elke vroege Coxon fan, maar het is toch zeker wel één van zijn aardigste solo albums tot nu toe. Al willen niet alle songs in de bol blijven haken.

SPINNER SCORE: 78/100

De Blur reünie: live album onderweg!

juni 27, 2009

blur215De Blur reünie tournee trekt goddomme volledig aan onze neus voorbij. Geen enkel optreden in ons land, alleen Groot Brittannië mag zich gelukkig prijzen, naast een enkel festival. Maarrrrr, daar komt enigszins verandering in. Want in plaats van overloos naar wat live clips van de shows op YouTube te kijken en herinneringen op te halen aan die good old days, komt er nu live materiaal van twee aankomende optredens op plaat aan.

De twee Blur gigs in Londons Hyde Park op 2 en 3 juli worden namelijk beide professioneel opgenomen en uitgebracht op een gelimiteerde dubbel-cd en als MP3s. Iedereen die de dubbelaar aanschaft, mag de tracks ook gratis downloaden. De cd bevat tevens live foto’s van de twee optredens.

Dus mocht je nou een ticket hebben voor één van die twee shows – you lucky bastard! – dan laat je natuurlijk van je horen middels een oerkreet tijdens zeg, ‘Tender’. Hoor je jezelf later gewoon terug in de Blur historie en maak je jezelf onsterfelijk tot in de eeuwigheid. Hoe stoer is dat.

De live dubbelaar wordt alleen online uitgebracht. Je kunt ‘em hiero vast bestellen. Op 15 juni is er overigens nog een Blur compilatie verschenen, die ook best aardig in elkaar steekt. Voor de beginners onder ons.

Parkpop 2009: zondag geheel gratis zeer toffe acts checken!

juni 26, 2009

Komende zondag 28 juni is het wederom Parkpop, en de weergoden lijken ons heel goed gezind. In de 28 jaar van haar bestaan is het festival uitgegroeid van een kleinschalig Haags feestje naar één van de grootste, eendaagse, gratis toegankelijke festijnen van Europa, met drie podia gesitueerd in het Zuiderpark, dikke acts van eigen bodem èn uit het buitenland en tegenwoordig zo´n 350.000 bezoekers. Ze bedienen een breed publiek, dus een aantal van de acts die komen spelen zullen ons bij wijze van ´aan de reet roesten´, maar er zitten er wel degelijk enkele tussen die je eigenlijk gewoon keihard moet gaan zien! We wippen de voor ons interessante bands er voor je uit.

* Miss Montreal
Ineens was ze er, Miss Montreal. Dat meisje met die gitaar uit die reclame van ‘de pittige 30+ kaas’. Iedereen lijkt inmiddels voor de charmes van de 24-jarige Sanne Hans gevallen. Na al die poeslieve singer-songwriter meisjes met een akoestische gitaar of piano eindelijk weer eens een – schattig stotterende – jongedame met wat meer pit. Haar stem klinkt lekker rauw, d´r muziek niet te poppy glad en als persoon is ze reuze ontwapenend. Een fijne act om van je zaterdagavond kater bij te komen. Om 13.00 uur op het Jupiler podium.

* De Staat
De Nijmeegse rockband doorklieft ons land als een vliegende speer sinds de release van het debuutalbum ´Waiting For Evolution´ en speelt zo´n beetje elke zaal of festivalweide helemaal plat. Mocht je ze nou onderhand nog steeds niet hebben gezien – shame on you trouwens – dan is hier je kans. En mocht je ze al vaker live hebben meegemaakt, dan ga je gewoon nog een keer. Want een spetterende show geven zullen ze! Zo hebben we uit betrouwbare bron vernomen. En je vangt natuurlijk meteen een gezond kleurtje. De Staat bijt het spits af om 13.10 uur op het Staedion podium.

* Triggerfinger
Dit Antwerps rocktrio heeft een beruchte live reputatie. Onder meer door hun vlammende, rockende sets tijdens Rock Werchter en Pukkelpop. Hun optredens staan bol van de scherpe blues, rock ‘n´ roll, keiharde gitaarriffs en fel slagwerk. In 2008 verscheen hun nieuwe album ´What Grabs Ya?´ maar er komt tevens materiaal voorbij van hun debuutplaat uit 2004, en alles wat ertussen zat. Dus grijp je airgitaar mee en oefen vast op de stoere spreidstand. Want live zijn die Belgen zeer overweldigend. Triggerfinger speelt op het Jupiler podium om 14.15 uur.

* The Skatalites
Het lijkt ons zondag ook bijzonder goed zomers weer voor een gig van The Skatalites. In de jaren ’50 startte de uit Kingston afkomstige band met de nieuwe muziekstijl ska. De sound ontstond door een combinatie van boogie woogie, R&B, jazz, blues, mento, calypso en Afrikaanse ritmes. Ska werd de eerste echte Jamaicaanse muziekstijl. The Skatalites hebben er eigenhandig voor gezorgd dat een reggaeheld als Bob Marley voet aan de grond kon krijgen door hem te begeleiden in de studio. In de jaren ´60 scoorde de groep in Engeland als eerste skaband een hit met ´Guns Of Navarone´. Sindsdien toert The Skatalites, vanaf ´64 bestaand uit Lloyd Knibb, Dorreen Shaffer en Lester ´Ska´ Sterling, onophoudelijk de wereld rond. Lekker dansen geblazen! Om 15.30 uur op het Jupiler podium.

* The Buzzcocks
Begin dit jaar (onder meer 11 februari in Paradiso, Amsterdam) waren ze al in ons land voor een paar gigs, maar velen hebben dat oerend gemist. Dat ze weer eens hier zijn en waren heeft ook te maken met het feit dat EMI de schitterende met uniek bonusmateriaal volgepakte eerste drie platen ´In A Different Kitchen´, ´Love Bites´ en ´A Different Kind Of Tension´ opnieuw heeft uitgebracht in een luxe verpakking en elk op een dubbel-cd. Aanraders! Niet alleen een goede kennismaking met The Buzzcocks, maar ook voor de fans staat er genoeg verrassends op, dat ze vast nog niet in het bezit hebben.

Sinds de opstanding van de Britse legendarische punkgoeroes in 1975 in Bolton (nabij Manchester) zijn The Buzzcocks steeds weer gereïncarneerd. Eind jaren zeventig maakte ze furore met die drie platen. In 1981, tijdens het maken van de demo´s voor hun vierde schijf, viel de band uit elkaar. Sinds 1989 zijn The Buzzcocks echter weer alive and kicking in wisselende bezettingen.

Hoewel de twee vaste waarden sinds 30 jaar, kernleden zanger Pete Shelley (Peter McNeish) en bassist Steve Diggle, er onderhand uitziet als twee oude aardappelzakken treedt de band – naar wie het populaire BBC-programma ´Never Mind The Buzzcocks´ is vernoemd – nog steeds veel op. Parkpop is dan misschien wel een vreemde plek voor The Buzzcocks, nu kun je ze in elk geval zeker gaan zien en genieten van klassiekers als ´Promises´, ´What Do I Get´, ´Orgasm Addict´ (geweigerd door de BBC in de jaren ´70) en de grote knaller ´Ever Fallen In Love? (With Someone You Shouldn’t Have Fallen In Love With)´. Zeker checken dus! Ben op tijd: 15.40 uur op het Staedion podium.

* Milow
Nou kun je ook nog gaan luisteren naar de veteranen rockband The Pretenders, maar persoonlijk gaan wij liever naar deze Vlaamse singer-songwriter kijken en luisteren. Want voor zijn megahit (´Ayyooooo Technology´) was ´ie gewoon bezig naam te maken met mooie en intense poppy en soulvolle nummers. Die hit is in drie minuten voorbij en is ook leuk om ff mee te gillen. Dan blijft er nog steeds genoeg te ontdekken in Milows andere songmateriaal, voornamelijk afkomstig van zijn album ´Coming Of Age´. Om 19,25 uur op het Jupiler podium.

Op het XStage, van Radiozender Funx in samenwerking met de Parkpop organisatie, kun je bovendien nog wat fris talent gaan checken: de prachtige soulzangeres Sabrina Starke, hip hopduo Dio en Sef en ook opkomende reggae artiest Maikal X.

En je weet het, geen geld hebben is geen excuus dit keer… Parkpop gaat om 13.00 uur van start en is rond half tien afgelopen. Het volledige dagprogramma bekijk je hiero. Als je ons zoekt, wij staan vooraan bij The Buzzcocks te springen in de moshpit! En als die er niet is, dan creëren we er zelf wel één! See you there. Vergeet je zonnebrand crème niet of een beschermend petje.

Plaatjes Kijken: You Am I – Dilettantes

mei 7, 2009

youami_dilettanteshsk

Of je ‘m nou ziet in de vinylbakken, de cd-winkel op ’t station of de iTunes Store, soms is een albumhoes genoeg om een bepaalde plaat te willen hebben. De ene keer een absolute aanwinst, de andere keer een gedrocht dat je nooit meer draait, maar in ieder geval bijzonder genoeg om naar te blijven kijken. Deze week:

You Am I – Dilettantes

‘Dilettantes’, de achtste studioplaat van Australische rockband You Am I, verschijnt op 13 september 2008. Bekend staand om hun smerige garagerock sound, maakte de groep op dit album een ommezwaai naar prachtige, folky en country-eske songs, een beetje waar hun iconische frontman, gitarist, zanger en hoofd songwriter Tim Rogers zich mee bezig hield op zijn soloplaten. De band klonk niet meer zo ‘gemeen’, maar bracht juist op een melancholieke en ingetogen toon Rogers’ geëngageerde teksten over.

Het album stormde in eigen land de ARIA Australian Music hitlijst binnen en belandde direct op de eerste plek. Single ‘Erasmus’ van de plaat werd een dikke hit. De andere twee singles, ‘Beau Geste’ en ‘Givin’ Up And Gettin Fat’, moesten het met wat minder aandacht stellen, maar deden het uiteindelijk ook aardig.

Tim Rogers besloot het album ‘Dilettantes’ te noemen, nadat hij hoorde dat Duke Ellington de term gebruikte om zijn constante stroom aan briljante bands te omschrijven. De term is volgens hem dubbelzijdig: aan de ene kant een beschrijving van mensen die ploeteren om hun waardering voor kunst en cultuur over te brengen, aan de andere kant refererend aan diegenen die er een diepe liefde voor kunstwerken of performers op na houden.

De albumhoes van ‘Dilettantes’ toont een romantische illustratie, gecreëerd door Ken Taylor, die ook aan het artwork voor Tim Rogers’ soloplaten werkte naast voor een heleboel andere internationale en lokale rockhelden. Tim, de band en Taylor deelden een voorliefde voor de kunst van Aubrey Beardsley en kwamen tot de gezamenlijke conclusie dat deze klassieke look perfect bij de muziek zou passen.

Ken Taylor wilde ook echt vasthouden aan het handgemaakte uiterlijk en tekende de afbeelding en schreef de letters zelf. Het moest doen denken aan de authentieke kunstvormen die werden gemaakt voor Oscar Wilde’s toneelstukken. Op de hoes staat een afgematte ‘knutselaar’ (dilettante) die het schrijfwerk van haar artiesten naleest, terwijl er tranen over haar wangen biggelen. De vogel aan haar linkerkant (voor de kijker) voegde Taylor alleen toe, omdat hij het vond passen in het plaatje. Het pauw patroon onder aan haar jurk is een directe link naar Beardsley’s kunst.

Dat Taylor koos voor de wit/zwarte afbeelding van de vrouw op een rood ondervlak, komt voort uit zijn zwak voor oude Japanse houtgesneden prints. You Am I wilde ook graag een cover die nadrukkelijk afweek van de voorgaande platen, waarop foto’s van de leden zelf zijn te zien of een ander object, wegens de veranderde muziekstijl. Lijkt ons prima gelukt!

Bekijk nog ff een interview met You Am I door Symon Parnell (Oath Magazine) over het opnameproces voor ‘Dilettantes’.

Plaatjes Kijken: Santogold – Santogold

april 17, 2009

santogold_coverkl

Of je ‘m nou ziet in de vinylbakken, de cd-winkel op ’t station of de iTunes Store, soms is een albumhoes genoeg om een bepaalde plaat te willen hebben. De ene keer een absolute aanwinst, de andere keer een gedrocht dat je nooit meer draait, maar in ieder geval bijzonder genoeg om naar te blijven kijken. Deze week:

Santogold – Santogold

De uit Pennsylvania afkomstige artiest Santi White aka Santogold aka Santigold bracht haar eerste album ‘Santogold’ (Downtown Records/Atlantic) op 12 mei 2008 uit. Er kwam een hele sterrencast opdraven – Bad Brains‘ Chuck Treece, Cliffored ‘Moonie’ Pusey van Steel Pulse, Diplo, Disco D, Freq Nasty, Naeem Juwan en XXXchange van Spank Rock, Radioclit, Sinden, Switch en Trouble Andrew – voor haar debuut, dat ze in slechts acht weken opnam. Ze bouwde haar songs op uit invloeden uit verschillende continenten zoals reggae, new wave, rock, baile funk en ska, zocht de raakvlakken en fuseerde ze creatief tot een exotisch soort pop.

Het uiteindelijke resultaat: een unieke mix van dub, electronische muziek en indie rock. Santigold’s doel met het album was om grenzen en genre indelingen te doorbreken, om het beeld van ‘zwarte vrouw zingt R&B of hip hop’ tegen te gaan. Uit de alleen maar positieve reviews blijkt dat ze dat prima voor elkaar heeft gekregen. Predikaten als ‘rauw en puur’, ‘intercontinentale glinsterende eigenzinnige pop’ en ‘muzikale toekomst’ vielen haar ten deel. ‘Santogold’ behaalde dan ook een plek in de ’50 Beste Albums van 2008′-lijst van Pitchfork en Q Magazine, en het prestigieuze blad koos de single ‘L.E.S. Artistes’ als de op één na beste single van de 100 dat jaar.

De ‘Santogold’-hoes vind je oftewel spuuglelijk (Pitchfork vond ’t één van de lelijkste van 2008) of erg tof, ik vind ‘em zelf in elk geval wel interessant om naar te kijken. Ze heeft het lef gehad om zichzelf niet al te flatteus te laten fotograferen. De meeste debuutalbums van een nieuwe vrouwelijke ster zien er toch appetijtelijk en doorgaans nogal overdone uit, niet als een arm, verdrietig en naief ogend meisje met een golf glitter (die je kunt interpreteren als kots) uit haar mond. want het moet toch snel verkocht worden. De labelmanager heeft haar daar niet toe gedwongen, ze heeft gewoon haar zin doorgedramd. Want Santi White heeft een A&R achtergrond (Epic Records), dus wist zelf donders goed waar ze mee bezig was.

Hoe het ook zij, het hoesontwerp is verzonnen door kunstenares Isabelle Lumpkin en Santi samen. Lumpkin fotografeerde en knutselde de (geknipte) onderdelen in elkaar, Santi deed het digitale photoshopwerk. Wanneer we het hoofdstukje ‘lichaamstaal’ erop nalezen, leren we dat Santogold’s pose nerveusheid verraadt. De handen in elkaar gevouwen tussen de benen gestoken een teken van het zichzelf willen beschermen.

Daar hadden overigens handboeien omheen kunnen zitten, die misschien wel zijn weg gephotoshopt? Haar – een beetje naar beneden gerichte – hoofd met de ogen omhoog in de camera starend symboliseert een kind dat naar zijn ouder opkijkt om sympathie te wekken. Ze heet Santogold (of ondertussen Santigold), dus die gouden glitterstroom is dan natuurlijk een logische verwijzing naar het achterste deel van haar naam. De albumtitel ‘Santogold’ is in sierlijk lettertype gewoon uit een stuk papier geknipt. Dat is een beetje het trademark van Lumpkin, als je haar site bekijkt, collages van knipsels. Ze heeft ook meer in die stijl voor Santogold gemaakt.

Hier verklaart Santigold de hoes zelf nader. Je ziet ook twee shots van de twee eerdere opzetten voor de hoes. Die waren dan toch minder cool voor het oog.

Bekijk ‘The Making Of’ Grandaddy-frontman’s solo album

april 15, 2009

Na zo’n 15 jaar met zijn inmiddels ontbonden indieband Grandaddy bezig te zijn geweest vond frontman Jason Lytle het tijd voor een solo debuut. Inmiddels is de Amerikaan een flink eind gevorderd met de opnames.

We hebben een paar clips op de kop getikt, waarin Jason alle details over de plaat met ons deelt.

Jason speelde alle instrumenten zelf in voor ‘Yours Truly, The Commuter’, in een studio in Montana. Ook het album artwork (zie foto) is van zijn hand, en tevens heel herkenbaar als je de platen van Grandaddy kent. Het muzikale resultaat lijkt zeer waarschijnlijk ook op de wonderschone output van zijn ex-band: dromerige, electro akoestische lo-fi popsongs.

Volgens de singer-songwriter gaat het album over het ‘onderbewust’ reizen van de ene naar de andere wereld en is de plaat niet helemaal persoonlijk en autobiografisch, al mag er gezegd worden dat hij de ‘commuter is’. Lytle geeft alle nummers en titels door en geeft zijn inspiratiebronnen weer. De ene song gaat over de geest van zijn hond, een andere over het weekend, dan weer eentje over vluchtelingen kids en een andere over een wereld van geesten.

Precies weten? Bekijk allbei de clips na elkaar en laat Jason het in je oor fluisteren. De tracklist die we je eerder gaven klopt nog steeds. ‘Your Truly, The Commuter’ verschijnt op 19 mei.

12 Nieuwe namen Lowlands 2009

april 15, 2009

Het werd hoog tijd dat Lowlands weer eens wat nieuwe namen bekend zou maken voor de line-up van de 17e editie, dit jaar van 21 tot en met 23 augustus in Biddinghuizen. Want zo heel veel waren er nog niet aangekondigd. De organisatie schudde twaalf bands uit de mouw, die komen spelen.

Lily Allen komt nu toch (de Britse moest twee jaar geleden haar optreden tijdens Lowlands afgelasten wegens ziekte), net als The Whitest Boy Alive (die tipten we al, en terecht, voor Motel Mozaïque), Wilco (daar hoopten we al op), Fall Out Boy, Calexico, Dizzee Rascal, The Aggrolites, Kasabian, Speedy J, The Gaslamp Killer, Hank III and Assjack en Collie Buddz & The New Kingston Band.

Eerder werden onder meer optredens van Arctic Monkeys, The Prodigy, Basement Jaxx, Bloc Party, Opeth, Bon Iver, Enter Shikari en Boys Noize aangekondigd. Binnenkort volgen tevens wat namen voor het theater, comedy, film en literatuurprogramma.

Geen idee of het gelul is, maar volgens de festivaldirecteur gaat de kaartverkoop ‘hard’, dus als je erbij wilt zijn moet je ff opschieten met tickets scoren (www.livenation.nl).

We wachten nog op de echt grotere klappers. Pukkelpop heeft, zo verheugd ons zeer, Jesus Lizard geboekt. Laat Lowlands daar alsjeblieft op inhaken.

Bovendien toert Radiohead in de buurt – Polen en Tjechie – maar die optredens staan geboekt voor na Lowlands. Maar een sprankje hoop moet je blijven houden hè.

Vers Bloed: Spinner tipt London Calling (2 mei)

april 12, 2009

Spinner blikt vooruit op de line-up van het dit jaar driedaags festival London Calling, van 30 april tot en met 2 mei, dat een doorsnede biedt van de beste nieuwe bands en trends vanuit Groot-Brittannië. Er waait meer ‘alternatieve’ dans muziek dan ooit over, maar er is natuurlijk ook veel ruimte voor pop, shoegaze en singer-songwriters naast de talloze dance-acts. We pikken er per festivaldag een paar bands uit. We bespraken dé vijf acts voor 30 april en vier tips voor 1 mei al. Vandaag, vijf acts die op zaterdag 2 mei in Paradiso op de planken staan.

* Chrome Hoof: Begonnen in 2000 als electronische tweemansact van de Londense broers Leo en Milo Smee, zijn er in de loop der jaren steeds meer muzikanten bijgekomen. Tegenwoordig bevolken zo’n tien man het podium en hebben ze een cultstatus bereikt middels de legendarische live shows. De band ziet eruit als een reïncarnatie van het excentrieke Sun Ra Arkestra: ze dragen buitenaardse platinum mantels, worden beschermd door een 3 meter hoge robotram met laserogen en spelen wat ze zelf ‘electro doom space ritual funk’ muziek noemen. Het steekt vrij bizar in mekaar, er zijn invloeden hoorbaar van !!! en Battles, maar ook Funkadelic en Black Sabbath. Chrome Hoof toerde inmiddels met Justice en Klaxons dus ze zijn hard op weg naar een groter publiek. Check muziek op Chrome Hoof’s MySpace stek.

* Frankmusik: Is het soloproject van de jonge Britse dance-zanger, remixer (van tracks van Mika, Radiohead en CSS) en allround wizzkid Vincent Frank uit Londen. Hij is sinds 2007 flink bezig bekendheid te vergaren en dat lukt heel aardig, zeker met zijn hitgevoelige single ‘3 Little Words’: volgens de BBC weer zo’n wonderkind om in de gaten te houden dit jaar. Frank’s debuutalbum ‘Complete Me’, mede-geproduceerd door mixmaster Stuart Price en hier in juni pas uit, staat bomvol energieke disco-pop opgebouwd uit snelle beats, retro-synths en Commodore 64 samples, en glitchy jaren tachtig tunes. Frankmusik biedt een soort krankzinnige cocktail van Mika, The Killers en Calvin Harris. Check muziek op Frankmusik’s MySpace stek.

* Eugene McGuinness: De amper 23-jarige Londenaar weet op een speelse manier vele popmuziekgenres door elkaar te husselen. Hij gooit skiffle, jaren ’30-weemoed, Ierse pubmuziek, Britse vaudeville als Morrissey, The Kinks, Billy Bragg, Syd Barrett, Rufus Wainwright, Beirut, Patrick Watson en wat jeugdige branie in de blender. Dan krijg je een totaal eigenzinnig bruisend brouwsel. De knaap met z’n onschuldige babyface zingt dan ook nog eens met een prettige warme stem en heeft tekstueel iets te melden met slimme en rake typeringen. Zijn debuutplaatje met moderne en tegelijk erg ouderwetse charmante popliedjes komt uit bij Domino Recordings. Check muziek op Eugene McGuinness’s MySpace stek.

* Micachu: Is het alias van de 21-jarige violiste Mica Levi. Ze componeerde een klassiek stuk voor het London Philharmonic, maar ontpopte zich ’s nachts in de Londense underground tot dj en MC. Hiphop, grime en UK garage trokken haar aandacht. De mixtape die ze indertijd op haar MySpace gooide is ondertussen een hebbeding. Op haar hyperkenetische debuut ‘Jewellery’ – gemaakt onder auspiciën van producer Matthew Herbertpakt ze grime, dub, electro, punkinvloeden samen en zet een arsenaal aan nieuwe instrumenten in (al ooit een Nilfisk een song aan horen zwengelen?). Haar stijl is met weinig te vergelijken; dwarse dikke beats, blije melodietjes met super aanstekelijke poprefreinen. Live komt ze met haar begeleidingsband The Shapes opdraven. Check muziek op Eugene Micachu’s MySpace stek.

* Threatmantics: Is geen standaard driekoppige rockband met bas, gitaar en drums, de groep van broertjes Heddwyn en Huw Davies en Ceri Mitchell uit Wales. Nee, deze drie heren maken hun alternatieve rocksongs met viool, gitaar, toetsen en drums. Na twee inslaande singles is het debuut ‘Upbeat Love’ net uit. De plaat laat een volwassen grungetrio anno 2009 horen: hysterische zang, scherpe punkblues riffs en een heel klein beetje warme soul. Hun sound roept herinneringen op aan de Drones, Birthday Party of de Devastations. Threatmantics staat ook op de BBC-lijst van de grootste beloftes! Check muziek op Threatmantics’s MySpace stek.

We hebben al eens een dik artikel geschreven voor The Asteroids Galaxy Tour, die je dus op London Calling ook echt niet mag missen. Meer informatie over alle bands vind je op de MySpace pagina of officiële site van het festival. Lees nog ff de Spinner tips na voor 30 april en 1 mei. Dan ben je volledig voorbereid op London Calling 2009 en heb je geen excuus meer dat je per ongeluk de heetste talenten over het hoofd hebt gezien!

De tips voor 30 april
Naar de 1 mei tips

Beck geeft ‘One Foot In The Grave’ opnieuw uit, uniek bonusmateriaal!

april 10, 2009

Beck trekt de kluis open voor een Deluxe heruitgave van zijn album ‘One Foot In The Grave’ uit 1994. De plaat, zijn enige voor indielabel K Records, werd opgenomen voor zijn majorlabel debuut en doorbraakalbum ‘Mellow Gold’ verscheen. Al lag ‘ie drie maanden na die release pas in de winkels.

Naast de 16 originele tracks, waarop onder meer bands als Built To Spill, Spinanes en Love As Laughter zijn te horen, krijg je er een volledig extra album bij met voorheen onuitgebrachte nummers! 16 in totaal, waarvan 13 echt unieke outtakes.

Het album is al een aantal jaren – sinds 2005 – niet meer te koop. “Ik heb hier eigenlijk de afgelopen twee tot drie jaar aan gewerkt,” vertelt Beck in een interview met de Japanse krant de Daily Yomiuri. “Op de originele tapes stonden misschien wel zo’n 30 extra songs die niet op de plaat terecht zijn gekomen en ik heb er de beste uitgezocht… en op de heruitgave gezet. Dus er staan iets meer dan een dozijn extra nummers op, die niemand nog ooit heeft gehoord.”

Onder dat bonusmateriaal vinden we drie songs van de eveneens uitverkochte 7″ single van K Records, inclusief een vroege demo versie van ‘It’s All In Your Mind’ (van zijn album ‘Sea Change’ uit 2002), ‘Feather In Your Cap’ (een beta uitvoering van een nummer dat later in een nieuw jasje werd gestoken voor de ‘Suburbia’ soundtrack en ook is te vinden op de ‘Odelay’ Deluxe Edition) en ‘Whiskey Can Can’.

Andere bonustracks zijn ‘Teenage Wastebasket’, ‘Burning Boyfriend’, en ‘Your Love Is Weird’. Inderdaad, klinkt als een psychedelische, akoestische folk inslag… Persoonlijk, vind ik het nog steeds één van van de betere Beck platen. De ‘One Foot In The Grave’ heruitgave verschijnt al op 14 april. Bekijk de volledige tracklist bij NME.

Beck vertelde trouwens ook nog dat hij momenteel wat opnamesessies onderneemt met Charlotte Gainsbourg voor haar volgende plaat…

Rock Werchter is compleet; afzegging Flaming Lips

april 9, 2009

In het kader van Rock Wechter hebben we goed en slecht nieuws. Zoals het hoort, beginnen we met het positieve: de line-up voor het Belgische festival – dit jaar van donderdag 2 tot en met zondag 5 juli – is met deze paar laatste aanvullingen compleet.

Maar er is ook een grote uitvaller, die wordt vervangen door een ehm… voor de Belgen vast heel interessante act.

Met diva Grace Jones, Amerikaanse band Metro Station, Arsenal, rockband Triggerfinger, het grappige Lady Linn & Her Magnificent Seven en Jasper Erkens is het affiche voor 2009 helemaal rond.

Minder tof is dat headliner Flaming Lips heeft afgezegd. De Amerikaanse weirdo’s reizen op 2 juli kennelijk al terug naar de States, waardoor hun optreden bij Rock Werchter op 5 juli dus niet doorgaat. Wat de organisatie ervoor in de plaats zet? Curieus genoeg, de Belgische eurohouse groep Milk Inc.! Gelukkig staan ze tegelijk met Metallica… Wel een kwestie van jammer, gezien er zoveel gavere acts touren rond die tijd.

Het andere slechte nieuws, want dat was nog niet het enige: alle combitickets zijn uitverkocht en ook de dagkaarten voor vrijdag 3 juli en zaterdag 4 juli zijn de deur uit. Je kunt alleen nog tickets kopen voor donderdag en zondag. Via www.proximusgoformusic.be en www.teleticketservice.com kun je jezelf nu op een wachtlijst laten zetten voor de zaterdag- en combi-kaarten.

Dan ziet het festival programma er zo uit:

– Donderdag:
Hoofdpodium:
Oasis – Dave Matthews Band – The Prodigy – Placebo – Lily Allen – Eagles Of Death Metal
Pyramid Marque: Tiga – Emiliana Torrini – Pendulum – Laurent Garnier – Fleet Foxes – Expatriate

– Vrijdag:
Hoofdpodium:
Bloc Party – Elbow – Amy Macdonald – Coldplay – The Killers – White Lies – Just Jack
Pyramid Marquee: Lady Gaga – Arsenal – The Streets – Jason Mraz – M. Ward – Priscilla Ahn – Henry Rollins (spoken word)

– Zaterdag:
Hoofdpodium: Franz Ferdinand – Limp Bizkit – Kings of Leon – 2manydjs – Nick Cave & the Bad Seeds – Social Distortion – Triggerfinger – Rodrigo y Gabriela
Pyramid Marquee: Boys Noize – Grace Jones – Katy Perry – Mogwai – Yeah Yeah Yeahs – Regina Spektor – Jasper Erkens

– Zondag:
Hoofdpodium:
Mastodon – Seasick Steve – The Mars Volta – Black Eyed Peas – Metro Station – Kaiser Chiefs – Nine Inch Nails – Metallica
Pyramid Marquee: De Jeugd van Tegenwoordig – The Hickey Underworld – The Script – Lady Linn & Her Magnificent Seven – Ghinzu – Milk Inc. – Röyksopp

Recensie: Barzin – Notes To An Absent Lover

april 7, 2009

Misschien moeten we ons zorgen maken over dat arme hart van Barzin (Hosseini)? Want net als op zijn vorige plaat ‘My Life In Rooms’ (2006) ademt ook deze derde schijf ‘Notes To An Absent Lover’ van de Canadese singer-songwriter uit Toronto opnieuw die sfeer van een vervelend ten einde gekomen relatie. Meerdere zelfs, als we de persoonlijke teksten over zijn liefdesperikelen beluisteren. De titel pakt de inhoud van het album perfect samen: het zijn charmante, rustige popliedjes geschreven voor en over verloren liefdes en de misère die het met zich meebrengt.

Het wordt lente en deze negen tracks passen daar toch ook heel goed bij… Beetje somber, dat wel, maar dan met een prettige heen-en-weer wieg ambiance en ergens is er ook een sprankje hoop. Dat het weer goed komt. De songs voelen aan alsof je met de zachte wind door de haren en de lentezon op het gezicht op de fiets door een ontwakend zondagochtend landschap pendelt dat je ook tegelijk wat triestig stemt. Omdat je er alleen fietst.

De luchtige en vaak bijna uitgeademde vocalen met een melancholieke inslag vallen in een warme bed van veelal kabbelende, mellow composities die weemoed oproepen. Afgezien van het laatste nummer, waarin hij iets meer uptempo durft te gaan. Barzin en zijn drie muzikanten (waaronder Tony Dekker van Great Lake Swimmers) zorgen voor zeer sfeervolle en an sich vrij spaarzame arrangementen met mondharmonica, xylofoon, een luie slide en akoestische gitaar, een inkleurend drummetje of tamboerijntje over zwaar cello en viool gestrijk en ondersteunend pianospel.

Eigenlijk moet je deze plaat gewoon altijd in een ruk luisteren, want ze passen als een naadloos geheel. Het album werd uitstekend geproduceerd door Don Kerr, Ron Sexsmith’s vast producer en Jeremy Darby (Pink Floyd en Lou Reed). Als we er dan toch een paar favoriete songs uit moeten pikken, steken opener ‘Nobody Told Me’, het verdrietige afscheidsnummer ‘When It Falls Apart’ en het schitterende ‘Look What Love Has Turned Us Into’ er wat meer boven uit.

Liefhebbers van sad-slowcore in de hoek van Tindersticks (dit is minder zwaar), Sparklehorse (niet zo vol en traag), Sophia (niet zo repeterend en depressing), Low (minder etherisch) en Mazzy Star (minder gruizig) vallen zich hier zeker geen buil aan. Barzin grossiert in, zoals de platenmaatschappij het zeer treffend stelt, ‘the quiet side of pop’. Het is niks wat we niet eerder gehoord hebben, maar Barzin voert
het ontzettend mooi uit.

SPINNER SCORE: 82/100

Plaatjes Kijken: Yeah Yeah Yeahs – Show Your Bones

april 2, 2009

 yeahyeahyeahssybhskl

Of je ‘m nou ziet in de vinylbakken, de cd-winkel op ’t station of de iTunes Store, soms is een albumhoes genoeg om een bepaalde plaat te willen hebben. De ene keer een absolute aanwinst, de andere keer een gedrocht dat je nooit meer draait, maar in ieder geval bijzonder genoeg om naar te blijven kijken. Deze week:

Yeah Yeah Yeahs – Show Your Bones

Het in 2006 verschenen album ‘Show Your Bones’ is de tweede schijf van New Yorks (Brooklyn) artrock trio Yeah Yeah Yeahs en de opvolger van vlammend, energiek debuut ‘Fever To Tell’ (2003), waarmee ze flink naam maakten en doorbraken naar een groot publiek na enkele veelbelovende EPeetjes.

Op ‘Show Your Bones’ ondergingen zangeres, gitariste, mode-icoon en frontvrouwe Karen O, gitarist Nick Zinner en drummer Brian Chase een transformatie. Het verraadde dat Yeah Yeah Yeahs ondanks het succes van de eerste plaat niet bang was om het avontuurlijke pad te kiezen en de stomende rock ‘n’ roll garagepunk wat meer naar de achtergrond te laten verdwijnen, en er wat meer rust in te brengen zonder de aanstekelijkheid in de nummers te verliezen.

Het album met catchy singles als ‘Gold Lion’ viel uiteindelijk net zo in de smaak als het debuut, misschien nog wel een tikkie meer, maar YYYs toonde vooral aan dat het een bandje was om rekening mee te blijven houden. ‘Show Your Bones’ – waarop ook extra personeel als Beastie BoysMoney Mark (toetsen) en TV On The Radio’s Dave Sitek (sampler) te horen is – haalde bijna alle eindejaarslijsten als één van de beste albums, van Rolling Stone (nummer 44), tot Spin (31) en Q Magazine (33).

In eerste instantie werd er een wedstrijd uitgeschreven voor de albumhoes. Fans werden opgeroepen een vlag te ontwerpen, die zou worden gebruikt voor de cover of het andere artwork voor de plaat. Bijna alle inzendingen zijn wel terecht gekomen in het cd-boekje, maar de albumhoes kwam er niet uit voort. De band koos voor een andere ontwerper.

De ‘Show Your Bones’ albumhoes lijkt van textiel gemaakt en betastbaar. Het zet je aan om de hoes te willen aanraken en voelen, maar het is feitelijk gewoon een gedetailleerde foto van een onderdeel van een stoffen vlag. De bedenker van het patroon en maker van die vlag is Julian Gross, die we kennen van The Liars. Hij heeft met zijn concept niet alleen Yeah Yeah Yeahs bandnaam mooi weten te vatten – in de ruwe rode stof komen de drie Y’s onder elkaar terug – maar tegelijkertijd ook de titel van de plaat. Die rood gekleurde in het oog springende Y’s lijken zo tevens op een ribbenkast (‘laat je botten zien’).

Jammer dat de platenmaatschappij van mening was dat wij fans niet zo slim zijn om die Y’s er zelf uit te pikken en de onderliggende botten-boodschap van Gross, want ze vonden het nodig om de bandnaam en de albumtitel in onaantrekkelijke, cursief gedrukte witte belettering over de afbeelding heen te laten zetten door de artworkafdeling. Helaas, maar desondanks blijft het nog steeds een aantrekkelijke voorkant!

Nick Cave, Goldfrapp en anderen veilen hun slips

maart 26, 2009

Het ondergoed van beroemdheden is meestal off limits, tenzij ze zelf een kledinglijn in de markt zetten of gestalkt worden door een engerd met een camera, die het nodig vindt die afbeeldingen op het net te pleuren. Of je moet met één van hen in bed belanden. Daar komt nu verandering in, want we kunnen de onderbroeken van (indie)sterren nu niet alleen ongegeneerd bekijken, ze zijn ook nog van een persoonlijke handtekening voorzien en te koop!

Je kunt er met een gerust hart en zonder gene zo een van Nick Cave, Jarvis Cocker, Alison Goldfrapp, Jah Wobble, Black Eyed Peas‘ Fergie en nog wat filmsterren en andere entertainers aanschaffen, want de opbrengst gaat naar een goed doel.

De initiator achter dit hilarische idee is The Guardian-journalist Simon Hattenstone. Hij vroeg de celebs hem hun onderbroeken te sturen om te verkopen via veilingsite eBay, zodat hij op deze manier geld kon inzamelen voor een opvanghuis voor asielzoekers in Engeland. Hoe het proces van slips vergaren verliep en verdere funny uitleg over het waarom van deze stunt, lees je na in zijn column.

De prijzen zijn vooralsnog goed te doen, afgezien van Cocker’s blauwe geval. Op het moment van schrijven is er 23 keer op geboden en staat de teller op 155 pond. Maar Cave’s Grinderman slip kost nu bijvoorbeeld nog 38 pond na zes biedingen. Van Alison Goldfrapp hadden we eigenlijk wel iets van leer verwacht, anders dan een zalmkleurig wollen broekje (‘my buttwarmers, love 2 u’).

Het is overigens niet geheel duidelijk of de iconen het ondergoed ook daadwerkelijk zelf hebben gedragen. Bij sommigen wil je het je best even voor de geest halen, bij anderen weer heel erg niet. Want die (25 pond is de huidige prijs) van Jah Wobble? Neuh, lama. HIER kun je een slip uitzoeken en erop bieden!

Weer tien namen voor Rock Werchter

maart 25, 2009

Langzaam aan begint het programma boekje van het Belgische Rock Werchter aardig vol te geraken. De organisatie heeft weer tien nieuwe namen onthuld voor de editie 2009 van 2 tot en met 5 juli. Vragen wij ons meteen af waar Lowlands eigenlijk blijft met de aankondigingen, maar goed. Samen met de headliners ziet het er steeds toffer uit. Als de al aangekondigde namen je bevielen, bekijk je deze nog, maar zorg je beter als the hell dat je een ticket koopt. Want het gaat hard met de voorverkoop.

Met deze tien toegevoegde acts is de line-up voor donderdag in elk geval helemaal rond: hiphopgezelschap Black Eyed Peas, Boys Noize, rock en metalcover band Rodrigo Y Gabriela, Eagles Of Death Metal, White Lies, Yeah Yeah Yeahs, Regina Spektor, The Script, Expatriate en voorlopig als enige Nederlandse act De Jeugd Van Tegenwoordig.

Daar gaat ie weer, het schema per dag, met de aanvullingen:

– Donderdag:
Hoofdpodium:
Oasis – Dave Matthews Band – The Prodigy – Placebo – Lily Allen – Eagles Of Death Metal
Pyramid Marque: Tiga – Emiliana Torrini – Pendulum – Laurent Garnier – Fleet Foxes – Expatriate

– Vrijdag:
Hoofdpodium:
Bloc Party – Elbow – Amy Macdonald – Coldplay – The Killers – White Lies – Just Jack
Pyramid Marquee: Lady Gaga – The Streets – Jason Mraz – M. Ward – Priscilla Ahn – Henry Rollins (spoken word)

– Zaterdag:
Hoofdpodium: Franz Ferdinand – Limp Bizkit – Kings of Leon – 2manydjs – Nick Cave & the Bad Seeds – Social Distortion – Rodrigo y Gabriela
Pyramid Marquee: Boys Noize – Katy Perry – Mogwai – Yeah Yeah YeahsRegina Spektor

– Zondag:
Hoofdpodium:
Mastodon – Seasick Steve – The Mars Volta – Black Eyed Peas – Kaiser Chiefs – Nine Inch Nails – Metallica
Pyramid Marquee: De Jeugd van Tegenwoordig – The Hickey Underworld – The Script – Ghinzu – Flaming Lips – Röyksopp

Er is elke festivaldag plaats voor 80.000 bezoekers op de weide. De organisatie deelde mede dat alle tickets voor Rock Werchter vrijdag al de deur uit zijn. Van de vier dagen combitickets zijn er momenteel zo’n 50.000 verkocht van de 70.000. De zuiderburen hebben vooralsnog geen last van de zogenaamde recessie. Of iedereen heeft inmiddels de afgelopen tijd 169 euro bij elkaar gespaard, dat kan ook…

Verslag: Cross-Linx in muziekcentrum Frits Philips, Eindhoven

maart 23, 2009

Cross-Linx is één van de meest verrassende festivals die Eindhoven rijk is. Het thema van de negende editie van het avontuurlijke één-avond-festijn – waar avant-garde pop, new folk tot postrock en nieuw klassiek elkaar ontmoeten en dat tevens Utrecht en Enschede aandoet met dezelfde line-up – is film(ische) muziek. Vrijdagavond 20 maart maken onder meer Britse componist Michael Nyman en Belgische band Zita Swoon hun opwachting in muziekcentrum Frits Philips.

Michael Nyman, de man achter de met drie Oscars bekroonde ‘The Piano’ soundtrack en vele Peter Greenaway-films, is de grootste naam op de poster. We zetelen ons dan ook lekker in een theaterstoel in de grote zaal om naar Nyman’s post-barokke minimalistische muziek te gaan luisteren. Hij zal een selectie van zijn filmische tracks brengen. De vleugel wordt geflankeerd door de twee violisten, een cellist, electrisch bassist en vier blazers die Nyman bijbestaan, in een opstelling van twee bij twee op stoelen.

Michael verschijnt statig ten tonele en neemt plaats. Op zijn teken beginnen ze te musiceren. Vreemd genoeg zit hij met zijn rug naar het publiek. Dat maakt het voor de toeschouwers wat moeilijk in de juiste sfeer te geraken, vooral als hij solo speelt. Er is namelijk niet zoveel te zien, de muzikanten focussen zich op de notenbalken en Nyman kijkt alleen naar hen. Hij staat slechts even op na een uitvoering om buigend het applaus in ontvangst te nemen. Het beste kon je dus gewoon de ogen sluiten en luisteren, want zo blijkt het duidelijkst dat Nyman erg beeldende muziek maakt. Dan trekken er wel dreigende taferelen of desolate landschappen voorbij.

Je mist een dimensie als er geen visuals worden getoond en op het podium – sober uitgelicht – niets opvallends gebeurd. Het geluid reikt ook niet tot achter in de zaal, zodat je niet in de songs wordt gezogen, af en toe schudt de knetterende trombonist je zelfs oorverdovend wakker. Heel prima gespeeld, daar niet van, maar het valt extra op dat de opbouw van Nyman’s songs vaak hetzelfde is. Van intiem klein naar groots, wild en ontsporend. Die chaotische geluidsmuren waren sonisch wel weer erg indrukwekkend.

In de kleine zaal checken we JacobTV, oftewel componist Jacob ter Veldhuis. Hij leeft zijn fascinatie voor de mediawereld in de USA uit in een combinatie van gespreksfragementen (veel gevloek, zinnen, woorden) en muziek van een 7-koppige band met harp plus live visuals van Jan Willem Looze en Jan Boiten. Het resultaat klinkt vernuftig en hypnotiserend, zoals het funky jazz nummer opgebouwd rond het begrip ‘overpopulated’. Tussen alle gigs door zijn er ook mini-optredens op onverwachte plekken, zoals backstage, de kleedkamers of trapportalen. Vooral BoyShouting en Wixel waren uiterst vermakelijk.

Zita Swoon spil Stef Camil Karlens, in een soort Pipo de clown broek, vest en hestje zonder mouwen, heeft zijn bassist, percussionist, drummer, twee madamekes op backing vocals en de nieuwe toetsenist (sinds Tom Pintens weg is) meegenomen naar de grote zaal. Ondanks die swingende opstelling wil de schwung er maar niet inkomen. Eerst gaat er wat mis met Karlens gitaar, maar overall ontbreekt het aan de passie die we van de Belgen gewend zijn. Natuurlijk wordt er goed gespeeld, na al die jaren heeft Zita swoon een niveau om op terug te vallen, maar dat extra komt maar niet.

We missen Pintens in Zita. Wellicht was het zijn rol om alles aan te sturen, nu deed Stef dat zelf. Een afleiding van zijn core business? En Pintens kenmerkende bijdrages aan de gloedvolle songs werden niet overgenomen. Wel op toetsen, niet op andere instrumenten. Daardoor klinken de 75 minuten van hun beste songmateriaal, zowel oude hits als ‘Ice Guitars’ als nieuwere van laatste platen ‘Big City’ en ‘ Big Blueville’ en het Franse chanson album, anders. Het wordt er gewoner van, niet intenser. Zita had de geest niet of moet toch iets verzinnen om Pintens inbreng beter te vervangen.

Het zag er op voorhand mooi uit, dat Cross-Linx programma, maar in de uitvoering viel het wat tegen. De kleinere acts tussendoor maakten misschien toch wel meer indruk dan de twee hoofdacts.

Gezien: Muziekcentrum Frits Philips, 20-03-2009.

Nieuwe Cloudmachine gemaakt met producer Tom Waits

maart 23, 2009

Cloudmachine, de band van Noord-Hollandse origine rond songwriter Ruud Houweling, werkt voor het derde album ‘Back On Land’ en de opvolger van ‘Hum Of Life’ (2006) samen met Oz Fritz. De Amerikaanse producer/engineer won Grammy’s voor zijn werk voor Tom Waits‘ albums ‘Mule Variations’, ‘Alice’, ‘Blood Money’ en ‘Orphans: Brawlers, Bawlers & Bastards’.

Hij produceerde bovendien succesvol voor bands als Primus en deed vele projecten met Bill Laswell met onder andere Ginger Baker, Iggy Pop, The Ramones, Herbie Hancock, George Clinton en Bootsy Collins en John Cale. ‘Mule Variations’ was de plaat waarom Houweling met Fritz wilde werken. Voor de gloedvolle Cloudmachine songs – waarin doorgaans zo’n beetje de hele popgeschiedenis samenkomt in de vorm van invloeden van John Lennon, David Bowie, Neil Finn, Radiohead en de klassieke muziek van Arvo Pärt – wilde Ruud ‘zuchtende instrumenten’ en het moest ‘organisch klinken’. Hij zag Fritz als aangewezen persoon om dat geluid te bewerkstelligen.

Oz hoorde het songmateriaal en was zo enthousiast dat meneer zijn vliegticket grotendeels zelf betaalde om met de band in Weesp op te komen nemen met veel vintage apparatuur. Daaronder vinden we een vleugel uit 1938, een harmonium uit een oud klooster, een Hammond B3, Wurlitzer, een krakkemikkige piano, vibrafoon, glockenspiel en tubular bells. Op het album komen ook arrangementen met strijkkwartet, hoorns, flugelhorn en euphonium. Het mixen vond uiteindelijk plaats in Californië, in dezelfde studio als waar Fritz met Tom Waits heeft gewerkt.

Op de schijf ‘Back On Land’, die 20 april verschijnt, is verder geslepen aan het prettig melancholieke, warme geluid van Cloudmachine. We zijn reuze benieuwd, op ‘papier’ klinkt het in elk geval erg goed! Op 16 april wordt ‘Back On Land’ gepresenteerd bij poppodium Patronaat te Haarlem. De eerste single ‘Big Love’ verschijnt binnenkort al. Ondertussen bekijk je een ‘Making Of’ video, die Cloudmachine vast op hun site zette: opnames uit de studio’s in Weesp en Californië, korte interview fragmenten en je hoort al stukjes van nieuwe songs.

Cat Stevens aka Yusuf Islam doet het met James Morrison

maart 20, 2009

Yusuf Islam, vroeger heel bekend als Cat Stevens, heeft weer eens een nieuwe plaat opgenomen. Op ‘Roadsinger (To Warm You Through The Night)’ wordt de Britse zanger en componist bijgestaan door een aantal bijzondere namen, zoals James Morrison, Michelle Branch en Holly Williams, dochter van de legendarische countryzanger Hank Williams.

Zo’n 26 jaar stond het leven van Islam merendeels in het teken van zijn religie, in plaats van zijn muziek. In 2006 was Yusuf ineens terug met het album ‘An Other Cup’. Gezien deze historie volgt ‘Roadsinger’ daar dan vrij snel op, want die verschijnt al op 4 mei.

“Ik ben zo lang weg geweest van mijn publiek. De mensen dachten dat er nooit meer een nieuwe plaat zou komen,” aldus Islam in een interview. “Ik ben terug op het punt wat ik het beste doe: plaatjes schilderen met muziek en verhalen vertellen op een erg menselijk, positief en intuïtief niveau. Ik denk zelf dat het nieuwe album in sommige opzichten de draad oppakt waar de Cat Stevens die het publiek kent hem liet liggen.”

Yusuf richt zich op zijn aanstaande schijf meer op volksverhalen. De plaat, die hij opnam in Londen, Los Angeles en Nashville, produceerde hij zelf met hulp van Martin Terefe. In januari heeft Yusuf overigens nog een covertje gemaakt van wijlen Beatle George Harrison’s ‘The Day The World Gets ‘Round’, afkomstig van zijn album ‘Living In The Material World’ uit ’73, voor het goede doel.

Plaatjes Kijken: Björk – Volta

maart 19, 2009

bjork_volta_fronthskl

Of je ‘m nou ziet in de vinylbakken, de cd-winkel op ’t station of de iTunes Store, soms is een albumhoes genoeg om een bepaalde plaat te willen hebben. De ene keer een absolute aanwinst, de andere keer een gedrocht dat je nooit meer draait, maar in ieder geval bijzonder genoeg om naar te blijven kijken. Deze week:

Björk – Volta

Het zesde studioalbum ‘Volta’ (Polydor Records), de opvolger van ‘Medúlla’ (2004) van IJslandse zangeres Björk verschijnt op 4 mei 2007. Het is de eerste plaat die deze opmerkelijke dame in zijn totaliteit zelf produceerde en ze werkte voor zeven tracks samen met producer Timbaland. Bovendien schakelde ze een 14-koppig blaasorkest in van alleen maar IJslandse vrouwen, een Afrikaans koor en Malinees Toumani Diabaté. Bjork heeft een aantal podcast online gezet rond de releasedatum, waarin ze uitgebreid verteld hoe ‘Volta’ tot stand kwam. Hier check je de eerste.

Ondanks dat de twee opvallend mooie tracks met Antony Hegarty van Antony & The Johnsons en de eerste – alleen digitaal te downloaden – single ‘Earth Intruders’ het goed deden, viel deze plaat niet zo goed in de smaak bij de fans als alle andere van Björk. Ook de uitgeschreven wedstrijd dat liefhebbers een clip mochten regisseren voor het nummer ‘Innocence’, maakte de muziek niet populairder. En toch werd ‘Volta’ uiteindelijk genomineerd voor een Grammy, stond het album negen weken op één in de Billboard hitlijst en werden de eerste drie maanden zo’n half miljoen exemplaren verkocht.

De albumtitel Volta is volgens Björk voortgekomen uit verschillende betekenissen. Het is zowel de naam van de Italiaanse wetenschapper die de batterij heeft uitgevonden als de naam van een rivier in Afrika als een aangelegd meer genaamd Lake Volta.

Björk staat bekend om haar artistieke hoezen als ook haar uitbundige en extravagante kleding en innovatieve muziekstijl, maar deze albumhoes is wel de weirdste van allemaal. Je zou denken dat de beeltenis in zijn geheel is gephotoshopt, maar dat is niet waar. Dat ‘pak’ waarin Bjork verstopt zit, een soort combinatie van een Chuppa Chup lolly en zo’n typische Russisch poppetje, is een levensecht hol beeldhouwwerk van beroemde mode ontwerper Bernhard Willhelm. De kunstenaar maakte het ontwerp eerst op papier, voordat hij het in deze vorm uitwerkte.

Via het pak aan een ketting kon Björk zich staande houden, terwijl Show Studio-fotograaf Nick Knight er kiekjes van maakte. Parijse ontwerpstudio M/M heeft de uiteindelijke foto gekozen en is er vervolgens mee aan de slag gegaan. Zij besloten om de afbeelding als sticker op een signaal rode hoes te plakken. Binnen in de verpakking zien we nog foto’s van Björk in handgemaakte, uitbundig gekleurde kostuums van The Icelandic Love Corporation.

De speciale digipack uitgave van het album bevat een bonus DVD met de plaat in 5.1 surround geluid en heeft ander artwork. Hoe dat eruit ziet, bekijk je hier. Beide verpakkingen van ‘Volta’, en een dubbel vinyl uitgave, zijn nog altijd gewoon te koop.