Archive for the ‘[ ALBUM ] tips/revws’ Category

Recensie: The Temper Trap, ‘Conditions remixed’

november 21, 2010

Dit had hoogstens een bonusschijf moeten zijn

Op ‘Conditions remixed’ krijgt het debuutalbum van de Australische rockers een herbewerking door grote namen uit de dance scene. Dat debuut ‘Conditions’ met hitsingles ‘Science of fear’, ‘Love lost’ en vooral ‘Sweet disposition’ is er nog maar sinds zomer 2009. Een toer door het thuisland en de UK zette The Temper Trap op de kaart. Ook in de Benelux was de band al vaker te gast. In afwachting van de tweede – het viertal zit in Londen voor opnames – krijgen we remixen voorgeschoteld van alle nummers in de oorspronkelijke volgorde.

Kern van de muziek van The Temper Trap zijn de gitaren en de soulvolle stem van zanger Dougi Mandagi. Songs vol melodie, soms lief, vaak bezwerend, galmend en gelaagd, avontuurlijk. De bedoeling van de remixen was volgens het kwartet ‘a soul jazz exploration, in search for a new sound’. De zanglijnen behouden de soul nog enigszins en het valt op dat Mandagi’s flexibele vocalen met gemak in diverse muzikale stijlen passen. Het is dan weer jammer dat er weinig inspirerend gebruik van is gemaakt. En zonder het bed van gitaarriffs en pompende drums valt veel van de charme van The Temper Trap weg en klinkt Mandagi te koud en emotieloos. Jazz? Een nieuw geluid? Nope.

Het aanhouden van de volgorde was geen beste keuze. De individuele mixen houden geen rekening met een opbouw of totaalervaring. Daardoor is het een erg wisselvallig album, zwevend tussen pogingen tot dancehall vloervullers en meer experimentele probeersels. Er zit geen verband tussen.

Faithless’ Rollo & Sister Bliss spelen op safe en drenken ‘Love lost’ in hun typische synthwave met clubland beats. Wat Three Trapped Tigers deed met ‘Rest’ had, gezien hun complexe songs, een bak spannender gekund dan drijven op een vlak doordreinend ritme. Alan Wilkins’ soundscaperige ‘Sweet disposition’ is aardig. Hoewel je niet veel fout kan doen, zijn de housebeats een geschikt gezelschap voor Dougi. ‘The science of fear’ (aka Hervé) wordt verpest door een simpele drum ‘n’ bass mix. Het is pas interessant als er flink wordt afgeweken van het voorbeeld, zoals trancegrootheid Adam Freeland doet met zijn verknutseling van ‘Fader’ tot vier minuten desoriënterende distortion. Penguin Prison’s ‘Resurrection’ is een triomf en de rol van spoken word-artiest Kate Tempest in BrentonLabs visie op het voorheen instrumentale ‘Drum song’ erg tof.

Waarom een remixalbum zo snel na je debuut? En dan nog eentje die niet zo boeiend is? Ze trekken er vast geen nieuwe fans mee. We zetten het origineel nog wel een keer op. Dit had hoogstens een bonusschijf moeten zijn.

CuttingEdge SCORE: 2 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

Details // Album:

* Band: The Temper Trap
* Album: Conditions remixed
* Record company: PIAS
* Jaar: 2010
* Track list: Love lost – Sister Bliss and Rollo Mix / Rest – Three Trapped Tigers Remix / Sweet disposition – Alan Wilkis Mix / Down river – Fool’s Gold Remix / Soldier on – RUSKO’s F’kin Seagull Remix / Fader – Adam Freeland Remix / Fools – Peter, Bjorn & John Hortlax Cobra Remix / Resurrection – Penguin Prison Remix / Science of fear – The Count (aka Hervé) Medusa Remix / Drum song – BretonLabs Remix featuring Kate Tempest

© Cutting Edge — 21 Nov 2010
images © PIAS

Link: CD review The Temper Trap, ‘Conditions remixed’ (2010) bij CuttingEdge

Recensie: Blonde Redhead, ‘Penny sparkle’

november 14, 2010

Een wolk van een plaat om op weg te drijven

De nieuwe Blonde Redhead is flink wennen. Het New Yorkse trio Kazu Makino, Simone en Amedeo Pace was al bezig hun getreden pad van experimentele, sfeerrijke en melodieuze indierock met dissonante, uit de bocht vliegende gitaren te verleggen naar meer pop en elektronica. Die weg werd ingeslagen op ‘Misery is a butterfly’ (2004) en verder bewandeld op ’23’ (2007). Het zou geen verrassing moeten zijn dat achtste album ‘Penny Sparkle’ die wandel vervolgt en de grens verder opschuift. Dat was het wél voor veel fans.

Er werd gewerkt met Zweedse producers Van Rivers en The Subliminal Kid (Fever Ray). De incidentele productionele bijval van Drew Brown (Beck, Radiohead) en de eindmix van shoegazegoeroe Alan Moulder zetten de puntjes op de i. Het prachtige deluxe artwork staat voor de inhoud: het oogt sober, maar is oerend efficiënt. De songs zijn zorgvuldig, verfijnd minutieus opgebouwd. Met veel passie en bol staand van gevoel. De zin ‘Your other world (dream) is inside here’ spreekt boekdelen. ‘Penny sparkle’ klinkt alsof een kalmerend valiumpje is genomen alvorens op te nemen om in een diepe droomstaat te geraken. De trippy slowcore sfeer van ’23’ is tot in extreme vormen doorgetrokken: uitgepuurde, transparante chillout. De eerste songs dwarrelen zo voorbij.

Kazu stond nimmer zo op de voorgrond, zong nooit zo ijzig helder (haar nog donkerdere lyrics blijven vaag) en mooi. Net als Amedeo (‘Black guitar’). Ongelooflijk knap om de pracht die het oudere, typerende materiaal kenmerkt in zo’n fraaie, onderzoekende vorm te gieten. Wie de tijd neemt, merkt dat aan alles is vastgehouden. De sprankelende melodieën, het intense breekbare, het gelaagde organische. Alleen vrijwel geen gitaren en nergens een climax. De vertederende zang wordt gedragen door een spaarse, weemoedige of lieflijke, troostgevende elektronische invulling en in echo gedrenkte beats, 80’s synths en samples. Kaler, rustiger, ingetogener. Gaandeweg krijgen ze meer schwung. Vanaf halverwege het album valt het echt perfect in elkaar, die subtiele nuances. Al zijn alle songs van hoog niveau. Het betoverende ‘Love or prison’, de zweverige, trieste, beeldschone titelsong en hartbrekend schitterende ‘Spain’ zijn ware parels.

‘Penny sparkle’ is een wolk om op weg te drijven. Blonde Redhead zal er helaas not too open minded guitar fans mee verliezen. De vorige plaat had daar al last van. Wellicht krijgen ze er nu aanwas bij uit een andere hoek. Innovatie is niet altijd fijn. De manier waarop deze drie zich telkens opnieuw uitvinden valt enorm te waarderen. Dat getuigt van lef en diepgang.

CuttingEdge SCORE: 4 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

Details // CD:

* Band: Blonde Redhead
* Album: Penny sparkle
* Record company: 4AD
* Jaar: 2010
* Track list: Here sometimes / Not getting there / Will there be stars / My plants are dead / Love or prison / Oslo / Penny sparkle / Everything is wrong / Black guitar / Spain

© Cutting Edge — 14 Nov 2010
images © 4AD

Link: CD review Blonde Redhead, ‘Penny sparkle’ (2010) bij CuttingEdge

Recensie: Various Artists, ‘Eat pray love (OST)’

oktober 24, 2010

Vermakelijk, goed samengesteld, weinig nieuws

De soundtrack ‘Eat pray love’ begeleidt de verfilming van de bestseller van Elizabeth Gilbert door regisseur Ryan Murphy, die aan het einde van de zomer zijn première beleefde in Amerika en begin oktober in Nederland en België. Hoewel de trailer veel goeds beloofde, werd de film ‘aardig’ ontvangen. Het verhaal: ‘Liz’ Gilbert (Julia Roberts) realiseert zich hoe ongelukkig ze is in haar huwelijk en besluit te scheiden, haar leven te veranderen en zichzelf te herontdekken. Ze gaat een jaar op reis. Begint in Italië (‘eat’), door naar India (‘pray’) en eindigt in Indonesië (‘love’). De muziek, veelal door artiesten uit de jaren zeventig en eerder, weet haar gevoelens – herinneringen, liefde, verlangen en hoop – uit te drukken en neemt de luisteraar eveneens mee op reis.

Een chickflick zijnde, horen we romantiek, soul, wereldmuziek en weinig rock. De lyrische opener van Josh Rouse leidt het avontuur wiegend in. Het fragment van Barbieri haalt vervolgens beelden van een oude Franse film noir naar het netvlies. De dikke, swingende funksound van Sly & the Family Stone geeft aan dat Liz klaar is voor de reis. Dan een grote overgang naar de Bona botervloot-jingle van weleer – sorry, die associatie hebben wij nu eenmaal sinds die commercial. De operazangeres ondersteund door het klassieke orkest met een deel ‘Die zauberflute’, is een mooie maar vreemde eend in de bijt.

Het middenstuk rijgt prachtig aaneen. Met Neil Youngs ‘Heart of gold’ zit je altijd goed (net als sluiter van dit blokje ‘Harvest moon’). Zachtjes glijd je de sferische, traditionele Indiase tablasounds van U. Srinivas in, dat perfect overgaat in het schitterende ‘The long road’ van Pearl Jams Eddie Vedder en wijlen Nusrat Fateh Ali Khan. Al bekend van ‘Dead man walking’ en daar te veel aan verbonden. Bebél en João Gilberto leveren luchtige, zwoele, bossa nova-bijdrages, catchy onderbroken door Gaye. Dan de door Vedder gepende Oscarkandidaat ‘Better days’. Een meeslepende ballad, hoewel minder krachtig dan zijn werk voor ‘Into the wild’. Een zoektocht naar innerlijke rust, gelardeerd met een exotische (Indiase) klank, violen, mandoline en een gloedvolle accordeon rondom Eddies imponerende stem. De instrumental van Marianelli, die met piano en zwierige violen leunt naar een hoopvol eind, is een juweeltje.

De soundtrack is vermakelijk en goed samengesteld, maar weinig nieuws. De trailersongs ‘Dog days are over’ van Florence and the Machine en ‘Sweet disposition’ van The Temper Trap staan er niet op. Die hadden een andere vibe toegevoegd.

CuttingEdge SCORE: 3 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

Details // Album:

* Band: Various Artists
* Album: Eat pray love (OST)
* Record company: Island Records/ Universal
* Jaar: 2010
* Track list: Josh Rouse – Flight attendant / Gato Barbieri – Last tango in Paris (suite pt. 2) / Sly & The Family Stone – Thank you (fallettin me be mice elf agin) / Wiener Philharmoniker, George Solti conductor – Der hölle rache kocht in meinem herzen uit ‘Die zauberflute’ (‘The magic flute’) / Neil Young – Heart of gold / U. Srinivas – Kaliyugavaradana / Eddie Vedder met Nusrat Fateh Ali Khan – The long road / Neil Young – Harvest moon / Bebél Gilberto – Samba da bençáo / João Gilberto – Wave / Marvin Gaye – Got to give it up (part 1) / João Gilberto – ‘S wonderful / Eddie Vedder – Better days / Dario Marianelli – Attraversiamo

© Cutting Edge — 24 Oct 2010
images © Island Records/ Universal

Link: CD review Various Artists, ‘Eat pray love (OST)’ (2010) bij CuttingEdge

Recensie: Various Artists, ‘Moshi Moshi singles club vol. 2’

mei 30, 2010

Als een mixtape met nieuwe hete bandjes

Het idee van Moshi Moshi Records voor Singles Club is uit een prachtgedachte geboren: liefde voor de 7″-single. En zinnig is de ingeving van de twee mannen Stephen Bass en Michael McClatchey achter het coole Engelse platenlabel ook nog eens. Dit platform biedt een opstap aan nieuwe artiesten en het plaatje kan snel de winkels in. Je moet het ijzer smeden als het heet is, nietwaar. De carrières van aanstormende talenten zoals Lykke Li, Kate Nash, Late of the Pier, Friendly Fires werden er succesvol mee gelanceerd. ´Vol. 1´ met singles uit 2006-2008 wordt nu opgevolgd met ´Moshi Moshi singles club vol. 2´. Een verzameling van de 7”’s van 2008 tot nu in chronologische volgorde.

Er zijn behoorlijk wat stijlen door elkaar gepleurd: van garagerock tot elektro/dance en krautrock naar nu-folk. De enige constante is dat het inventieve, opkomende artiesten zijn. Vanaf Florence And the Machines ´Kiss with a fist´, meteen de bekendste track, zijn alle nummers van een hoogstaande kwaliteit. Er zit niets tussen wat je niet lust, het zakt nergens echt in, al zijn er mindere bij (Cocknbullkid en Samuel & The Dragon). Toch is dit een goede manier om intrigerende muziek te leren kennen. Had je de bands zelf al gespot (zo ja congrats, je bent hip en helemaal bij) dan is het nog heel plezierig dat ze samen op één tof schijfje staan. De vibe is over het algemeen ook lekker zomers.

Moeten we er toch een paar bands uitvissen dan raden we je dansvloerschuiver ´Rosenrod´ van Diskjokke aan, het naar het vroege Arcade Fire werk knipogende ´Drowning men´ van Fanfarlo (je denkt serieus even dat je een verloren track te pakken hebt), de momentele hype The Drums met ´Let’s go surfing´ (een Joy Division-baslijn, blij gefluit, een kietelend gitaarrifje, snuifje Beach Boys; poppy en mega aanstekelijk) en het meeslepende ´Into the heart´ van Mirrors.

‘Vol.2’ voelt alsof je weer eens een mixtape met hete bandjes die je gehoord moét hebben, in handen gedrukt hebt gekregen. Dat gevoel spreekt natuurlijk alleen muziekfreaks ‘op leeftijd’ aan, want nowadays hoef je maar op het web te snuffelen en te klikken voor hetzelfde resultaat. Wij zaten vroeger klaar met de cassetterecorder om als een gek op de recordknop te drukken als er een vet nummer voorbijkwam. Die tape kopieerde je dan voor je vrienden. Zo ging dat, samen spannende muziek ontdekken.

Schaf vooral ook ´Vol. 1´ aan, want dan heb je gewoon alle A-kanten van elke single die Moshi Moshi Records ooit de wereld in heeft geslingerd. Dit soort warmhartige initiatieven moeten we koesteren.

CuttingEdge SCORE: 4 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

DETAILS // CD:

* Band: Various Artists
* Album: Moshi Moshi singles club vol. 2
* Record company: Moshi moshi records
* Jaar: 2010
* Track list: Kiss with a fist – Florence And The Machine / No pins allowed – James Yuill / Gront lys i alle ledd – Casiokids / Good thing it’s a ghost town around – Still Flyin’ / I’m not sorry – Cocknbullkid / Drowning men – Fanfarlo / Rosenrod – Diskjokke / Sex in the city – Bless Beats & Janee feat. Double S/ Swingin’ party – Kindness / Let’s go surfing – The Drums / Into the heart – Mirrors / Diamonds on a boat – Samuel & The Dragon / Silverfish – Signals / Ghost train – Summer Camp

© Cutting Edge — 30 May 2010
images © Moshi Moshi Records

Link: CD review Various Artists, ‘Moshi Moshi singles club vol. 2’  (2010) bij CuttingEdge.nl

Recensie: Red Sparowes, ‘The fear is excruciating, but therein lies the answer’

mei 19, 2010

Melodieuzer en emotievoller

In 2005 werden we heftig opgeschrikt door de uit diverse bands samengebalde Red Sparowes en hun epische uitgesponnen postrockplaat ‘At the soundless dawn’. Na een live tussendoortje verscheen ‘Every red heart shines toward the red sun’ in 2006. Een even imponerende plaat, nog gewelddadiger en zwaarder, die liet horen dat ze hun eigen muzikale plek verdienden tussen de groten der postrock: Explosions In The Sky, Godspeed You! Black Emperor, Mono, Mogwai en ook Sunn O))).

Na drie splitalbums stapte Neurosis-held Josh Graham op. Isis-gitarist Bryant Clifford Meyer vervangt hem voor de sterke ‘Aphorisms’ EP (2009). Op het derde studioalbum ‘The fear is excruciating, but therein lies the answer’ bestaat de bezetting nog steeds uit Meyer en Angel Hair-gitarist Andy Arahood (beide elektrische piano/synth/zang), Halifax Pier’s Greg Burns (bas/pedalsteel/vocalen), David Clifford van The Vss en Pleasure Forever (drums/percussie/zang). Maar voor het eerst horen we aanwinst Emma Ruth Rundle (gitaar/zang) van het onbekende The Nocturnes. En ook zijn de ellenlange, intelligente songtitels verdwenen.

Levert Red Sparowes 2.0, opgenomen door Toshi Kasai (Melvins, Tool), een progressiever geluid op? Het is gissen of het aan de vrouwelijke input ligt maar deze plaat is wel hun meest melodieuze, emotionele ‘songgerichte’ album tot nu toe. Het begint fluisterend, een dikke gitaardelay en pedalsteel vullen de ruimte, zwellen aan, echoën. Al snel worden we omgeven door triomferend drumwerk en hemelse riffs. Net als je denkt dat je opstijgt en meevliegt leidt een funky baslijn en subtiel slagwerk ‘In illusions of order’ in. De gitaarlagen voorspellen een sonische stortbui, dikke wolken pakken samen, de pedalsteel zorgt voor een hoopvol streepje voor het onweer licht losbarst.

Prettige wegluisterende nummers als ‘A hail of bombs’ en ‘In every mind’ tonen een minder avontuurlijke aard. Maar het verwoestend prachtige ‘Giving birth to imagined saviors’ geeft perfect weer dat er een betere balans is gevonden tussen dat intens heftige van weleer en de nieuwe emotievollere invalshoek. In songs als ‘A swarm’ en ‘A mutiny’ is bovendien een flinke scheut psychedelica aan de conventionele hard-zacht-dynamiek toegevoegd. Met de albumsluiter blaast Red Sparowes ons dan eindelijk van de sokken met de enige èchte noise climax die het album rijk is.

De open volle productie plaatst het cinematische in breedbeeld op het witte doek. De wanhoop snijdt dieper dan ooit in de ziel. Deze plaat brengt Red Sparowes subtieler, vloeiender en moeitelozer naar een hoger, volwassener en even geweldig niveau.

CuttingEdge SCORE: 4 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

Details // CD:

* Band: Red Sparowes
* Album: The fear is excruciating, but therein lies the answer
* Record company: Conspiracy Records
* Jaar: 2010
* Track list: Truths arise / In illusions of order / A hail of bombs / Giving birth to imagined saviors / A swarm / In every mind / A mutiny / As each end looms and subsides

© Cutting Edge — 19 May 2010
images © Conspiracy/Konkurrent

Link: CD review Red Sparowes, ‘The fear is excruciating, but therein lies the answer’ (2010) bij CuttingEdge.nl

Recensie: Broken social scene, ‘Forgiveness rock record’

mei 16, 2010

Een logisch en interessant vervolg

Voor de creatie van ‘Forgiveness rock record’ (hierna ‘Frr’), de vierde schijf van het Canadese indiecollectief rond Brendan Canning en Kevin Drew, is natuurlijk weer een reeks gasten ingeschakeld om een handje te helpen: Feist, Metric-zangeres Emily Haines, Stars’ Amy Millan en peeps van Do Make Say Think, The Sea & Cake en Spiral Stairs. Al vormen de zes van de BSS-tour-ine-up de kern.

Geluidsarchitect David Newfeld werd ingewisseld voor bandheld John McEntire (Tortoise/The Sea & Cake-drummer). Dat heeft ervoor gezorgd dat het album minder chaotisch en ruimtelijker overkomt en samenhangend en gefocust klinkt. Bij ‘Broken social scene’ (2005) waren er te veel koks in de keuken hun eigen speciale gerechtje aan het bereiden. Op ‘Frr’ is het recept vantevoren besproken en een taakverdeling gemaakt, zodat iedereen uit kan blinken zonder dat het uit elkaar valt. Ondersteund door een mooie heldere productie en het feit dat McEntire de nadruk op andere details heeft gelegd: meer pop-feel en de electronica is wat naar voren geschoven.

De harmonieën, de gelaagdheid en uitbundige instrumentatie mogen ondertussen een Broken Social Scene-kenmerk heten, net als het enthousiasme waarmee het wordt gebracht. Ook de stijl van afwisselend groots uitpakkende nummers, zoekende jams en schattige, ingetogen songs is vastgehouden. En toch was het behoorlijk wennen aan die eigenlijk kleine maar ingrijpende veranderingen. Drieënzestig minuten en veertien songs lang word je herinnerd aan waarom je ze ook alweer zo goed vond. Het blijkt gewoon anders verpakt en beter in elkaar gestoken.

Een nummer klinkt als Pavement, een ander als Talking Heads (‘Forced to love’) of Flaming Lips (‘Texaco bitches’). In de immense instrumental ‘Meet me in the basement’ wordt op zijn Motorpsycho’s opstuwend naar een climax gewerkt, synthpopkanjer ‘All to all’ dwingt af dat de voetjes van de vloer gaan, in het pulserende ‘Sentimental x’s’ komen de vrouwelijke vocalen prachtig samen, ‘Highway slipper jam’ kabbelt akoestisch en sferisch als Yo La Tengo, ‘Sweetest kill’ en ‘Romance to the grave’ ademen luchtige melancholie en de afsluitende gewichtloze ballad is een grappige ode aan masturbatie (‘Me and my hand’).

‘Frr’ is dus een logisch, interessant vervolg. Een voortborduren op een gevonden geluid en uitkristalliseren van wat Broken Social Scene al was. Een bijzonder gezelschap met avontuurlijke muziek. Alleen laat de eerste helft horen dat ze ook sterke popmelodieën en echte liedjes in huis hebben en tonen de laatste songs hun bekende fragmentarische, eigenwijze smoel.

CuttingEdge SCORE: 4 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

* Band: Broken social scene
* Album: Forgiveness rock record
* Record company: CitySlang / V2 Music
* Jaar: 2010
* Track list: World sick / Chase scene / Texaco bitches / Forced to love / All to all / Art house director / Highway slipper jam / Ungrateful little father / Meet me in the basement / Sentimental x’s / Sweetest kill / Romance to the grave / Water in hell / Me and my hand
* Info: Broken Social Scene speelt op dinsdag 18 mei in de Amsterdamse Melkweg.
* Concert: Broken Social Scene presents Kevin Drew

© Cutting Edge — 16 May 2010
images © City Slang/V2

Link: CD review Broken social scene, ‘Forgiveness rock record’ (2010) bij CuttingEdge.nl

Recensie: Josh Ritter, ‘So runs the world away’

mei 12, 2010

Grote klasse

De uit Idaho afkomstige songbard had moeite met songs schrijven voor zijn vijfde studioalbum en opvolger van ‘The historical conquests of Josh Ritter’. Hij zat in een dipje. Ritter had bereikt waar hij altijd naar had gestreefd: veel optreden en als schrijver eindelijk op handen gedragen. Het voelde alleen niet goed, hij verloor het vertrouwen in zijn eigen kunnen en originaliteit. Josh heeft dus hard gezocht naar inspiratie en die ontdekkingstocht is ‘So runs the world away’ geworden. Er staat niet voor niets een negentiende-eeuwse stoomboot op de hoes. Maar ontdekken is hier ook een metafoor voor het eenzame leven, aldus Josh.

Het blijven melancholieke, folky en altcountry singer-songwriterliedjes natuurlijk. Toch zit er behoorlijk wat variatie in binnen de grenzen van het genre. Ritters wonderschone, hemelse stem krijgt gelukkig overal voorrang op de ontzettend rijke orkestratie. Van blazers tot loops tot belletjes tot piano en orgel. Hij schuurt soms tegen overorkestratie aan en het zijn ook vrij lange songs, waardoor het wel moeite vergt alles te behappen. Af en toe vinden wij: minder is meer.

Hoewel het een echte groeiplaat is en deze zich pas na meerdere keren luisteren werkelijk aan je openbaart en je ook moet wennen aan de ingeslagen weg van Ritter – al moet je dat eigenlijk met elk album omdat hij zichzelf nooit herhaalt – staan er ook direct goed in de oorschelp vallende liedjes op. Zoals het poppy ‘Change of time’ dat je meteen meezingt en het zwierig walsende ‘The curse’.

Zijn muzikale voorbeelden klinken nog steeds door: Bob Dylan in ‘Long shadows’, ‘Lark’ is qua zanglijn en omlijsting erg Paul Simon, in het rockende ‘Lantern’ horen we Bruce Springsteen terug en in ‘Rattling locks’ Nick Cave of Leonard Cohen. Ritter wordt altijd met deze (folk)beroemdheden vergeleken en hij maakt er ook dankbaar en humoristisch gebruik van, zoals in ‘Folk bloodbath’, waarin hij refereert aan Delia, Stagger Lee, Louis Colins en in het refrein met ‘the angels laid him away’ aan Mississippi John Hurt.

Het is onbetwistbaar Ritter die machtig mooie songs brengt op zijn manier. Vol emotie, puurheid, verhalend en literair, daarmee een eigen plek verdienend in de rij der groten. De ultieme albumparel is het bij de keel grijpende ‘Another new world’. De waterlanders springen spontaan in de ogen. Ritter onderstreept alleen al met dat nummer zijn enorme klasse en toont wederom aan dat hij één van de meest getalenteerde singer-songwriters van het moment is. Eentje die we grondig moeten koesteren. Prachtplaat!

CuttingEdge SCORE: 4 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

Details // CD:

* Band: Josh Ritter
* Album: So runs the world away
* Record company: V2
* Jaar: 2010
* Track list: Curtains / Change of time / The curse / Southern pacifica / Rattling locks / Folk bloodbath / Lock / Lantern / The remnant / See how man was made / Another new world / Orbital / Long shadows

© Cutting Edge — 12 May 2010
images © Pytheas/V2

Link: CD review Josh Ritter, ‘So runs the world away’ (2010) bij CuttingEdge.nl

Pitchfork tipt Nederlandse act NIKOO

april 29, 2010

Als Nederlandse band mag je toch wel heel trots op de borst kloppen als het toonaangevende Amerikaanse muziekplatform Pitchfork je tipt bij de lezers. Eindhovense noise-pop act NIKOO viel deze eer gister ten beurt. Hun track ‘Marquee’ staat te blinken in ‘Forkcast’, een overzichtje van de beste internationale opkomende artiesten volgens Pitchfork!

‘Marquee’ is te vinden op de gelijknamige debuut EP van NIKOO. Dit zes tracks tellende schijfje is vorige maand in eigen beheer uitgebracht en overigens nog steeds voor nop te downloaden via de bandsite.

NIKOO is de gloednieuwe band van Joep van Son, die wij natuurlijk kennen van onder meer the Very Sexuals en Sugarettes. Het was helemaal niet de bedoeling met NIKOO op de voorgrond te treden, maar dat kunnen ze nu natuurlijk wel vergeten. Dan maar de studio in deze zomer (augustus) om als the hell een volledig album te maken dat ‘Marquee’ gaat opvolgen. Want je moet het ijzer smeden als het heet is, nietwaar? Dat hebben de Eindhovenaren goed begrepen.

We laten je weten als het nieuwe album klaar is en te krijgen. Ondertussen zijn er op de MySpace site van de band alvast wat sketches voor nieuwe songs te beluisteren. Down vooral ff die EP, staat vol met noisy popsongs om de vingers bij af te likken! Zoals naast de getipte track ook ‘Cow’!

Gepost op 29 Apr 2010  door Monique van den Boogaard © Cutting Edge

Link:  ‘Telex: Pitchfork tipt Nederlandse act NIKOO’ bij CuttingEdge.nl

Recensie: Walls, ‘Walls’

april 25, 2010

Subliem mindblowing debuut

Sam Willis (Allez-Allez) en Alessio Natalizia (de ene helft van Banjo or Freakout) ontmoeten elkaar in 2009. Willis wordt gevraagd de single ‘Mr. no’ te remixen. De twee merken op dat de combinatie van Alessio’s gitaarspel en spookachtige, psychedelische vocalen met Sams emotievolle synthlijnen, obscure krautrockexperimenten en samplemanipulaties een magische, hemelse samensmelting oplevert. Ze beginnen files uit te wisselen en bijna moeiteloos ontstaan er prachtige songs. Willis – een van de mannen achter de innovatieve Londense elektronicablog en dj-team Allez-Allez én talentvol remixer van Hot Chip en Fever Ray – lekt in oktober een eerste track, genaamd ‘Burnt sienna’ (een andere versie dan op het album). Die wordt opgepikt, bewonderd door diverse blogs en ook de mensen van het Kompakt-label zitten meteen op het puntje van hun stoel. Binnen een paar maanden lag dit bloedmooie album ‘Walls’ er. Een verbluffend ambient-synthpopmeesterwerk met een zeker indiegevoel.

Walls rekt de grenzen van het genre op. Het is nog redelijk makkelijk om noisy moeilijke muziek te maken. Wat het duo zo ontzettend goed doet en onderscheidt van andere geluidskunstenaars, is dat ze ervoor zorgen dat het heel natuurlijk klinkt en ook nog melodieus en euforisch blijft. Melancholie wisselt met gemak af met hoop en een gelukzalig gevoel. De dikke klankwolken hebben iets kalmerends en wollig dromerigs als ze voorbijtrekken, maar zijn tevens licht swingend. Analoog vermengt zich met digitale grondlagen. Speelse gitaarloops, liefdevolle synths en krautrock, plagende of zalvende drums en heldere melodieën met shoegaze-ondertonen drijven voorbij als herinneringen. De productie is open en weids. Hypnotiserend organisch.

Albumopener ‘Burnt sienna’ is een van de mooiste nummers en bij een eerste draaibeurt pakt het je direct bij de oren. Een wervelend, atmosferisch nummer dat zich ontvouwt met een laag synths en basdrones en tot majestueuze hoogte stijgt. ‘Walls’ laat je de rest van de acht tracks niet meer los. In ‘Hang four’ spoort een slowmotion-techno met Allessio’s weelderige gitaarrifs. ‘Cyclopean remains’ klinkt alsof Animal Collective en Boards of Canada samen een jam hebben gemaakt: epische vervreemding en een verpletterende schoonheid op het hoogste cerebrale niveau.

Er zijn niet genoeg woorden te vinden om er lyrisch over te zijn. ‘Walls’ is een vernieuwend, verfrissend, werkelijk subliem en mindblowing debuut! De repeatknop vertoont inmiddels slijtage en we vrezen dat we ‘m moeten gaan vervangen. ‘Walls’ is verslavend onweerstaanbaar.

CuttingEdge SCORE: 5 van de 5 sterren

Monique van den Boogaard

Details // CD:

* Band: Walls
* Album: Walls
* Record company: Kompakt / N.E.W.S.
* Jaar: 2010
* Track list: Burnt sienna / Hang four / A virus waits! / Cylopean remains / Soft cover people / Strawberry sect / Gaberdine / Austerlitz wide open

© Cutting Edge — 25 Apr 2010
images © Kompakt

Link: CD review Walls, ‘Walls’ (2010) bij CuttingEdge

Telex: Totaalavond rondom genie Daniel Johnston: kunst, film & live muziek

maart 27, 2010

Wie ken hem niet, tekenaar en singer-songwriter en muzikant Daniel Johnston. Een underground legende uit West-Virginia die zijn cultstatus allang ontgroeid is. Geroemd door critici als een ware Amerikaanse original die in de voetsporen trad van Robert Johnson en Hank Williams. Gewaardeerd door collega’s als wijlen Kurt Cobain, die hem the greatest songwriter on earth noemde en altijd een T-shirtje van de man aan had. Ook Tom Waits en Sonic Youth kun je onder zijn eeuwige fans scharen.

Donderdagavond 1 april staat Paradiso (Amsterdam) geheel in het teken van Daniel Johnston. Dan wordt de aftrap gegeven van ‘BEAM me UP Daniel’, een programma rondom de Amerikaanse excentriekeling, waarmee Johnston en The BEAM (Brabants Ensemble Avontuurlijke Muziek) Orchestra in 18 dagen langs 14 Europese podia trekken.

De bezoeker kan deze totaalavond genieten van de bejubelde documentaire over zijn roerige, door manische depressiviteit geteisterde leven, ‘The Devil and Daniel Johnston’. In de kelder wordt Johnston’s kunst tentoongesteld, waaronder een selectie tekeningen. En tijdens een live show zal Johnston zowel solo als samen met het 11-koppige, Nederlandse BEAM orkest nummers uit zijn rijke oeuvre ten gehore brengen.

The BEAM Orchestra hercomponeerde en verzorgde alle arrangementen voor de collectie lo-fi, rauw omrande en vaak ontwapenende popliedjes van Johnston. ‘BEAM me Up Daniel’ ging vorig jaar succesvol in première tijdens November Music in W2, Den Bosch.

Om 19.00 uur gaan de deuren van Paradiso open. Om 19.30 uur mag het Belgische Tommigun de boel opwarmen met hun sfeervolle en vaak melancholieke indierock songs, door hen zelf omschreven als ‘heartbreakhangovertunes’. De film start om 20.00 uur en Johnston & co spelen vanaf 21.00 uur. Voor 22,50 euro exclusief lidmaatschap (3,50 per maand) ben je er bij!

Dit is de enige NL-show. Op 13 april kun je naar hetzelfde program in Ancienne Belgique (Brussel). De andere Europese tourdata vind je hier. Optredens van Daniel Johnston worden steeds spaarzamer, dus dit is een mooie kans om hem nog eens live te ervaren!

Uit deze samenwerking is de cd ‘BEAM me up’ voort gekomen, uitgebracht op Hazelwood Vinyl Plastics. De schijf is te koop tijdens de tournee en te bestellen bij Muzieklab (www.muzieklab.com).

Neem een voorproefje, bekijk de ‘BEAM me UP Daniel’ trailer.

Meer informatie en een berg YouTube filmpjes check je hier!

Gepost op 27 Mar 2010 door Monique van den Boogaard © Cutting Edge

Link: Telex bericht ‘Totaalavond rondom genie Daniel Johnston: kunst, film & live muziek’ bij CuttingEdge.nl

Yo La Tengo is terug: video première ‘Nothing To Hide’

augustus 19, 2009

Net zoals voor Sonic Youth en Blonde Redhead heb ik een eeuwige zwak voor Yo La Tengo, die drie Amerikaanse indierockers uit Hoboken (New Jersey), die zo mooie, dromerige en tegelijkertijd ook zo lekkere, noisy muziek maken. Jawohl, ze zijn er weer en je hebt hierbij de videoclip première te pakken van het gloednieuwe nummer ‘Nothing To Hide’… Check dat!

Nooit bezig met de mainstream, daar kun je Yo La Tengo zeker van betichten. Deze videoclip is dan ook opgenomen in een piepklein independent platenzaakje in Columbus (Ohio) genaamd Lost Weekend Records (hoe cool is die naam alleen al dan en een concept naar mijn hart!). Eigenlijk is het gewoon een registratie van een instore gig van de band. Alleen, het zijn de Yo La Tengo’s zelf niet… maar hun jongere Matador Records collega’s van Times New Viking vullen hun schoenen.

Begeleidende leuke quote van Times New Viking’s Adam Elliott (via Spinner): “Natuurlijk kunnen wij niet acteren, als mensen, maar we kunnen en zullen altijd in staat zijn om ons te gedragen als indierockers. Anders hebben we geen werk…”  

De videoclip voor ‘Nothing To Hide’ – geregisseerd door Pelham Johnston en Brandon Reichard – zit boordevol inside grapjes en speelt zich af in een vreemdsoortig parallel universum waar Yo La Tengo en Times New Viking van plek zijn verwisseld. En die Ted Nugent platen, kun je toch het beste gewoon in de vuilnisbak pleuren. Kijk maar eens, dan snap je die laatste opmerking ook daadwerkelijk. 

‘Nothing To Hide’ is afkomstig van het album ‘Popular Songs’, dat op 8 september verschijnt. Het smakelijke, orgel-swingende nummer ‘Periodically Double Or Triple’ had ik natuurlijk al eerder geplaatst. Overigens, kun je die MP3 nog steeds gratis binnentrekken. HIER.

En de nieuwe schijf ‘Born Again Revisited’ van Times New Viking is er op 22 september, kennelijk moet je die ook gehoord hebben. Daar later meer over, àls ‘ie goed is…

Overtreffen doet de clip van ‘Nothing To Hide’ die oude van ‘Sugarcube’ niet, maar hij is zeker vermakelijk! Het nummer zelf was inmiddels al in live uitvoering te beluisteren. Gooien we die er ook nog ff in. Kun je jezelf vast grondig voorbereiden op de Europese Yo La Tengo shows. Eén vooralsnog in NL: op 20 november tijdens Crossing Border.

Op déze nieuwe supergroep zitten we wel degelijk te wachten!

juli 3, 2009

Zap even terug naar de zomer van het jaar 2005. Lijkt al weer lang geleden, maar weet je nog? Led Zeppelin moest nog samen komen voor die reünie in de O2 Arena waar we nu nog van balen dat we daar niet bij waren (of eigenlijk moet dat natuurlijk überhaupt nog steeds ècht gaan gebeuren), de Foo Fighters hadden destijds een hit met hun nummer ‘In Your Honor’ en Queens Of The Stone Age bracht niet één maar twee albums uit en toerde zich gek. Maar het was ook het jaar dat Foo frontman Dave Grohl even een bom op ons hoofd gooide in een interview met Mojo Magazine

Nee, hij was niet bezig een reünie van Nirvana te plannen door een reality tv-serie over een zoektocht naar een vervanger voor Kurt Cobain aan te kondigen, al was dat wel een trend. Nieuwe frontmannen vinden voor oude vehikels. Grohl wilde een powertrio formeren met hemzelf achter de drumkit, wie anders, QOTSA’s Josh Homme op gitaar en….Led Zeppelins John Paul Jones op bas.

“Dat wordt het volgende album,” zo zei hij toen tegen Mojo. “Dat zou niet zuigen.”

Flits terug naar 2009 en het ziet er naar uit dat het er nog van gaat komen ook. Antiquiet rapporteert dat de drie rocksterren zich samen hebben opgesloten in een opnamestudio in Los Angeles en zich hebben vastgebeten in het (af)maken van een nieuwe plaat.

We weten niet hoe het supertrio gaat heten – Queens Of Led Foo? Stone Age Zeppelin Fighters? Stone Zeppelin Foo Queens? – wat de albumtitel wordt of wanneer het album in onze speler kan worden geschoven. Dat het stevige, vlammende rockmuziek wordt denken we wel te kunnen zeggen. En vooruit, we gaan voorlopig gewoon mee in Grohls idee en beamen dat deze schijf zéker niet zal zuigen. We verheugen ons vast, OK? Wellicht wordt het wel een ‘Songs For The Deaf’ meets ‘Zeppelin IV’ album!

Recensie: Malcolm Middleton – Waxing Gibbous

juni 30, 2009

malcolmmiddleton_waxgbkelmSoms hoef je niet rouwig te zijn als één van je favo bandjes uit elkaar valt, want het kan vaak resulteren in de opstanding van een paar nieuwe, sprankelende acts voor de prijs van één. Uiteraard werkte dat niet zo voor bijvoorbeeld The Libertines, maar uit het as van de Delgados kwamen zowel Emma Pollock als Alun Woodward (als Lord Cut-Glass) sterk naar voren met prima soloplaten. Zo ook bij het Schotse Arab Strap. Toen het Falkirk duo in 2006 gracieus maar een beetje mopperend afscheid van ons nam, was het bijna een gegeven dat tekstschrijver Aidan Moffat in zijn eentje genoeg te zeggen zou hebben. Inmiddels bewandelt hij zijn solopad dan ook succesvol. Maar zijn voormalige sidekick Malcolm Middleton is verworden tot een bitterzoete, eigenaardige songsmit met een cult reputatie gedurende de vier – en met ‘Waxing Gibbous’ vijf – solo albums die hij sindsdien uitbracht.

Maar de man heeft ons inziens een grote gave: om contrasten met gemak aan elkaar te verbinden. Hij pent over ‘the usual shite’ – doodnormale en mindere leuke zaken des levens – echter doet dat met gruwelijk depri teksten vol droog cynisme. Die treffende, weemoedige lyrics zijn dan weer verpakt in een laconiek muzikaal dekentje. Een vaak vrolijke omlijsting houdt zijn melancholieke songs prima behapbaar. Een goed voorbeeld van dat kunstje is zijn kerstsingle (compleet met dakloze kerstman in de videoclip) genaamd ‘We’re All Going to Die (Alone)’ uit 2007. Hij bereikte met dat ‘blije liedje’ per ongeluk bijna de eerste plek in de hitlijst. Maar ook op ‘Waxing Gibbous’ – de titel verwijst naar de maanfase voor volle maan en is optimistisch bedoeld – kan hij er weer wat van.

Vurige en melodieus florerende indiefolk liedjes, die comfortabel tussen het meer uptempo (zoals de aanstekelijke single ‘Red Travellin’ Socks, waarin Malcolm nog nooit eerder zo happy klonk), het tragere introspectieve (‘Carry Me’ bestaat voornamelijk uit een rouwige monoloog met trieste cello en is een mistroostige ode aan een kindertijd toen de toekomst nog veelbelovend leek en in ‘Box & Knife’ met donkere electro en ambient soundscapes klinkt hij nogal suïcidaal) en alles ertussen (‘Kiss The Station’ is een levendige, prettige ballad met een geïnspireerde midden sectie en vocale begeleiding) zweven. De electronische beats die her en der zijn ingezet (‘Zero’) voelen soms wat misplaatst aan.

Alleen in ‘Made Up Your Mind’ horen we Middleton volledig akoestisch met zijn verhalende monotone stem en dat blijft toch zijn beste pak om aan te trekken. Al kreeg Malcolm voor deze plaat levendige bijval van Arab Strap-lid Jenny Reeve en King Creosote (aka Kenny Anderson) voor schitterende backing vocalen, terwijl Barry Burns, één van de postrockgoeroes van Mogwai, hier en daar heel fijn aanvult met zijn sferisch gepluk. ‘Ballad Of Fuck All’ is ondertussen het ultieme nummer waar de singer-songwriter al die jaren naartoe lijkt te hebben gewerkt.

Dat is dan een mooi gegeven, want Middleton heeft laten weten dat hij voorlopig het leven als soloartiest achter zich wil laten en het hoog tijd vindt voor iets anders. Met deze laatste bedachtzame, charmante, somber-vrolijke en grappige plaat sluit hij zijn solo oeuvre dus af. Laten we hopen dat Malcolm iets anders vindt, iets instrumentaals of een nieuwe band met strijkorkest, want we genieten altijd zo van zijn input. Misschien moet hij zijn gediscontinueerde serie girlband covers weer oppakken. Maar laat hem niet stoppen, want we zouden hem schromelijk missen.

‘Waxing Gibbous’ is een soundtrack voor een luie, grijze Schotse dag en er valt toch nog wat te glimlachen. Zoals die wrang lachende, moeilijk kijkende maan op de hoes…

SPINNER SCORE: 79/100

Video: Dinosaur Jr. old school style!

juni 29, 2009

dinosaur-jrWe maken er geen geheim van dat we mega blij zijn dat Dinosaur Jr. – in originele bezetting – weer terug aan het front is. Hun nieuwe album ‘Farm’ is net verschenen. Als we die schijf beluisteren slaken we een diepe zucht van nostalgie. Fijn hoor! En de drie legendarische heren doen flink wat aan promotie de laatste tijd, om te laten weten dat ze het nog steeds hebben, die old school style rockgeest.

Bekijk de recente live uitvoering van het ‘Farm’-nummer ‘Pieces’ in het tv-programma ‘Last Night’ van talkshow host Jimmy Fallon maar eens. Overigens één van de hoogtepunten op het album. Ze gaan me toch een partijtje te keer. Op een bepaalde manier herinnert de opening aan klassieker ‘Freak Scene’ en voor het einde van het nummer doemen allerlei andere oude krakers in gedachte op.

Gitarist/zanger J. Mascis gaat met zijn witte, langere wapperende haren helemaal los voor een muur van versterkers. Bassist Lou Barlow kruipt zoals altijd in zichzelf, maar geniet er zo te zien weer van en drummer Murph trekt ook stevig van leer. Zo zien en horen wij van Spinner dat graag! We mogen de shizzle niet insluiten, dus HIER kun je hun live uitvoering nog bekijken.

Ondertussen geven we je wel de videoclip van nieuwste single ‘Over It’. Dat schijfje, met als b-kant de live versie van albumtrack ‘Tarpit’, is verkrijgbaar als 7 inch limited edition wit vinyl en als download.

PS: Vergeet niet dat Dinosaur Jr. in augustus in ons land is!

Ex-Pavement gitarist releast solodebuut als Spiral Stairs

juni 28, 2009

spiralstairshskSinds ons favo indierock bandje Pavement in 1999 uit elkaar ging, trok frontman Stephen Malkmus altijd het meeste aandacht als solo artiest. Maar de release van ‘The Real Feel’, het solo debuut onder de naam Spiral Stairs van Pavement gitarist (en oprichter/zanger van Preston School Of Industry) Scott Kannberg, zou daar nog wel eens flink verandering in kunnen brengen. Oordeel zelf en check de albumtrack en zeer prettige eerste single ‘Maltese Terrier’.

Spiral Stairs nummer doet nogal denken aan Pavements song ‘Cut Your Hair’ met die ‘bah bah bahs’ en lijkt wel voort te komen uit de jaren zeventig. Een vrolijk ritme, een psychedelische gitaarriff en een banjo onderbreking doen echter ook een beetje denken aan Modest Mouse ‘Bukowski’. Het is nogal een verschil vergeleken met de slaperige rock die Kannberg maakte met zijn eerste post-Pavement band Preston School Of Industry.

Download: Spiral Stairs ‘Maltese Terrier’ (MP3)

Het is een grappig liedje, catchy en vol gepropt met dezelfde humoristische teksten die Pavement zo verdomde goed maakte. En check die bizarre albumhoes! ‘The Real Feel’ verschijnt op 20 oktober bij Matador en bevat bijdrages van Broken Social Scene’s Kevin Drew, leden van de Posies en zijn Preston School Of Industry. Posies’ Jon Auer tekende voor de productie.

Kannberg werkte overigens al onder het pseudoniem Spiral Stairs vanaf het begin van Pavement en trad later ook als zodanig op. Alleen verschenen er onder die naam nooit albums van hem. Nu wel! Recentelijk gingen er ook geruchten over een mogelijke Pavement hereniging, hoewel Malkmus dat vooralsnog afhield met de legendarische woorden: “Misschien dat we over een jaar iets bescheidens doen, net als Led Zeppelin.”

Download een gloednieuw Fleet Foxes nummer

juni 28, 2009

fleetfoxes_pecknoldkyklAfgezien van een paar tracks onder de naam White Antelope, is het stil rondom lead zanger Robin Pecknold en de rest van de Fleet Foxes sinds ze de playlists en eindejaarslijstjes van 2008 overheersten met hun schitterende gelijknamige album. Pecknold is gestopt met zijn eens zo productieve geTwitter, maar voordat hij zijn archief delete, suggereerde hij nog net dat het hoog tijd was om serieus aan de slag te gaan met het pennen van nieuwe songs voor Fleet Foxes. Nou, je kunt er nu eentje voor nop downloaden!

Pecknold speelde afgelopen vrijdag namelijk een solo akoestische versie van een nieuw nummer tijdens een live sessie voor BBC 6 Music ten bate van een programma over het Glastonbury festival (waar de band dit weekeind speelt). Het is een klagerig en existentiëel, spookachtig finger-picked folkliedje in de geest van Neil Young, met de werktitel ‘Blue Spotted Tail’. Met dank aan Stereogum:

Download Fleet Foxes: ‘Blue Spotted Tail’ (MP3, Live bij BBC 6 Music)

Pecknold zingt het solo, dus die hemelse harmonieën van de andere Fleet Foxes moet je er maar even bij denken. Maar het geeft wellicht al een ideetje waar het heen gaat, op de nieuwe plaat. Komende dinsdag 30 juni staat de Americana groep overigens in Paradiso. Misschien dat het liedje daar ook ten gehore gebracht wordt… Kun jij alvast keihard meezingen, lol.

Verrassings EP ‘Got Nuffin’ van Spoon

juni 28, 2009

spoongotnuffinhskVerrassing! Merge heeft komende dinsdag iets tofs in petto voor de fans van Spoon! Namelijk een gloednieuwe EP met de eerste nieuwe opnames van de Amerikaanse indierockband sinds het verschijnen van het goed ontvangen album ‘Ga Ga Ga Ga Ga’ uit 2007. Het schijfje heet ‘Not Nuffin’ en is er op 30 juni. Maar er komt ook nog een speciale 12 inch versie van uit, ergens in juli. Het gekke is, dat het allemaal een beetje stiekem wordt uitgebracht…

Hoe aardig van ze, drie nieuwe songs van één van de coolste bandjes. Een beetje té misschien wel, want Merge had de songs al online staan op een speciale Amazon webpagina, waar de EP voor te bestellen was. Een dag nadat Stereogum over de release berichtte, is die pagina echter weer offline gehaald. Dat had kunnen betekenen dat de EP er niet kwam, maar het is bevestigd door Merge dat de EP dinsdag uitkomt. Dat dan weer wel. Het zal verkoop schelen misschien?

Anyhow, de EP verschijnt als cd en als download en bevat de drie nummers ‘Got Nuffin’, ‘Tweakers’ en ‘Stroke Their Brains’. Voordat die pagina down ging, hebben wij de songs nog nèt gehoord… De titeltrack klinkt als een schemerige rocker met veel percussie elementen over duisternis en schaduwen, ‘Tweakers’ als een lo-fi demo met een kast of emmer drumgeluid en ‘Stroke Their Brains’ alsof het nummer afkomstig is uit het brein van The Strokes.

De titeltrack werd vastgelegd door Nicolas Vernhes in de Rare Book Room. De twee andere b-kanten door Spoon zelf. De EP-cover zie je hierboven. Al is ‘Not Nuffin’ nu niet meer te bestellen via Amazon, je kunt ‘em inmiddels bij Merge Records in de webshop bestellen.

Recensie: Graham Coxon – The Spinning Top

juni 27, 2009

grahamcoxon_spinningtophskTerwijl Blur de Britse podia voor het eerst in vele jaren weer afschuimt, komt gitarist/multi-instrumentalist Graham Coxon met zijn nieuwe solo album ‘The Spinning Top’. Zijn inmiddels zevende schijf is naast een echt conceptalbum – 15 songs over het leven van een man vanaf de geboorte tot aan zijn dood – ook een merendeels erg ingetogen plaatje geworden. Veel meer met een folk inslag dan we van hem gewend zijn, want op eerdere werkjes als ‘Happiness In Magazines’ en ‘Love Travels At Illegal Speeds’ was het toch vooral rock wat de klok sloeg.

Weg zijn die schreeuwerige, schokkerige gitaar en punkriffs. Coxon ging op zoek naar zijn tedere kant. En toch is het een rijk plaatje. Dat komt niet zozeer door een uitbundige of uitgebreide instrumentatie, want de basis is eenvoudig weg akoestische gitaar en Coxons speelse, wat nasale en wankele zanglijnen met wat wiegende piano of andere gevoelige invullingen, maar eigenlijk alleen maar door Grahams fenomenale speel technieken. Vooral dat ingewikkelde ‘fingerpicking’ – check vooral het charmante ‘In The Morning’ – geeft de songs wat bijzonders. Daarmee herinnert hij aan de legendarische Bert Jansch.

Neem bijvoorbeeld ‘Feel Alright’, compleet met zijn ‘ba ba ba’ refrein en piano, dat is folk op zijn catchiest. Op ‘Look Into The Light’ lijkt Coxon de wedergeboorte van de fragiele Nick Drake. In ‘Sorrow’s Army’ komt dezelfde spaghetti western vibe terug als bij The Coral en The Zutons en Coxon eindigt op dramatische toon met ‘November’, met sfeervolle, minimale accordeon en gitaarklanken en een prachtig staaltje samenzang.

Slechts vijf tracks vallen buiten de folkboot: zoals het overwegend subtiele, vroege Super Furry Animals-eske popliedje ‘If You Want Me’ waarin plots wat ruiger, fuzzy gerockt wordt, het lekkere swamprockerige, broeierige nummer ‘Dead Bees’ of met calypso percussie gelardeerde ‘Perfect Love’ in de lijn van jaren zestig held Arthur Lee’s ‘Love’.

De eerdere kritiek op zijn wat simplistische teksten, heeft Coxon zich kennelijk aangetrokken. Hij verhaalt hier wel haast literair verantwoord over de liefde, het leven en het overlijden van een mannelijk hoofdpersoon. Al lukt het nog lang niet overal om tot introspectieve zielenroersels te komen zoals Bob Dylan of Drake kunnen (in ‘Perfect Love’ dweilt hij “I met you and you met me/ We sang in perfect harmony”). Zou Coxon misschien last hebben van een midlife crisis?

Onverwachts is een passend woord om ‘The Spinning Top’ mee aan te duiden. Zo verschillend van zijn andere platen en ook op de schijf zelf gaat het best veel kanten op binnen zijn gelegde folky muzikale kader. Het zal niet het ‘kopje thee’ zijn voor elke vroege Coxon fan, maar het is toch zeker wel één van zijn aardigste solo albums tot nu toe. Al willen niet alle songs in de bol blijven haken.

SPINNER SCORE: 78/100

Battles’ John Stanier bespreekt nieuw album

juni 27, 2009

battles_atibajeffersonkl

Het is meer dan twee jaar geleden dat ik van mijn sokken werd geblazen door het album ‘Mirrored’ van Battles, één van de meest bevredigend ondoorgrondelijke en ronduit brutale albums van de afgelopen tijd. Sindsdien heeft de Amerikaanse band over de hele wereld getoerd, van China tot New York en Australië. En nu zijn de vier muzikanten klaar er klaar voor om een nieuwe schijf te maken. In een interview met Pitchfork vertelt geniale drummer en Helmet-veteraan John Stanier – vaak de ster op het podium met zijn torenhoge bekkens en de intensiteit waarmee hij de stokken hanteert – wat we van het aankomende album kunnen verwachten.

Eerst hebben ze nog even genoten van hun welverdiende rust na het vele toeren, hoewel Stanier een deuntje meemepte op de nieuwe The Field, maar ondertussen zijn de New Yorkers begin dit jaar begonnen met het pennen van songs voor hun tweede plaat en de opvolger van ‘Mirrored’. Ze zijn ook al het repetitiehok in Brooklyn ingedoken en afgezien van twee onderbrekingen (een tournee in Zuidoost Azië in maart en nog wat shows in Australië in mei), zijn ze er zo’n tien uur per dag noest aan het werk.

Stanier denkt dat Battles eind van de zomer, begin herfst de studio in kan om nieuwe nummers vast te leggen. Ze zoeken nog een beetje naar de muzikale invalshoek. Want een ‘Mirrored 2’ maken, dat willen ze natuurlijk niet. “Het wordt veel radio-vriendelijker, meer voor de gewone man,” grapt Stanier. “Maar serieus, wie wil zich herhalen? Voor ons is het dan zoiets als, ehm… en nou?” Er zal in elk geval gebruik worden gemaakt van nieuw apparatuur, een ‘heleboel kleine gekleurde doosjes’, voor de sound: “echte nerd shit.”

Gitarist/bassist Dave Konopka heeft al wat kleine, soort van jaren tachtig loops verzonnen aan zijn keukentafel. “Ze zijn allemaal helemaal verschillend en super simpel. Mini voedende ideetjes en dan gaat iedereen zijn eigen dingen toevoegen. Voor je het weet is het een monsterlijk wangedrocht. Bij ons komt niemand met een volledig nummer.” vertelt Stanier.

Binnenkort staan er wat shows op stapel voor Battles. Daar zullen alvast nieuwe songs worden uitgeprobeerd, voordat ze in de studio op gaan nemen. “We hebben die druk nodig. Het zou jaren duren voor het album af was, als we ongelimiteerd de tijd zouden hebben om er aan te werken. We zullen tenminste de helft van de plaat live spelen.” Cool! Dan houden wij als een debiel YouTube in de gaten…

Terwijl we op ‘Mirrored 2’ wachten, brengt Battles’ zanger/gitarist/toetsenist Tyondai Braxton een soloplaat uit op 15 september.

Video: eerste live uitvoering Wilco & Feists ‘You And I’

juni 27, 2009

wilcofeistlive1klKomende dinsdag 30 juni is ‘ie er dan, de nieuwe Wilco schijf ‘Wilco (The Album)’. Nou vertelden we al over het duet van Jeff Tweedy en co met lieftallige zangeres Feist, dat er op staat. Afgelopen donderdag gaf Wilco een optreden in het Wiltern Theatre in Los Angeles. Daar brachten de Amerikaanse band en Feist voor het eerst buiten de studio het nummer ‘You And I’ ten gehore. Dankzij YouTube kunnen we nu net doen of we daar allemaal gewoon bij waren. Bekijk die video (en nog meer live spul)!

Maar we hebben nog meer live actie voor je. Wilco was een dag eerder – woensdagavond 25 juni – op bezoek bij de Amerikaanse talkshow van Conan O’Brien om het nieuwe, rootsy ‘Summerteeth’-achtige nummer ‘You Never Know’ te spelen (check Tweedy in dat knetter rode pak!): HIER te bekijken.

Bovendien is er vanavond voor nop om 23.00 uur een webcast te streamen van een gig van Wilco in de Greek Theatre in Berkeley (Californië). Deze is via de bandsite te bekijken en beluisteren, of je downloadt daar even de Wilco iPhone applicatie en je haalt de live stream naar je toe.

20 jaar The Stone Roses: Een lawine aan re-releases

juni 25, 2009

stonerosesExact twintig jaar geleden zette de madchester pioniers The Stone Roses de indie wereld op zijn kop. De zomer van 2009 staan dan ook grotendeels in het teken van het legendarische, psychedelische rockband uit Manchester. We vertelden al dat er luxe uitvoeringen van hun titelloze, klassieke debuutplaat op stapel staan. Daarvan nu ein-de-lijk de details. Maar er komen voorafgaand aan die heruitgaves ook nog vijf coole singletjes uit.

De luxe uitvoering van die eerste plaat verschijnt op 11 augustus in drie verschillende formats. Natuurlijk is er een enkele cd van het originele album, geremasterd door Stone Roses-frontman Ian Brown en producer John Leckie, met een full-lenght versie van grote hit ‘Fools Gold’. Daarnaast komt er een Legacy Edition beschikbaar, die naast het oorspronkelijke album ook een bonus schijf met demo materiaal bevat – zoals het nooit eerder verschenen ‘Pearl Bastard’ – en nog een DVD met de concertfilm ‘Blackpool Live’ uit ’89.

De hardcore fans gaan voor de Super Deluxe Limited Edition Collectors Boxset met alle bovenstaande opnames, plus drie vinyl LPs met de originele opnames en 13 extra tracks die de uiteindelijke albums destijds niet hebben gehaald. Daar krijg je nog een fotoboek bij, interviews met de band en beroemde fans zoals Oasis‘ Noel Gallagher en sterproducer Mark Ronson, en zes prints van schilderijen van gitarist John Squire voor de albumcovers van de singles van The Stone Roses.

stoneroses_collectorsbox
Bovendien is er ook een 2GB USB drive in de vorm van een citroen (!)
, waarop alle audio, promotionele video’s, ringtones, wallpapers, en ander niet eerder vertoond John Leckie homevideo materiaal van de opnamen van ‘Fools Gold’ te vinden zijn. De complete tracklist voor de luxe heruitgaves check je hier!

Deze re-releases worden voorafgegaan door vijf singles. ‘Elephant Stone’ uit ’88 is de eerste op 6 juli, opgevolgd door ‘Made Of Stone’ (13 juli), ‘She Bangs The Drums’ (20 juli), ‘Fools Gold’ (27 juli) en ‘One Love’ (13 augustus). Op de b-kant van elke single komt een niet eerder uitgebrachte track van The Stone Roses te staan. 
 

My Morning Jacket’s Jim James brengt George Harrison tribute EP uit

juni 25, 2009

jimjames_mymorningjacket
Amerikaanse indierock band My Morning Jacket doet niet zoveel op dit moment, maar de met een engelenstem gezegende frontman Jim James gebruikt die vrije tijd niet om een beetje rond te hangen en zijn gigantische baard te kammen. Nee, James maakt deze herfst een muzikaal uitstapje.

Nou berichtten we al over het langverwachte, naar de ‘superband’ genoemde album ‘Monsters Of Folk’, zijn samenwerkingsproject met Conor Oberst aka Bright Eyes, M. Ward en Mike Mogis, dat op 22 september verschijnt (via Rough Trade in Europa). Maar voordat deze schijf het daglicht ziet, krijgen we nog meer ‘nieuw’ songmateriaal van James te horen.

Op 4 augustus komt hij met de ‘Tribute To’ EP op de proppen, een album vol covers van wijlen Beatle George Harrison. Onder het schattig verzonnen ‘speudoniem’ Yim Yames. James heeft zes van zijn songs onder handen genomen. Twee van die nummers zijn jams die Harrison schreef, terwijl de anderen afkomstig zijn van Harrisons prachtige solo album ‘All Things Must Pass’.

Jim James nam de EP een paar dagen na Harrisons dood in 2001 op, dus zijn versies van de nummers liggen al een tijdje op de plank te wachten. James heeft alles zelf gedaan, de zang en de begeleiding op akoestische gitaar. In de liner notes noemt James Harrison “een uitstekend en voornaam voorbeeld van de helende werking van muziek.” Een deel van de opbrengsten van de EP komt ten goede aan de dieren begraafplaats van de befaamde Woodstock boerderij.

De tracklist bevat achtereenvolgens de songs ‘Long, Long, Long’, ‘Behind That Locked Door’, ‘Love You To’, ‘My Sweet Lord’, ‘Ballad of Sir Frankie Crisp (Let It Roll)’ en ‘All Things Must Pass’. Yim Yames’ uitvoering van ‘Behind That Locked Door’ is hier te beluisteren èn gratis te downloaden!
 

Nick Cave & Warren Ellis voorzien sekshandel docu van soundtrack

juni 25, 2009

nickcave&warrenellisDe Australische singer-songwriter Nick Cave en angstaanjagend bebaarde Bad Seeds/Grinderman/Dirty Three bandlid Warren Ellis hebben al wat soundtracks op hun naam staan. Samen voorzagen ze de door Cave gepende Western ‘The Proposition’ uit 2005 van prachtige verstilde muziek, even als de depressief klinkende neurochirurgie docu ‘The English Surgeon’ (2007), en het ondergewaardeerde meditatieve drama ‘The Assassination Of Jesse James’ (2007) van regisseur Robert Ford. En de twee zijn weer bezig.

Op hun MySpace pagina melden Cave en Ellis dat ze de muziek aan het maken zijn voor de soundtrack van ‘The Girls Of Phnom Penh’, die wordt omschreven “Matthew Watsons tweede film over de consequenties van Cambodja’s ‘maagdelijke sekshandel’.” Dat klinkt ongelooflijk niet cool, maar wel lekker drama zodat de soundtrack van beide heren vast en zeker goed zal passen. De nog in wording zijnde film moet ergens later dit jaar klaar zijn. Zie je wel dat die huidige pornosnor van Cave nog ergens van pas zou komen!

Ondertussen is er nog meer filmmuziek van het duo onderweg. Ze hebben tevens samengewerkt voor de muzikale ondersteuning van de nieuwste film ‘The Road’ van ‘The Proposition’-regisseur John Hillcoat, de verfilming van Cormac McCarthy’s post-apocalyptische roman uit 2006. Die er overigens behoorlijk vet uitziet (bekijk de trailer hier maar eens ff), ook al is het veel meer een dikke Hollywood blockbuster geworden dan dat het op het nogal grimmige boek zelf lijkt. Maar Viggo Mortenson heeft sinds ‘Hidalgo’ geen slechte flick gemaakt, dus ook deze zal wel goed vallen uiteindelijk. ‘The Road’ draait vanaf 16 oktober in de bioscopen.

En dan is er nog een tweede roman van Nick Cave onderweg, ‘The Death Of Bunny Monroe’, waar we eerder al over vertelden. Dat boek is er op 1 september. Bovendien heeft de fervente schrijver opnieuw een script geschreven, voor een absoluut raar ‘Gladiator’ vervolg, wat nog door iemand gemaakt moet gaan worden. Ow ja, Cave treedt tevens op met zijn Bad Seeds tijdens diverse zomerfestivals. Pffff, wat een drukke wildeman is het toch. Maar we verheugen ons er op!

Beastie Boys presenteren: ‘Hot Sauce’

juni 24, 2009

beastieboys_hotsauceDe Beastie Boys hebben eindelijk alle details van hun nieuwe, aankomende album bekend gemaakt! De opvolger van het instrumentale ‘The Mix Up’ uit 2007 heeft de titel ‘Hot Sauce Committee Part 1’ meegekregen en ligt vanaf 15 september in de winkels. Het album, in eerste instantie slechts ‘Hot Sauce Committee’ genoemd (betekent ‘Part 1’ overigens dat er wellicht ook een ‘Part 2’ komt?), bevat gastbijdrages van popdame Santigold (op ‘Don’t Play No Game That I Can’t Win’) en New Yorkse collega rapper Nas (op ‘Too Many Rappers’).

Nas voegde zich nog bij de Beastie Boys tijdens hun recente Bonnaroo festival optreden (bekijk een kort fragment) om dat nummer live te vertolken. Zoals gewend van de drie Boys staan er weer heel wat vintage, humoristische songtitels op de plaat, waaronder naast ‘Too Many Rappers ‘ ook ‘Crazy Ass Shit’, ‘Funky Donkey’, ‘Pop Your Balloon’, ‘Multilateral Nuclear Disarmament’ en ‘Nonstop Disco Powerpack’. Je bekijkt de illustere albumcover hierboven.

Een eerste smaakje van de hete saus hebben we inmiddels mogen proeven in de vorm van albumtrack ‘Lee Majors Come Again’, die we eerder plaatsen. Ch-ch-ch-check it out, HIER.

De complete tracklist voor ‘Hot Sauce Committee Part 1’:

01. ‘Tadlock’s Glasses’
02. ‘B-Boys In The Cut’
03. ‘Make Some Noise’
04. ‘Nonstop Disco Powerpack’
05. ‘OK’
06. ‘Too Many Rappers’
07. ‘Say It’
08. ‘The Bill Harper Collection’
09. ‘Don’t Play No Game That I Can’t Win’
10. ‘Long Burn The Fire’
11. ‘Bundt Cake’
12. ‘Funky Donkey’
13. ‘Lee Majors Come Again’
14. ‘Multilateral Nuclear Disarmament’
15. ‘Pop Your Balloon’
16. ‘Crazy Ass Shit’
17. ‘Here’s A Little Something For Ya’

‘Hot Sauce Committee Part 1’ is echter niet het enige album van de Beasties dat we dit jaar krijgen voorgeschoteld. Deze zomer verschijnen namelijk ook nog heruitgaves van klassiekers ‘Ill Communication’ (1994, op 14 juli) en ‘Hello Nasty’ (1998, op 25 augustus). Beide re-releases komen uit als dubbel-cd en als vinyl box.

In première: de nieuwe Bloc Party single

juni 23, 2009

blocparty_onemorechanceNa hun albums ‘Intimacy’ en ‘Intimacy’ Remixed’ arriveert Bloc Party’s single ‘One More Chance’ op 8 augustus via Wichita. Niks geen remix van een bestaande track, maar gloednieuw werk van het Engelse indierock kwartet. Het nummer werd geproduceerd door Jacknife Lee, die tevens achter de knoppen zat voor de albums ‘Intimacy’ en ‘A Weekend In The City’, en gemixt door Philippe Zdar (werkte mee aan het nieuwe Phoenix album). Check ‘em nu al!

En hoe klinkt ‘One More Chance’? Nou ging ‘Intimacy’ al aardig de dansbare kant op, dit nummer gaat nog een stapje verder. De gitaren zijn bijna geheel aan de kant gesmeten en hebben plaats gemaakt voor een opdringerige, old school house pianoriedel. Het is dat Kele Okereke’s stemgeluid zo herkenbaar is, anders hadden we gedacht te maken te hebben met een flauwe jaren tachtig act.

Wij van Spinner zijn na een paar draaibeurten niet overtuigd van de nieuwe single. Wat ons betreft is het gewoon een staaltje goedkope eurohouse, bedekt met de allesverhullende mantel der innovatiedrang… Ieder voor zich natuurlijk, maar wij horen liever de oude, avontuurlijke Bloc Party. Retro is OK, maar dit? Hoewel best catchy, niet geweldig. Wat vinden jullie ervan? Laat je commentaar onder dit artikel achter. 
 
 

Luxe heruitgaves Radioheads ‘Kid A’, ‘Amnesiac’, ‘Hail To The Thief’

juni 22, 2009

radioheadcomklHoewel Radiohead alle contractuele banden heeft verbroken met EMI/Capitol Records, is de major nog lang niet klaar met de Britse band. De platenmaatschappij heeft natuurlijk nog steeds de beschikking over de gehele pre-‘In Rainbows’ albumcatalogus. En natuurlijk valt daar nog veel geld mee te verdienen, dus wat doen je dan? Juist, luxe heruitgaves van oude Radiohead platen uitgeven.

Vorig jaar kwam het label al met een ‘Greatest Hits’-verzamelaar, zonder toestemming van Radiohead. Dat ding hadden we echt wel kunnen missen. Maar in maart van dit jaar bracht Capitol een uitgebreide dubbelaar en drie schijven versie uit van elk van hun eerste drie platen met een belachelijke berg aan bonusmateriaal (zo’n beetje elke b-kant en rariteit die maar te vinden was), en dat was wèl een geweldige re-release. Pitchfork gaf de ‘The Bends’ en ‘OK Computer’ versies zelfs een tien!

Dus het kan twee kanten op, weer zo’n slechte re-release of een goeie. Op 24 augustus verschijnen de luxe heruitgaves van de opvolgende drie Radiohead albums: ‘Kid A’ (2000), ‘Amnesiac’ (2001) en ‘Hail To The Thief’ uit 2003. En opnieuw beloofd Capitol een heleboel b-kantjes, live songs, studiosessies en alles wat verder niet op de platen terecht is gekomen aan songmateriaal. De iets luxere, speciale Collectors Edities bevatten ook een DVD met muziekvideos en tv-optredens van Radiohead.

Elk Radiohead album na ‘Pablo Honey’ is eigenlijk een meesterwerk, zelfs ‘Hail To The Thief’ heeft zijn sterke momenten. Hier check je wat er allemaal bij zit. We wachten dus met smart op deze heruitgaves, of de band er nou blij mee is of niet…helaas…

Nieuw Living Colour album!

juni 22, 2009

livingcolour_fabricebatskl

Living Colour heeft de laatste hand gelegd aan een nieuw album, hun vijfde in hun gehele carrière en hun eerste schijf in zes jaar tijd. De opnames werden gedaan in Tsjechië met de bezetting waarin de veteranen band de laatste jaren weer veelvuldig optreedt: gitarist Vernon Reid, zanger Corey Glover, drummer Will Calhoun en bassist Doug Wimbish.

De nieuwe schijf, de opvolger van ‘CollideØscope’ uit 2003, heeft de titel ‘The Chair In The Doorway’ meegekregen en verschijnt op 15 september via Megaforce. Natuurlijk zal de plaat hun bekende, opzwepende cocktail van funk, metal, rock en soul bevatten. Volgens Reid is ‘het album het beste wat ze ooit hebben gemaakt’.

Living Colour, in 1983 opgericht, brak eind jaren 80 door met de single ‘Cult Of Personality’ van hun debuutalbum ‘Vivid’. Ook het nummer ‘Love Rears Its Ugly Head’ scoorde behoorlijk. Na drie albums viel de Amerikaanse band uit elkaar in 1995, echter kwam in 2000 toch weer bijeen. Living Colour wordt beschouwd als één van de belangrijkste bands achter de Black Rock Coalition.

Vanaf september staat er een uitgebreide wereldtournee op stapel. Op 14 augustus geeft Living Colour al een optreden in het Patronaat (Haarlem) en een dag later tijdens Pinkpop Classic in Landgraaf.

Recensie: Patrick Watson – Wooden Arms

juni 21, 2009

patrickwatson_woodenarmsHoewel de Canadese singer-songwriter, zanger en pianist zich op zijn derde album Patrick Watson & The Wooden Arms noemt – met naast hem gitarist Simon Angell, drummer Robbie Kuster en bassist Mishka Stein – is er niet al te veel veranderd. Eigenlijk begint ‘Wooden Arms’ gewoon waar de bejubelde voorganger en zijn doorbraakplaat ‘Close To Paradise’ ophield. Vond je het destijds als te veel van het goeie, met al die opsmuk en geluids tierlantijntjes, dan laat deze maar liggen. Maar voor wie dat goed smaakte is hier een nieuw muzikaal avontuur in de vorm van ‘Wooden Arms’, waarvoor Watson en co meer instrumenten dan ooit hebben aangesleept.

Watson gooit nog een extra schepje op zijn uitbundige popsongs met klassieke en indierock invloeden. Maar dat uitgebreide, rijke instrumentarium – veel violen, een arsenaal aan tegendraadse huis-tuin-en-keuken percussie, banjo, djembé, allerlei getingel en wat al niet meer – ligt er niet altijd dik boven op. Watson weet het toch vaak intiem en persoonlijk te houden met subtiele, dromerige arrangementen. De minitieus neergelegde details vallen pas ècht op als je de oren dicht op de speakers drukt. Moet je trouwens wel mee opletten, want er komt ook onverwachts wat noise tussendoor of een nummer wordt op een andere manier, hoewel ingewikkeld nog steeds elegant en delicaat, opgebroken.

Het wonderschone popnummer ‘Big Bird In A Small Cage’ is zonder meer de hoogvlieger op ‘Wooden Arms’ en schaart zich onder de beste songs die iemand als Sufjan Stevens ook pent, met bijval van een tokkelende banjo en breekbare vrouwelijke vocalen van gastzangeres Katie Moore. Daar staat een soort aan Tom Waits denkende, potten-en-pannen percussie gedreven, wat duistere track als ‘Machinery Of The Heavens’ tegenover. Iets heel anders, maar toch even indrukwekkend, vooral door Watsons onschuldig, ijl klinkende zang.

In sprankelende, akoestische folksong ‘Man Like You’ herinnert hij prettig aan Nick Drake en Elliot Smith en ook op de wiegende pianowals ‘Wooden Arms’ drijft je in gedachten ver weg van hier. Net als op het schitterende ‘Fireweed’, dat in IJsland is opgenomen en dus een gevoel van eenzaamheid herbergt. Echter ook onrust waart rond. Luister maar eens naar het filmische ‘Beijing’ met die opgejaagde pianopartijen (met fietsen erin verwerkt). De twee instrumentals, zijn wat ons betreft de wat mindere songs op ‘Wooden Arms’. ‘Down At The Beach’ is dan wel spannend, maar dat effect over zijn prachtige, emotievolle stem irriteert.

Of deze plaat Watson en zijn Wooden Arms nou bij wijze van de Top 40 in gaat helpen, betwijfelen we ten zeerste. Zo toegankelijk is het niet. Je moet het even op je in laten werken, al zijn er tevens wat bloedstollende momenten die je meteen bij de keel grijpen. Hij toont juist veel meer zijn experimentele kant, waardoor hij abstracter en gekunstelder overkomt, wat vast niet al te goed valt bij de doorgaanse mainstream meute. De liefhebbers van Watson kunnen echter een vreugdesprongetje maken, want ik vreet mijn schoenzool op als zij deze schijf niet totaal diggen. Een begeesterende, fantasievolle trip, die je het beste in zijn geheel tot je neemt.

SPINNER SCORE: 84/100 
 
 

 
 
 

Black Lips + King Khan + BBQ = The Almighty Defenders

juni 21, 2009

theallmightydefendersVaak ontstaat er ook een mooie vriendschap uit doffe ellende. Weet je nog dat Black Lips een flink drama meemaakten in India, doordat ze zo’n heftige show neerzetten op het podium van één van de zalen waar ze speelden tijdens hun tournee? Een lang verhaal kort: in India zijn ze niet gewend dat je je blote achterste laat zien aan het publiek, vandaar dat de tour werd afgekapt en de Lips moesten vluchten voor de autoriteiten om uit de bak te blijven. Nou, de vier garagerockers kwamen veilig aan in Berlijn en zochten hun toevlucht bij de eveneens garagerockers King Khan en BBQ (aka Mark Sultan).

En als je dan toch met zijn allen op de bank zit in die Duitse stad, kun je ook net zo goed samen wat muziek gaan maken om die vervelende situatie een beetje te vergeten. Zo geschiedde. Die spontane combinatie beviel echter zo goed, dat de zes er een album van hebben gemaakt en die uitbrengen als band, genaamd The Almighty Defenders.

Het album, dat ook ‘The Almighty Defenders’ heet, verschijnt op 22 september via Vice Records. Ze hebben de smaak aardig te pakken, want de nieuwe ‘supergroep’ heeft het eerste optreden er inmiddels op zitten. The Almighty Defenders speelde op 17 juni een show tijdens het NXNE festival in Toronto. De zes bandleden droegen lange koorgewaden?! Het zal ermee te maken hebben dat ze hun muzikale cocktail omschrijven als ‘evil gospel’… Al wijken ze toch niet zo ver af van de gewoonlijke, vettige garagerock sound.

Check live beelden van die The Almighty Defenders debuutshow: 
 
 
 
 

Het ‘Incident’ van Porcupine Tree

juni 21, 2009

porcupinetree_theincidentDe Engelse prog-rock band Porcupine Tree heeft de opnames voor hun tiende studioalbum afgerond. De plaat, die de titel ‘The Incident’ mee heeft gekregen, wordt een dubbelalbum en verschijnt op 18 september. Opmerkelijk is dat de titelsong de gehele eerste cd in beslag neemt. Het 55 minuten durend, muzikaal statement wordt door zanger/gitarist/songwriter Steven Wilson omschreven als ‘een lichtelijk surrealistische songcyclus over begin en einde, en het gevoel dat na dit de dingen nooit meer hetzelfde zullen zijn.’

Het door Wilson zelf geproduceerde album wordt gecompleteerd door vier andere composities, die voortvloeiden uit schrijfsessies in december 2008. De nummers ‘Flicker’, ‘Bonnie The Cat’, ‘Black Dahlia’ en ‘Remember Me Lover’ staan dan ook op een aparte cd van EP-lengte, om te benadrukken dat ze losstaan de ‘songcyclus’.

Het idee voor ‘The Incident’ ontstond toen Wilson in een file vaststond en langs een auto-ongeluk reed: “Naderhand besefte ik me dat ‘incident’ een heel afstandelijk woord is voor iets wat zo vernietigend en destructief is voor de mensen die het meemaken. De ironie van zo’n kille expressie voor een heftige gebeurtenis fascineerde me en ik ging op zoek naar andere ‘incidenten’ in de media en het nieuws. Ik schreef over de bevrijding van een groepje meisjes van een religieuze sekte in Texas, een familie die hun buren terroriseerde, een lijk wat was gevonden tijdens een vis-uitje, en meer. Elk nummer is geschreven vanuit de eerste persoon, en probeert de afstandelijke mediareportage te ‘humaniseren’.”

Maar Wilson gebruikte ook andere persoonlijke ervaringen om inspiratie op te doen voor de songs; een verloren vriendschap, zijn eerste liefde, een seance en de dag dat hij besloot te stoppen met werken om muzikant te worden. De opnamesessies vonden plaats na die voor Wilson’s eerste soloalbum ‘Insurgentes’. In zijn eentje werken was van invloed op het geluid van ‘The Incident’: “Ik denk dat dit album donkerder, uitgebreider en meer experimenteel is, maar als ik voor Porcupine Tree schrijf weet ik precies welke sound ik wil hebben” aldus Wilson.

Porcupine Tree – naast Wilson bestaand uit Gavin Harrison (drums), Colin Edwin (bas) en Richard Barbieri (keys) – nam een videocamera mee de studio in. De beelden zijn op de labelsite terug te zien. Vlak na de release via Roadrunner onderneemt Porcupine Tree een intensieve wereldtournee. Op 12 oktober staan ze op de planken van de Heineken Music Hall in Amsterdam. 
 
 
 

Radiohead en Wilco-leden, Johnny Marr releasen nieuwe songs via benefiet-cd

juni 20, 2009

7worldscollideOp tien augustus verschijnt het tweede deel van het toffe 7 Worlds Collide project van Crowded House frontman Neil Finn. De benefiet-cd ‘The Sun Came Out’, een dubbelalbum met origineel songmateriaal van diverse artiesten ten bate van het goede doel Oxfam, bevat een aantal zeer interessante bijdrages… Waaronder het nummer ‘The Ties That Bind Us’, waarin Radiohead-drummer Phill Selway zijn vocale debuut maakt!

Ook Radiohead-bassist Ed O’Brien heeft een track bijgedragen net als geroemd gitarist Johnny Marr, die na een tijdje bij Modest Mouse gespeeld te hebben momenteel vast bandlid is van Britse rockband The Cribs, maar die we natuurlijk vooral kennen als snarenplukker van The Smiths.

Bovendien hebben Wilco’s Jeff Tweedy en Schotse singer-songwriter KT Tunstall een muzikale duit in het zakje gedaan. En Finn’s zoon Liam Finn, niet te vergeten. Marr en Tweedy zijn daar boven op ook nog eens samen te horen in het nummer ‘Too Blue’ en KT Tunstall en Neil Finn sloegen de handen ineen voor het liedje ‘Hazel Black’.

Begin januari werden er tussen de opnames door, met Jim Scott achter de mengtafel, al enkele live gigs gegeven in Nieuw Zeeland ter ondersteuning van het 7 Worlds Collide project. Je kunt dat hier nog terugkijken, met onder meer een Selway op akoestische gitaar en zang. Op de MySpace stek van 7 Worlds Collide kun je wat korte videoclips van de opnames van wat nieuwe songs checken.

We raadden je even geleden ook al van harte de benefiet-verzamelaar ‘Dark Was The Night’ aan en dat was me toch een briljantje van een goede doel cd. We doen nu hetzelfde met deze Oxfam verzamelaar, want zeg nou zelf, hoe vaak krijg je een nou plaat voor je kiezen met nieuw materiaal van bandleden van The Smiths, Radiohead en Wilco? Juist, nooit. Kopen dat ding dus! Zuip je maar een dagje wat minder in je vakantie.

De volledige ‘The Sun Came Out’ tracklist wordt:

* CD 1:
 
01. ‘Too Blue’
02. ‘You Never Know’
03. ‘Little By Little’
04. ‘Learn to Crawl’
05. ‘Black Silk Ribbon’
06. ‘Girl, Make your Own Mind Up’
07. ‘Run In The Dust’
08. ‘Red Wine Bottle’
09. ‘The Ties That Bind Us’
10. ‘Reptile’
11. ‘Bodhisattva Blues’
12. ‘What Could Have Been’

* CD 2:
 
01. ‘All Comedians Suffer’
02. ‘Duxton Blues’
03. ‘Hazel Black’
04. ‘Riding The Wave’
05. ‘The Witching Hour’
06. ‘Over And Done’
07. ‘Change of Heart’
08. ‘Don’t Forget Me’
09. ‘Long Time Gone’
10. ‘The Cobbler’
11. ‘3 Worlds Collide’
12. ‘The Water’

Recensie: The High Strung – Ode To The Inverse Of The Dude

juni 20, 2009

thehighstrung_odeThe High Strung uit Detroit heeft al een lange muzikale weg bewandeld. Hun debuutalbum ‘These Are Good Times’ was een rommelige, luide en af en toe onaangename maar tegelijkertijd coole luisterervaring. Het leek wel of de essentie van de rebelse tiener garagerock geest op een plaat was samengepakt. Het destijdse viertal verloor een bandlid en had als trio wat moeite om hun veel slappere opvolger ‘Moxie Bravo’ de deur uit te krijgen. Gelukkig kwamen de drie terecht bij het bluesy, hippie labeltje Park The Van Records. De derde schijf ‘Get The Guests’ was het ook niet helemaal, hoewel al veel beter, maar op deze nieuwe plaat blijkt The High Strung zich eindelijk volledig hervonden te hebben.

Dat is mede te danken aan de sturende inspanningen van de producer. ‘Ode To The Inverse Of The Dude’ werd net buiten Toronto opgenomen met hete knoppen wizard David Newfield (Broken Social Scene, Los Campesinos!, Super Furry Animals). ‘Ode’ combineert dromerige geluiden en (de psyche onder)zoekende teksten met de grootsheid van een rockband, al zijn de rockinvloeden nu wat verder naar de achtergrond geschoven om hun wonderschone folkpop zijde wat meer te tonen. Het ene moment klinken er gepolijste, sprankelende en zonnige alt.pop songs, het andere moment lievige, lo-fi popliedjes (als ‘Anyone’).

Gitarist/zanger Josh Malerman heeft een paar van zijn meest persoonlijke songs geschreven (check ‘I Got Your Back’ en ‘Rope’), in ‘Out Of Character’, in ‘Guilt Is How I’m Built’ waart de oude Motown soul rond en er wordt afgesloten met een all over the place soort van eclectisch instrumentaaltje in de vorm van ‘House Party’. Maar niet alleen Malerman is qua songwriten goed bezig, de ritme sectie (Chad Stocker en Derek Berk) demonstreert hoe een drum en bas duo het pittig en groovy moet houden zonder opgefokt of haastig aan te horen. De eerlijke levendige emoties, de zweetdruppels en de tranen van geluk die het maken van ‘Ode’ ongetwijfeld gekost hebben zijn voelbaar in de nummers.

De liedjes komen nonchalant over, maar zijn uitgedachte, pure en melodieuze songstructuren. De uitbundige blijheid die de Flaming Lips ook tentoonspreidt komt het duidelijkst naar voren in hoogtepunt ‘Standing At The Door Of Self Discovery’, de hoekige gitaarlijnen met psychedelische intermezzos doen denken aan Built To Spill en de harmonieuze samenzang van de drie zou Teenage Fanclub aardig jaloers maken.

Omdat het zo mooi samensmelt, door de warme sound en onderliggende tederheid in elke compact gehouden track (geen een gaat over de 3 minuut 30) en dat toegankelijke kan ‘Ode’ zo maar aan je oren voorbij trekken. Maar dat zou niet eerlijk zijn, om dit album af te doen als een vrolijk niemandalletje, want The High Strung verdient simpelweg de aandacht. Het is hun meest uitgebreide en experimentele album tot nu toe en zet zelfs hun twee voorgaande platen in een ander daglicht. Ineens vat je de aanloop naar ‘Ode’ en waardeer je die ook veel meer. Een tof plaatje voor liefhebbers van T. Rex, Guided By Voices en bovenal Of Montreal.

SPINNER SCORE: 79/100
 

VET voorproefje op de nieuwe Polvo plaat!

juni 19, 2009

We brachten je eerder deze maand al het erg heuglijke nieuws dat Amerikaanse prognoise rockband Polvo weer terug aan het front is. De eerste plaat sinds 1997 staat in de steigers voor na de zomer. We hebben een eerste voorproefje van ‘In Prism’ te pakken en man man man, wat hebben we ze gemist! Het nummer ‘Beggar’s Bowl’ klinkt als in those good old days!

polvo_inprismHet grootste deel van de opvolger van ‘Shapes’ werd in maart 2009 met producer Brian Paulson opgenomen in Echo Mountain in Asheville, nabij thuishaven Noord Carolina. Daarna zijn er nog wat sessies gedaan in Carrboro in mei. De plaat telt 8 nieuwe songs met beeldende titels als ‘Right The Relation’, ‘City Birds’ en ‘A Thousand Waves’ (de volledige tracklist vind je hier).

‘Beggar’s Bowl’ laat een Polvo in bloedvorm horen. Het nummer is zo’n typische, serieuze post-Slint knaller vol energie en gitaargeweld met van die dwarrelende dissonanten. Van het soort theatrale mathrock kunstjes, die we tegenwoordig veel te weinig meer tegen komen. Je mag ‘em niet alleen beluisteren, maar ook fijn voor nop vast van het net trekken:

Download ‘Beggar’s Bowl’ (MP3)

Check trouwens ook meteen even hun live sessie bij ‘We Have Signal’ van een maandje geleden. Gratis online, hiero. Lekker! Welcome back guys… We wachten geduldig tot het 8 september is, als ‘In Prism’ verschijnt. Maar ook de Nieuw Zeelandse postpunkers van The Clean brengen dan de eerste nieuwe schijf in acht jaar tijd uit bij hetzelfde label, Merge Records.

Polvo, opgericht in 1990, bestaat uit zangers/gitaristen Ash Bowie en Dave Brylawski, bassist Steve Popson en drummer Eddie Watkins. Er kwamen twee albums en twee EP’s uit bij Merge, waarna nog twee platen bij Touch & Go volgden voor de band in 1997 uiteen ging. De mannen stonden vorig jaar samen opnieuw op de planken (met invaldrummer Brian Quast) voor een gig tijdens All Tomorrows Parties, gecureerd door Explosions In The Sky.